De booming economie van Suriname; Grand tour in Coke City

Het wordt een ongebruikelijke strafzaak. Binnen een jaar zal de de facto machthebber van het bevriende land Suriname, in Nederland voor de strafrechter worden gedaagd wegens grootschalige cocaïnehandel. Hoe reageert Suriname? En hoe machtig is er de drugsmafia? 'Als iedereen een crook is, is niemand een crook'. Een geestverruimende reportage.

De dominee in Den Haag mag dan mopperen over de Surinaamse rechtsstaat, de Nederlandse koopman zit in Paramaribo en is meer dan tevreden. Hij heet Rob J. Asmus en drinkt deze zondagmiddag een volwassen glas whisky in de suite van het hotel Torarica in de Surinaamse hoofdstad.

De financieel directeur van Ballast Nedam International uit Amstelveen weet sinds enige dagen dat zijn bedrijf concurrenten uit Nederland, Trinidad, China, Korea en Venezuela heeft weten af te troeven bij het binnenhalen van wat in Suriname een historisch project wordt genoemd. Ballast Nedam is op 1 mei de opdracht gegund om in vier jaar tijd voor een bedrag van 138 miljoen gulden twee bruggen te bouwen. Een brug over de Surinamerivier van 1.500 meter lengte en een over de Coppenamerivier die 1.700 meter lang zal zijn. “Voor deze contreien een forse brug”, zegt Asmus.

Voor Asmus, Surinamer van geboorte, is het ook persoonlijk een bijzondere opdracht. Natuurlijk was zijn offerte kwalitatief goed en goed aan de prijs, maar zijn Surinaamse achtergrond kwam hem in de onderhandelingen ook van pas. “Cultural awareness is heel belangrijk”, beaamt hij. “Sinds mensenheugenis zijn de Surinamers bezig met het praten over de aanleg van die bruggen. Ik kan mij uit mijn jeugd nog goed dat gedonder met de veerboten herinneren. De vaste oeververbinding was altijd een droom. Er zijn al eens zes eerste palen geslagen. De eerste nog door de staatsman Pengel, in de jaren zestig, maar die was de volgende dag weer verdwenen. Weggezakt.”

In 1993 keerde Asmus na een afwezigheid van dertig jaar voor het eerst terug naar Suriname. Hij kwam “met een open mind”, ook al had zijn broer hem gewaarschuwd: “Het licht is in Suriname uitgegaan.” En hij had niet overdreven. “Het ging hier vrij slecht. De mensen waren verschrikkelijk arm. Maar de laatste jaren zit er Schwung in. De Surinamers hebben weer geloof in de economie. Ik zag het bij de viering van oud en nieuw, dat is hier een belangrijke graadmeter voor de stand van de welvaart. Welnu, ik heb nog nooit zoveel vuurwerk gezien”, zegt Asmus. Het spektakel duurde vijf uur.

De eeuwwisseling belooft in Suriname trouwens ook een opwindend evenement te worden. Dan opent als alles goed gaat het Royal Torarica Hotel voor het eerst zijn deuren. Het wordt een 12,1 miljoen dollar kostend, waarschijnlijk ook door Ballast Nedam te bouwen vijfsterren hotel. Het superdeluxe onderkomen zal 120 kamers (prijs gemiddeld 140 dollar per nacht) tellen, met in de koepel twee bruidsuites en twee presidential suites. Daarnaast komt het, eveneens door Ballast Nedam, aan de Suriname rivier neer te zetten Eco-resort (2,1 miljoen dollar) voor de milieubewuste toerist.

“Deze projecten zijn helemaal afgestemd op de economische ontwikkelingen”, zegt hotelmanager F. Robles, die zich even vrijmaakt uit een meeting. “Er zijn hier grote projecten gaande en er komen te vaak missies tegen wie we neen moeten verkopen omdat Torarica volzit. De koopkracht is enorm toegenomen. Verleden jaar begonnen we met de country club voor de aerobics, tennisbanen, bubble bad en massage en we hebben nu al 1.500 leden.”

Lummels

Het is een beeld dat zich aan de bezoeker opdringt: het gaat veel Surinamers voor de wind. Supermarkten liggen boordevol luxe produkten. Als je op het verkeerde tijdstip reist, sta je met je auto zo een kwartier vast in een file in de Sophie Redmondstraat. Maar op betere momenten testen Mercedessen, de Porsche cabriolets, de 4W-drive auto's en Land Cruisers hun topsnelheid over de vers geasfalteerde wegen. Er zijn nu meer auto's dan inwoners (450.000) in Suriname. De import van voertuigen met een bouwjaar van voor 1992 is inmiddels verboden. Ten onrechte, klaagt de automobilist, want er zijn niet te veel auto's - “de stad is te klein.”

“De huizen worden zelfs weer geschilderd want er is geld voor verf”, zegt de president van de Algemene Rekenkamer, H. Prade, die overigens kanttekeningen plaatst bij de blinkende welvaart. “In Suriname koopt men wel, maar produceert men niet.”

Nu Suriname sinds twee jaar partij is bij het regionale economische machtsblok Caricom hoeven er geen invoerrechten betaald te worden op produkten uit Caraïbische landen. “Dat leidt hier tot het faillissement van degenen die jam, pindakaas of vruchtensap produceren. Surinaamse bedrijven kunnen niet concurreren omdat ze met een verouderd industriepark zitten.” Bovendien koopt een Surinamer volgens hem liever vlot verpakte chips uit Trinidad dan de inheemse, Oosteuropees ogende zakjes. Men bouwt prefabwoningen uit Venezuela. “We eten thuis rijst uit Amerika, want die is goedkoper. Er wordt hier zelfs vruchtensap uit Mexico geïmporteerd, terwijl wij meer fruit hebben dan die lummels”, zegt Prade.

Toch wordt er ook voorzichtig geïnvesteerd in de produktie. Het bedrijf ABB-Systemen uit Rotterdam legt de laatste hand aan een nieuw automatiseringssysteem voor een in aanbouw zijnde raffinaderij ten noorden van Paramaribo. Deze installatie moet na de zomer 7.000 barrels per dag produceren waardoor Suriname in zijn eigen diesel- en stookolie en asfalt kan voorzien.

En zo wemelt het van de Nederlandse, Braziliaanse en Caraïbische zakenlieden in Suriname die zich in alle opzichten prima vermaken. Het uitgaansleven is uitbundig. Paramaribo telt zo'n tien bordelen waar voornamelijk Braziliaanse prostituees - die zich openlijk coke snuivend op de been houden - de klanten op betrekkelijk veilige schaal het gevoel geven even een Zuidamerikaanse man-van-de-wereld te zijn.

“Heerlijke snollen hier”, pochen drie Nederlandse tijdelijk uitgezonden arbeidskrachten aan de rand van het zwembad van hotel Torarica. Kort na het middaguur besluiten ze zich deze vrije dag eens goed te laten verwennen. Voor veertig gulden is het groot feest.

's Nachts laven ze zich aan Heineken, Budweiser en cola-malibu in discotheek Touché. En als het mondaine uitgaanspubliek tegen zes uur 's ochtends de dancing verlaat na een nacht vol merengue-muziek van de uit Amsterdam overgevlogen groep Trafasie, komt in de stad het normale leven weer op gang. Op het Onafhankelijksheidsplein slentert in het ochtendgloren een Creoolse tiener. “Ik ben een straatjongen. Mijn ouders zijn in Albina”, zegt hij. Nederig vraagt hij de voorbijganger tweehonderd Surinaamse guldens. Om een broodje te kopen.

Notoire wetsovertreders

Hoogconjunctuur - en uitgerekend nu belooft het Nederlandse openbaar ministerie roet in het zakeneten te gooien met de aankondiging de invloedrijkste Surinamer, de voormalige militaire machthebber Desi Bouterse, wegens cocaïnehandel te dagvaarden. De Nederlandse managers hebben het er moeilijk mee. Het is gewoon niet verstandig, zeggen ze off the record.

Bruggenbouwer Asmus formuleert heel voorzichtig. “Een proces tegen Bouterse is hier politiek niet verkoopbaar. Je moet niet vergeten dat Bouterse voorzitter is van de grootste partij van het land. En natuurlijk zijn er hier vervelende dingen gebeurd in het verleden, maar de meeste Surinamers willen gewoon verder gaan. Soms moet je dingen niet vergeten maar wel vergeven.”

Asmus verwacht overigens niet dat een drugsproces consequenties zal hebben voor het Nederlandse bedrijfsleven want “de banden tussen Suriname en Nederland zijn heel sterk”. Maar waarom zou je risico lopen? “We kunnen moeilijk als bedrijf tegen Docters van Leeuwen zeggen wat die wel en niet moet doen, maar natuurlijk heeft Ballast Nedam kanalen naar de politiek die je op bepaalde schadelijke ontwikkelingen kunt attenderen.”

In Suriname lijken de meeste inwoners er begrip voor te hebben dat het Nederlandse openbaar ministerie Bouterse dagvaardt. “Als er bewijs is, zullen Surinamers de vervolging accepteren. We hebben niet zo'n dom volk dat ze het er niet mee eens zijn dat notoire wetsovertreders worden aangepakt. Maar ja, het zal natuurlijk wel opschudding veroorzaken”, zegt John Kamperveen, directeur van het kritische radiostation ABC.

“Als Nederland tot dagvaarding overgaat, krijgt de relatie met Suriname een knauw, een ferme deuk”, voorspelt de vorige minister van Justitie, nu ambteloos burger, S. Girjasing aan de rand van het 25-meterbad van zwemclub De Dolfijn waar hij vanochtend zijn baantjes trok. Als jurist meent hij dat Nederland bij harde bewijzen “de zaak eens en voor altijd moet oplossen. Dan zijn we klaar met deze episode.”

Maar Girjasing is ook lid van de hindoestaanse oppositiepartij VHP en zijn politieke oordeel luidt genuanceerder. “Nederland doet er verstandig aan de zaken goed op een rij te zetten. Kijk naar de gevolgen van een juridische actie tegen Bouterse op langere termijn. Het zou sneu zijn om de gehele relatie tussen Suriname en Nederland aan één persoon op te hangen.”

De Surinaamse regering wil desgevraagd niet reageren op de officieuze dagvaarding. “Nederlandse journalisten verdraaien altijd de feiten”, zegt de kabinetschef van de president, E. Rusland. Maar informeel worden niet mis te verstane signalen afgegeven. De tweede man van de partij van Bouterse, president J. Wijdenbosch, liet demonstratief verstek gaan op het Koninginnedagfeest in de residentie van de Nederlandse ambassadeur. En de Nederlandse militair attaché, Van Nugteren, werd bij zijn afscheid na vijf Surinaamse dienstjaren de protocollair gebruikelijke onderscheiding geweigerd.

De meest opvallende politieke reactie werd echter afgegeven een dag na de aankondiging van de strafzaak. Toen werd Bouterse - geflankeerd door echtgenote Ingrid en dochtertje - op het kabinet van de president plechtig benoemd in de nieuwe functie van Adviseur van Staat. Een baan “met een maximum bezoldiging van de hoogste functionaris op ambtelijk niveau” die, volgens de Nota van Toelichting bij het Staatsbesluit, alleen is weggelegd voor degenen die zich hebben onderscheiden door “beproefde vaderlandsliefde en bijzondere ijver en trouw in het vervullen van burgerplichten”.

De oppositie reageerde fel op de promotie van Bouterse. Ze zijn bang dat de “ongevraagde adviezen” die een staatsadviseur mag geven weldra uitdraaien op “bevelen”. Ook de Surinaamse media reageren kritisch. Ze maken duidelijk dat er een nauwelijks groter affront denkbaar is voor de nabestaanden van de onder leiding van Bouterse uitgevoerde decembermoorden van 1982. Het dagblad De Ware Tijd becommentarieert de benoeming als een regeringswaarschuwing: “Wie aan Bouterse komt, komt aan Suriname.” En in de Weekkrant Suriname staat dat Bouterse nu 'Superpresident' is.

Anderen reageren nuchterder omdat de benoeming van Bouterse feitelijk niet meer is dan een formalisering van zijn positie. De ex-legerleider zoeft sinds de regeringswisseling acht maanden geleden bijna dagelijks met zijn witte Mercedes en lijfwacht naar het kabinet van de president. En Bouterse ìs de belangrijkste man van Suriname. Niet met militaire, maar met financiële middelen - gekochte parlementariërs - heeft hij vorig jaar de absolute macht verworven.

En ook zakelijk is Bouterse invloedrijk. Hij handelt, veelal via bedrijven die op naam staan van tussenpersonen, in graniet, hout, goud en importeert goederen. Hij is eigenaar van vissersboten die in zijn dienst opereren. Bouterse bezit bovendien het nodige onroerend goed en grote percelen grond.

Nonvaleurs

Daarnaast heeft Bouterse sinds begin jaren tachtig volgens het Haagse openbaar ministerie gestaag gebouwd aan het vergaren van een aanzienlijk drugsvermogen. Hij heeft de grondslag gelegd voor de narcocratie die in Suriname is ontstaan. Tien jaar geleden - toen onder het bewind van minister van Justitie Korthals Altes om politieke redenen een drugsonderzoek tegen Bouterse werd gestaakt - was de cocaïnehandel nog een redelijk overzichtelijk en nieuw crimineel fenomeen. Betrokkenen vormden een select gezelschap en een redelijk identificeerbare groep.

Een rondgang langs deskundigen leert dat van een eventueel proces tegen Bouterse weliswaar een belangrijke signaalwerking zal uitgaan - geen drugshandelaar is onaantastbaar - maar het zal volgens de pessimisten weinig invloed hebben op de rol die Suriname speelt in de drugsdoorvoer naar Europa. Van kleine dealer tot zakenmagnaat, in de voormalige Nederlandse kolonie profiteren velen van de opbrengst die via deze informele, illegale economische activiteit in de samenleving wordt gepompt.

De optimisten in de strijd tegen Bouterse denken daarentegen dat de uitschakeling van de ex-legerleider wel degelijk een belangrijk effect zou hebben. De Haagse politie beschikt over informatie dat Bouterse in de jaren tachtig - na onderhandelingen in hotel Torarica met de inmiddels doodgeschoten Colombiaanse cokebaas Pablo Escobar - persoonlijk de openstelling van Suriname voor drugsdoorvoer heeft geregeld. Bouterse zou inmiddels een soort gegijzelde zijn van Colombiaanse drugsbaronnen. Als je hun Surinaamse 'contractpartner' wegneemt, zou je een belangrijk deel van de infrastructuur onttakelen.

“Het Surinaamse drugskartel is nauwelijks nog zichtbaar. De handel is volledig geïntegreerd in het normale leven. Het is een regulier aspect van het zakenleven geworden. Als iedereen een crook is, is niemand een crook”, zegt de activist voor de rechten van de mens Stanley Rensch. “Ik zeg niet dat het al zo ver is, maar je ziet mensen enorm rijk worden en dan denk ik: mijn gunst, hoe is dat mogelijk.”

Via de smokkel van 26.000 kilo cocaïne verdient Suriname jaarlijks tweehonderdvijftig miljoen dollar, becijferde het hoofd van de Surinaamse narcoticabrigade, H. Tjin Liep Shie, vorige maand voor ABC-radio. De president van de Rekenkamer waagt zich niet aan een schatting, maar dat de “informele sector” heel omvangrijk is, zegt Prade, “is een feit, als je ziet welke nonvaleurs in dit land allemaal in een peperdure BMW rijden”.

Het zwarte geld is ook meer dan welkom in Suriname, waar je voor het lenen van geld rentetarieven van 30 procent betaalt. De hypotheekrente van de secretaresse van Prade bedraagt zelfs 37 procent. Piramidespelen, waar beleggers uit duistere herkomst op jaarbasis 120 procent rente krijgen uitbetaald, bieden dan uitkomst.

“De drugsmafia heeft overal haar tentakels in onze samenleving. Ook in de overheidsdiensten belast met de aanpak van strafbare feiten. Corruptie neemt de overhand”, zegt Girjasing. In het jaarverslag van de Rekenkamer, dat vorige maand verscheen, wordt ook gewaarschuwd. “Zorgwekkend is het dat met name bij de politie, de penitentiaire dienst en andere bewakingsdiensten van de overheid steeds weer een groot aantal ambtenaren wordt aangehouden en veroordeeld wegens malafide praktijken zonder dat een consequente verwijdering van deze personen uit de dienst dan wel overplaatsing naar een andere dienst merkbaar is.”

De internationale druk op Suriname om bestrijding van drugshandel serieuzer aan te pakken wordt opgevoerd en niet alleen vanuit Nederland. De afgelopen week bracht een delegatie van de UNDCP - het drugsbestrijdingsorgaan van de VN - een inspectiebezoek aan Suriname. En ook de Verenigde Staten bekruipt het vermoeden dat de door de huidige regering uitgesproken wens drugshandel harder te bestrijden vooral holle retoriek is. Aan het Surinaamse verzoek om agenten van de Drugs Enforcement Administration (DEA) in Paramaribo te stationeren zal voorlopig niet worden voldaan. Suriname moet eerst ernst maken met de wetgeving die drugsbestrijding schoeit op internationale leest. Dergelijke voorstellen staan nu op de agenda van het parlement.

Voorwaarde voor de vestiging van de DEA in Suriname is naar verluidt ook dat Suriname akkoord gaat met de zogeheten Shipriders agreement. Dit verdrag voorziet erin dat de Amerikaanse kustwacht ook de smokkel van drugshandel kan controleren in de territoriale wateren van het Caraïbische gebied. Alle betrokken landen hebben laten weten het akkoord al dan niet in enigszins aangepaste vorm te aanvaarden. Alleen Suriname heeft vorige week de Amerikanen duidelijk gemaakt het verdrag (nog) niet te tekenen. Dat stoort de Amerikanen temeer omdat uitgerekend Suriname een van de weinige landen in de regio is waar drugshandelaren vrij spel hebben. Bij afwezigheid van een kustwacht kan het overladen van drugs van vissersboten in grote schepen risicoloos gebeuren.

Suriname zou er ook voor de legale handel bijvoorbeeld alle belang bij hebben dat er meer toezicht is in het kustgebied. Zo is het Suriname nu bijvoorbeeld niet toegestaan om garnalen, het smakelijkste produkt van Suriname (jaarproduktie 1.500 ton), te exporteren naar de VS. De Koreaanse vissers die de garnalen in licentie vangen - Suriname heeft zelf geen arbeidskrachten die bereid zijn op volle zee te vissen - gebruiken namelijk een soort netten die ook veel schilpadden noodlottig wordt. Maar zelfs aanpassing van de netten zal de lucratieve Amerikaanse markt niet openen, omdat de Amerikanen vervolgens ook eisen dat Suriname met schepen toeziet op de naleving van vangstbepalingen. In de VS bestaat het ernstige vermoeden dat er machtige Surinaamse belanghebbenden zijn die een dergelijke kustwacht te schadelijk achten voor de nog grotere economische belangen die gemoeid zijn met drugsdoorvoer.

Handlangers

Het Haagse openbaar ministerie dat jarenlang onder leiding van officier van justitie C. van der Voort en politiechef T. Driessen met het zogeheten Copa-politieteam (Colombia - Paramaribo) het Surinaamse drugskartel vanaf begin jaren negentig onderzoekt, beschikt inmiddels over een groot aantal belastende verklaringen - afgelegd door personen die bij de rechter-commissaris de status van bedreigde getuige hebben gekregen - over de hoofdrolspelers in de cocaïnehandel.

Bouterse opereert naar verluidt binnen een hechte, gesloten groep. Belangrijkste handlangers zijn de president van de Centrale bank H. Goedschalk en Bouterses voormalige militaire companen: E. Boerenveen (die na het uitzitten van een drugsstraf in de VS nu chefstaf Defensie is) en M. Linscheer (voormalig commandant van de zuidwestelijke troepen in het gebied waar vanaf eind jaren tachtig met hulp van 'opstandige' indianen de drugsdoorvoer op gang kwam en nu medewerker van de Centrale inlichtingendienst) en R. Christopher (die in 1991 na de beschuldiging in deze krant dat hij betrokken is bij cocaïnehandel aftrad als minister van Defensie en inmiddels ambassadeur in Brazilië is). Zakelijke assistentie wordt onder anderen verleend door R. Lowes die in Suriname de reputatie heeft van importeur van chemicaliën, nodig voor de bereiding van cocaïne. Al deze personen zijn onderwerp van onderzoek bij het Haagse openbaar ministerie.

Voor een veroordeling van Bouterse is het voor justitie niet voldoende de algemene contouren van zijn criminele organisatie te schetsen. Bewijsrechtelijk is ook vereist dat de ex-legerleider betrokkenheid kan worden aangewreven bij concrete drugstransporten. Een van die zaken betreft de verdenking dat Bouterse via de export van vis naar Europa drugs heeft gesmokkeld.

Een dergelijk transport werd op 1 maart 1991 onderschept in België. Toen werd op het vliegveld van Zaventem 274 kilo cocaïne aangetroffen, verpakt in een partij ingevroren vis. De zending was overgevlogen met een toestel van Trans Caribean Airlines. Een maatschappij die begin jaren negentig volgens de Belgische procureur door militairen werd gebruikt voor drugstransporten. Dat bleek in 1992 bij het proces in Brussel waar de directeur van TCA tot langdurige gevangenisstraf werd veroordeeld. Uit de Airway Bill bleek dat de 274 kilo coke voor Nederland was bestemd.

In een vertrouwelijk proces-verbaal, opgesteld door de Haagse regionale criminele inlichtingendienst, dat deel uitmaakt van de Copa-dossiers, staat in dit verband dat “H.C.E. Doorson, die in het dagelijks leven bij het korps politie Suriname werkt als inspecteur een cocaïnelijn heeft opgezet. Doorson zou een koelvrieshuis hebben in het bedrijf NV Doroe in Suriname alwaar cocaïne geprepareerd zou worden in bevroren vis, bestemd voor Nederland. Doorson heeft zakelijke belangen met Lowes en Bouterse”, aldus de politie.

Uit naspeuringen in Paramaribo blijkt dat deze inlichtingen enigszins gedateerd zijn. Doorson is inmiddels gepromoveerd. Kort na het aantreden van de regering-Wijdenbosch is hij samen met Linscheer aan het hoofd gesteld van de Centrale Inlichtingendienst (CID). Een spionage-orgaan, stammend uit de militaire tijd, dat rechtstreeks valt onder de president. Doorson heeft door die functie toegang tot alle mogelijke gevoelige informatie.

Doorson bezit nog steeds een visbedrijf. Pogingen hem telefonisch te bereiken bij de CID mislukken omdat hij volgens een collega meestal “op de fabriek is”. Het bedrijf ligt op twintig minuten rijden van Paramaribo-stad. Het is een immense hal waar bouwvakkers de bezoeker voor Herman Doorson verwijzen naar de kantoren op de eerste verdieping.

Lijfwachten

De CID-chef is er niet, vertelt zijn echtgenote die verbaasd is over dejournalistieke belangstelling uit Nederland. Desgevraagd is ze wel bereid om een grand tour door de fabriekshal te verzorgen. Ze toont - afgezien van de afgesloten ruimte waar met grote letters op de deur staat: 'Verboden toegang: dat geldt ook voor U' - de werkzaamheden. In enorme ovens worden vissen gerookt, arbeiders zijn bezig met een verbouwing om de fabriekshal te laten voldoen aan de hygiënische normen die de EU stelt voor export naar Europa en in een andere ruimte staan Creoolse vrouwen met een blauwe badmuts op vis te fileren. Op de grond staan kratten van visbedrijven uit Harlingen en IJmuiden.

Mevrouw Doorson belooft haar man te laten terugbellen maar dat gebeurt niet. Op een enkele uitzondering na - Boerenveen laat telefonisch weten “geen slapeloze nachten” te hebben over de strafzaak - willen de verdachten niet praten over de drugsonderzoeken die in Nederland lopen. Ook huisbezoek biedt geen uitkomst, dat blijkt bij een rondgang door Leonsberg, het Wassenaar van Suriname.

Dit plaatsje, tien kilometer ten noorden van Paramaribo, is - als de verdenkingen uit het Copa-dossier ook maar enigszins kloppen - de Coke City van Suriname. In bijna elke straat woont wel een verdachte tegen wie in Nederland een gerechtelijk vooronderzoek wegens drugshandel loopt.

Onderweg passeren we de villa van Lowes waar twee auto's - waaronder een bordeauxrode Mercedes van een half miljoen - op de oprijlaan pronken. Iets verder ligt de villa van Wensley Simson die in Nederland een straf uitzit van 12 jaar voor drugshandel. Zijn huis wordt ondanks afwezigheid van de bewoner bewaakt.

De huizen in Leonsberg zijn stuk voor stuk van een enorme omvang. Allemaal beschikken ze over schotelantennes die de bewoners moeiteloos in staat moeten stellen zelfs Nederland 3 te ontvangen. “Michael Jackson zou hier niet willen wonen. Die vindt zulke huizen te groot”, zegt de chauffeur. Een 38-jarige drugshandelaar van Nederlandse afkomst ziet zijn tweede villa bijna voltooid. Hindoestaanse arbeiders leggen de laatste hand aan een bruggetje over de siervijver. Bij bijna alle woningen staan bewakers voor de deur. In de tuin van de villa van bankier Goedschalk staat zelfs een bemande wachttoren.

Enigszins verscholen, aan de Suriname-rivier, ligt de idyllische woning van Desi Bouterse. Voor de deur staan deze namiddag vier auto's en een boot: een cruiser, merk Bryliner. Veel tijd om de omgeving te bekijken is er niet: twee lijfwachten - onder wie de zwager van Bouterse - houden de bezoeker resoluut staande. Het persoonlijk overhandigen van een brief aan de Adviseur van Staat wordt niet toegestaan.

Een bewaker belooft, na zorgvuldige bestudering van de envelop, het schrijven later af te geven. “Bouterse kan nu niet worden gestoord. Hij slaapt”, zegt hij en maakt duidelijk dat we moeten vertrekken. Hij zwaait ons gedag met zijn walkietalkie.