Het mysterie van de echte Engelse patiënt

In Hongarije is een groep mensen actief die het verleden naspeurt van graaf Lászlo Almásy, die model stond voor 'The English Patient'. Vandaag zijn in Boedapest filmbeelden van Almásy te zien.

BOEDAPEST, 16 MEI. Het was 1929, ver voor de georganiseerde safari-reizen, en László Almásy voelde zich zichtbaar thuis in Afrika. De zwart-witbeelden van zijn autotocht van Mombasa naar Alexandrië tonen de lange slanke graaf uit Hongarije, gekleed in khaki, altijd met een brede glimlach onder zijn tropenhelm. Of hij nu een brug bouwt over een riviertje met hulp van de lokale bevolking, zijn geweer toont aan een groepje verbaasde Soedanezen, met zijn Steyr-jeep scheurt door de Egyptische woestijn of met een speer vissen probeert te vangen in een troebel riviertje - Almásy heeft plezier.

De bijna twee uur durende film over Almásy's reis van 12.000 kilometer door de bush en de woestijn dook vorig jaar op in een Oostenrijks vakantiehuisje. De cameraman Rudy Mayer had de reis vastgelegd in opdracht van de Oostenrijkse Steyr-fabriek, die haar auto's onder barre omstandigheden door de graaf liet testen. Maar de fabriek geraakte in geldzorgen en de film verdween spoorloos, totdat zoon Kurt Mayer hem meer dan zestig jaar later bij toeval vond.

De vondst was het zoveelste raadsel rondom de Hongaarse graaf, die in 1951 overleed na een mysterieus leven als piloot, autocoureur, woestijn-ontdekker, schrijver, spion en mogelijk dubbel- of drievoudig spion. Onder normale omstandigheden zou de film hooguit opwinding hebben veroorzaakt bij het kleine groepje Almásy-kenners dat al jarenlang het leven van deze romantische avonturier napluist. Maar Almásy is niet meer van hen, Almásy is van Hollywood. Hij stond model voor de fictieve ontdekkingsreiziger graaf Almásy in The English Patient, de met negen Oscars bekroonde verfilming van Michael Ondaatje's gelijknamige roman. De zwart-witbeelden uit 1929 verrijken het intrigerend spel van feit en fictie van The English Patient en de mythe rondom de hoofdpersoon Almásy, in de film gespeeld door Ralph Fiennes.

Vandaag wordt in Boedapest de documentaire vertoond Durch Afrika mit Automobil, die cineast Kurt Mayer uit het materiaal van zijn vader samenstelde. Het past in een ware Almásy-revival: Hongaarse kranten hebben het verleden van de graaf de afgelopen maanden omgespit. Het succes van The English Patient, die ook in Boedapest volle zalen trekt, straalt zo een beetje af op Hongarije. Eén krant noemde de graaf al “de Hongaarse patiënt”. De geschiedenis van Almásy confronteert de Hongaren bovendien met een verleden waarin een excentrieke landgenoot de wereld nog kon bereizen en in kaart brengen, voordat onder het communisme de deur op slot ging.

In het boek en de film is Almásy een anonieme piloot, “de Engelse patiënt”, die na een ongeluk met zijn vliegtuig in de Sahara zwaar verbrand is. Terwijl een Canadese verpleegster hem in een villa in Italië verzorgt, wordt langzaam de puzzel van zijn leven voltooid. Ondaatje's geromantiseerde versie heeft ondanks enkele raakpunten - zoals de voorliefde voor de woestijn - weinig gemeen met het echte leven van Almásy, dat op zichzelf al een filmscript waard was geweest. Hij werd in augustus 1895 geboren als zoon van een Hongaars-aristocratische familie in de plaats Borostyánkö, dat nu Bernstein heet en in Oostenrijk ligt. Het avontuur zat hem in de genen: zijn vader was een bekende geograaf en ontdekkingsreiziger in Azië. Almásy studeerde in Oxford en Londen en sprak behalve Hongaars en Engels vloeiend Duits, Italiaans en Arabisch.

In de Eerste Wereldoorlog was Almásy piloot in het Hongaarse leger. Hij was tevens een fervent autocoureur. De opdracht van de Steyer-fabriek bracht hem in 1929 voor het eerst naar Afrika, waar de liefde voor de woestijn toesloeg. Almásy keerde terug voor vele expedities in de Sahara. Hij ontdekte in het begin van de jaren dertig verscheidene oasen en pre-historische grottekeningen, zoals die van de zwemmer waarmee de film begint. Als woestijnpionier kreeg Almásy internationaal bekendheid. Ondaatje stuitte op de graaf tijdens onderzoek in de archieven van de Royal Geographical Society in Londen.

Dr. Zsolt Török, lector cartografie aan de Eötvös Loránd Universiteit in Boedapest, raakte als tienjarige jongen gefascineerd door de graaf, toen hij diens boek De onbekende Sahara las. Als student en lector in Boedapest zette Török zijn speurtocht voort. Hij leerde Jean Howard kennen, een inmiddels 80-jarige voormalige medewerkster van de Britse inlichtingendienst die ook een Almásy-tic had opgelopen. In de Tweede Wereldoorlog had zij het radioverkeer van Almásy onderschept en gedecodeerd. De graaf werkte als majoor in het Hongaarse leger voor de Duitsers in Noord-Afrika, en niet zoals in de film uit romantische overwegingen.

Pas vorig jaar hoorde Török over de film en het boek The English Patient, en de hoofdrol die zijn jeugdheld Almásy erin speelt. “De film en het echte leven van Almásy zijn heel verschillend, al vind ik dat Ralph Fiennes uiterlijk een treffende gelijkenis met hem vertoont. Maar de sfeer is goed getroffen: een uitzonderlijk mens, een beetje gek. Almásy was een excentrieke man, die fantastisch verhalen kon vertellen en een groot gevoel voor humor had. Maar hij bleef de aristocraat, altijd op afstand. Hij was een eenzame man, die verliefd raakte op de woestijn. Dat was zijn ware liefde, en niet Kristin Scott-Thomas (zijn tegenspeelster in de film, red)”.

In het nawoord bij zijn boek onderstreept Ondaatje dat de karakters in het verhaal fictief zijn, hoewel sommigen “zijn gebaseerd op historische figuren”. Sommige critici hebben het “amoreel en niet-historisch” genoemd dat Ondaatje de figuur Almásy heeft geromantiseerd. In werkelijkheid was de graaf naar hun mening een misdadiger die in de Tweede Wereldoorlog zijn unieke diensten als kenner van de Noordafrikaanse woestijn ter beschikking stelde van de Duitsers. Hij slaagde er bijvoorbeeld in Duitse spionnen in een woestijnrit van 3200 kilometer door de Britse linies te loodsen. Maar rondom Almásy heeft het altijd gezoemd van de speculaties: hij zou een dubbelspion zijn geweest die ook voor de Britten werkte, en na de oorlog met even veel gemak voor de Sovjet-Unie.

“Almásy was geen nazi”, beweert Török, die dit najaar een biografie van de graaf wil publiceren. “Hij was een officier en kreeg het bevel van zijn Hongaarse commandant om voor de Duitsers te werken. Zijn eigen voorkeur lag bij de Engelsen. Maar hij was ook een Hongaarse patriot, en Hongarije stond nu eenmaal aan de kant van de Duitsers. Almásy was niet geïnteresseerd in politiek. Hij was hooguit een monarchist, hij wilde de Habsburgse koning terug op de Hongaarse troon.”

Na de oorlog verscheen Almásy in Hongarije op verdenking van oorlogsmisdaden voor een 'volkstribunaal', maar werd wegens gebrek aan bewijs vrijgelaten. Hij dook een paar jaar later op in Kairo, waar hij probeerde een onderzoeksinstituut voor de woestijn op te zetten. Maar zijn gezondheid verslechterde snel, en in augustus 1951 overleed hij in een ziekenhuis in Salzburg. Officieel heette de doodsoorzaak dysenterie, maar bij de legendevorming horen natuurlijk theorieën over vergiftiging door de Britse of Sovjet-geheime dienst. Zo ging hij zelfs met geheimen het graf in: de “Vader van het Zand”, zoals de Bedoeïnen hem noemden, en de ideale romanfiguur, zoals Ondaatje inzag.