Actievoerders krijgen weinig vat op Shell

DEN HAAG, 15 MEI. De milieubeweging doet aan het hergebruik van oude symbolen, in dit geval bij de acties tegen de oliemaatschappij Shell. De aandeelhouders zagen gisteren op het spandoek van Greenpeace een gele schelp, druipend van de olie. Toen in Zuid-Afrika nog apartheid heerste, lieten actievoerders van dezelfde schelp nog bloed druipen.

Greenpeace en Milieudefensie demonstreerden gisteren in Den Haag bij de aandeelhoudersvergadering van de Koninklijke Nederlandse Petroleum Maatschappij, de belangrijkste aandeelhouder van Koninklijke Shell Groep. Het oorspronkelijke voornemen om het olieplatform Brent Spar in de zee te laten zinken en de olielekkages in Nigeria hebben van Shell een vervuiler gemaakt in de ogen van de milieubeweging. Met de tekst “Stop oil, go solar” werd Shell opgeroepen om meer te investeren in alternatieve energiebronnen.

De actievoerders, die met vijf aandelen het woord mochten voeren, kregen echter weinig vat op de vergadering. Bestuursvoorzitter C. Herkströter trok meteen het initiatief naar zich toe met zijn openingstoespraak, waarin hij uitgebreid inging op de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de oliemaatschappij: “De gedragscode van de Shell-medewerkers kan onmogelijk een antwoord bieden op elk probleem, elk dillema, elk verschil van inzicht en elk belangenconflict, waarmee zij onvermijdelijk worden geconfronteerd.”

Het bestuur toonde gisteren aan veel te hebben geleerd van de Brent Spar-affaire, toen Shell geen antwoord had op het publiciteitsoffensief van Greenpeace. Na deze affaire erkende Shell arrogant te zijn geweest. Onlangs liet Herkströter in deze krant weten geen bezwaar te hebben tegen externe toetsing van de Shell-normen. “Het is goed dat Shell heeft erkend niet te hebben geluisterd naar de samenleving en een vorm van schuld heeft bekend”, constateerde de Vereniging van Effecten Bezitters (VEB) gisteren.

Herkströter maaide met zijn offensieve strategie de actievoerders het gras voor de voeten weg. Milieudefensie en Greenpeace eisten onder meer een aparte directeur voor het milieu en een externe toetsing van het milieu-beleid. “Ik begrijp de koudwatervrees van Shell daarvoor niet”, zei een woordvoerder. Greenpeace wil bij Shell een 'klimaatfonds' voor de ontwikkeling van 'schone' energie.

Volgens Shell heeft het echter geen zin om de eisen van de milieubeweging expliciet op te nemen in het beleid. “Niet omdat wij het er niet mee eens zijn, maar omdat we het al doen”, zei Herkströter: “Al sinds de jaren zestig is een van de Groepsdirecteuren voor dit beleid (milieu en veiligheid, red.) verantwoordelijk. We doen op grote schaal aan certificering en verificatie, een belangrijke vorm van externe toeting, en bij exploratie hebben we permanent externe controle.” Herkströter ziet ook niets in een speciaal 'klimaatfonds', omdat Shell naar zijn mening al veel doet aan de ontwikkeling van alternatieve energiebronnen.

De eisen van de Nederlandse milieubeweging waren voor een deel een kopie van 'resolutie nummer 10' van de Britse milieu-activisten. De resolutie werd gisteren ingediend bij de jaarvergadering van Shell Transport & Trading, de Britse aandeelhouder van de oliemaatschappij, en met ruime meerderheid verworpen. De Britse milieu- en mensenrechtenbeweging voerde buiten de vergaderzaal in Londen actie onder luid trommelgeroffel en met oproepen als “Geen bloed voor olie. Mensen, geen winsten”.

In Londen lag de nadruk gisteren sterk op de mensenrechten-situatie in Nigeria. Twee jaar geleden werd de actievoerder en schrijver Ken Saro-Wiwa vermoord door de militaire dictatuur in dat land en Shell wordt verweten zijn invloed te weinig te hebben gebruikt. In onder meer Ogoni-land pompt Shell olie op en doet dat volgens activisten op een zeer vervuilende manier.

Op de vergadering in Den Haag verweten milieu-activisten dat Shell de beloftes voor Nigeria heeft gebroken. “De beloofde milieustudie is vertraagd en met de toegezegde 40 procent reductie van het affakkelen van gaat het volgend jaar niet lukken. Bij een recent onderzoek is een sterke olievervuiling gevonden”, zei een woordvoerder.

Volgens Shell komt de milieustudie er echter aan, wordt het affakkelen in 2008 helemaal beeïndigd en is de olielekkage te wijten aan sabotage.