Buiten zwemmen

Om zeven uur 's ochtends staan vanaf 1 mei, wanneer het seizoen begint, de eersten klaar voor een duik in het buitenbad van het De Miranda-zwembad in Amsterdam-Zuid. Jaarlijks verkiezen gemiddeld 80.000 zwemmers vanaf mei tot eind augustus het buitenbad boven het subtropische binnenbad dat in de jaren zeventig werd aangelegd.

De toenmalige Amsterdamse wethouder sportzaken Verheij droomde van een 'Costa del Sud' in Amsterdam-Zuid. Ruim twintig jaar later droomt het bestuur van het stadsdeel Rivierenbuurt van een super 'Costa del Sud' met onder andere een tachtig meter lange slurfglijbaan, natte en droge horeca, waarbij de natte horeca betekent dat bezoekers in het water van hun drankje kunnen genieten, en fitnessapparatuur.

Er werd een projectmanager aangetrokken die twee jaar geleden voorspelde dat het vernieuwde De Miranda-binnenbad tot een 'bloedstollende en bloeddrukverhogende sensatie' zal leiden. Totale kosten van het project: 16,4 miljoen gulden. In deze kosten zijn niet de vijf ton verrekend die nodig zijn om het buitenbad aan te passen aan de milieu-eisen van deze tijd. Want als het aan het stadsdeelbestuur ligt, sluit het buitenbad eind augustus definitief en komt daarvoor in de plaats een 25-meter binnenbad met een beweegbaar dak. Dat nu wil de Vereniging Buitenzwemmers De Mirandabad koste wat kost voorkomen.

Bij de opening in 1932 van het De Mirandabad, vernoemd naar de legendarische sociaal-democratische wethouder publieke werken en volkshuisvesting S.R. de Miranda, telde het zwembadcomplex vier vijftig-meter buitenbaden, waarvan alleen het huidige nog in gebruik is. De andere buitenbaden zijn in de loop der jaren gesloopt. Het bezoekersaantal van het binnenbad-complex bedraagt jaarlijks gemiddeld 190.000 maar dit is dan ook het hele jaar open.

In het stadsdeel Rivierenbuurt wonen 28.000 mensen. Maar niet alleen zij maken gebruik van het De Mirandabad - ook bewoners van De Pijp, Zuid, Buitenveldert, Watergraafsmeer en Oost trekken ernaartoe. Het is de tegenstanders van sluiting van het buitenbad een doorn in het oog dat het stadsdeelbestuur een besluit neemt dat zovelen buiten dit stadsdeel regelrecht treft. Zij weten zich gesteund door de secretaris-generaal van het ministerie van Algemene Zaken, L.A. Geelhoed, die in een gesprek met het maandblad van de Bank Nederlandse Gemeenten dat vandaag verschijnt, opmerkt: “Wanneer het zwembad een uitstraling heeft boven het niveau van de stadsdeelraad, dan moet je als gemeenteraad van de centrale stad (...) de regie kunnen overnemen.”

Inmiddels heeft het stadsdeelbestuur zich tot de centrale stad gewend, want het komt 1,8 miljoen gulden te kort om de toekomstige 'bloedstollende en bloeddrukverhogende sensatie' te realiseren. De raadscommissie sportzaken buigt zich deze maand over het verzoek. Als de commissie het geld zonder meer toewijst verdwijnt het laatste buitenbad in de zuidelijke schil van de stad. Er is nog een mogelijkheid: het stadsdeel krijgt de benodigde 1,8 miljoen gulden mits het buitenbad openblijft. Immers, een gecombineerde exploitatie biedt doorgaans de beste kansen op een gunstig rendement.