Zuid-Afrika houdt van Van Veen

Afgelopen weken was Herman van Veen op tournee in Zuid-Afrika. Hij trad er op voor een blank publiek dat hem aanbad. “Baie dankie, baie dankie” zeggen ze eerbiedig. Van Veen is niet alleen naar Zuid-Afrika te gekomen uit artistieke overwegingen, maar ook om te helpen “het Afrikaans los te maken van het belaste verleden.”

BLOEMFONTEIN, 27 MEI. Liefde van twee kanten. Zuid-Afrika houdt van Herman van Veen, Herman van Veen houdt van Zuid-Afrika. Drie weken lang toerde de zanger door het land dat aan het eind, afgelopen zaterdag, aan zijn voeten lag. De kunstcriticus van het toonaangevende dagblad The Star zei dat de “reizende troubadour' uit Nederland zijn publiek “betoverde'. Van Veen lanceerde tijdens de toernee een Afrikaanstalige cd en denkt nu aan optredens in de Zulu-taal.

De show van Herman van Veen is een combinatie van voor Nederlanders bekende kost: eigen liederen ('Anne') en ballades van Jacques Brel ('Liefde van Later') en nieuwe, op Zuid-Afrika toegespitste onderdelen. Van Veen is zoet in zijn kritiek: “We konden hier lange tijd niet komen, u weet wel waarom.” Hij houdt ervan te spelen met de Afrikaanse taal, een loot van de Nederlandse stam tenslotte, maar hij bedient zich in de conferences toch vooral van het Nederlands. Van Veen 'belt' op het toneel met zijn moeder. “Mama, ik ben in Bloemfontein, Zuid-Afrika. Ze spreken hier Afrikaans. Twee passen terug en een opzij en dan kun je het verstaan.” Het Afrikaanse publiek - vrijwel uitsluitend blank - kan Van Veens taal moeiteloos volgen. De naam Beatrix valt. “Voor degenen die niet weten wie dat is, wat ik me moeilijk kan voorstellen in de voormalige Oranjevrijstaat (de provincie heet sindskort Vrystaat/ Free State, red.) het is het zusje van Asterix.” Alleen een mop - Sam komt Moos tegen en zegt: “Jouw vrouw bedriegt ons” - blijft onbegrepen. “Verstonden ze niet wat ik zei of plegen ze hier geen overspel' vroeg Van Veen zich na afloop af.

“Ik genoot van de hele show door zijn grote originaliteit. Het is als een reis rond de wereld in een paar uur. Het publiek wordt gevangen in een kromming van de tijd', aldus Paul Boekkooi, de criticus van The Star.

Vorig jaar kwam Herman Van Veen voor het eerst naar Zuid-Afrika voor een optreden op het Afrikaanstalige kunstfestival Klein Karoo, in het stadje Oudtshoorn. Van Veen was een sensatie. Zijn combinatie van verschillende kunstvormen in een programma was een fenomeen waar het door de culturele boycot uitgedroogde Zuid-Afrika geen weet van had. Ook voor de artiest zelf kwam de ontvangst als een openbaring en hij plande zijn spoedige terugkeer.

Op zijn huidige rondgang door Zuid-Afrika deed hij Kaapstad, Pretoria, Bloemfontein en Johannesburg aan. “In Kaapstad en Johannesburg hadden we wel vijf keer kunnen spelen”, zegt zijn manager Ron van Eeden.

De foyer in Bloemfontein, na afloop. Een echtpaar is 300 kilometer komen rijden om Herman Van Veen te zien. “Baie dankie, baie dankie” zeggen ze eerbiedig. Van Veen zegt niet alleen naar Zuid-Afrika te zijn gekomen uit artistieke overwegingen, maar ook om te helpen “het Afrikaans los te maken van het belaste verleden.” Hij heeft tijdens de tournee een cd uitgebracht in het Afrikaans, 'n Teer gevoel. Uit de titelsong: 'Ek koester steeds 'n teer gevoel/ vir elke man, vir elke vrou/ wat in volkome weerloosheid/ 'n ander liefhet en vertrou.'

Van Veen zegt zich te realiseren dat hij nu vrijwel uitsluitend een blank publiek bedient, maar in navolging van Paul Simon hoopt hij contacten te kunnen leggen met zwarte kunstenaars, om te kunnen optreden in Zulu of andere 'zwarte' talen voor zwarte gemeenschappen. Concrete plannen bestaan er nu voor een Zulu-versie van de stripboeken Alfred Jodocus Kwak.

Tijdens het verblijf in Zuid-Afrika bezocht Van Veen enkele zwarte townships. Met zijn stichting Harlekijn wil hij in de townships culturele en sportprojecten steunen.