Ang Lee maakt kostuumfilm over jaren '70

CANNES, 13 MEI. Echt grote films heeft het tot op de helft gevorderde competitieprogramma van het vijftigste Cannesfestival nog niet opgeleverd. Wel is er een flink aantal geslaagde produkties te zien; tot de top van het tussenklassement behoren zeker de nieuwe films van de Japanner Shohei Imamura (Gouden Palm 1983 voor De ballade van Narayama) en de Taiwanese Amerikaan Ang Lee (Gouden Beer 1996 voor Sense and Sensibility).

Het is alweer acht jaar geleden dat Imamura (70) zijn laatste film Black Rain (Kuroi no ame) maakte. Met de eenvoud van een oude grootmeester, die alleen nog maar in transparant heldere beelden een verhaal over mensen en hun motieven wil vertellen, verfilmde hij nu, chronologisch en strak, een roman van Akira Yoshimura. Unagi (De aal) gaat over een wegens moord op zijn overspelige vrouw tot tien jaar veroordeelde kantoorbediende. Bij zijn voorwaardelijke vrijlating neemt hij in een plastic zak zijn enige vriend mee: een aal uit de gevangenisvijver, die 'nooit een woord te veel zegt'. Tijdens het moeizaam opbouwen van een nieuw bestaan als kapper in een afgelegen oord aan een desolaat kanaal, wordt de man door het dier in zijn aquarium steeds herinnerd aan zijn schuldige verleden. Unagi is een geserreerde psychologische vertelling over misdaad, straf en rehabilitatie met veel lucide geregisseerde scènes en een enkele, in onze ogen deraillerende geweldsscène in de traditie van Japanse films vol grommende gangsters.

De Aziatische achtergrond van Ang Lee (42) vormt in de volledig Amerikaanse produktie The Ice Storm - naar een roman van een andere minder bekende auteur, Rick Moody - een verre echo: door de nadruk op het onontkoombare belang van familierelaties en door een zekere verstilling in de vormgeving. Je zou The Ice Storm kunnen opvatten als een kostuumfilm over de jaren zeventig; voor Lee is de afstand tot de swingende jaren zeventig in Connecticut bijna even groot als die tot de 19de eeuw van Jane Austen. Soms lijkt The Ice Storm op een serieuze variant van The Graduate. In 1973 zijn promiscuïteit en gezagsondermijning doorgedrongen tot het voorstedelijke huishouden van Kevin Kline en Joan Allen. De heer des huizes gaat vreemd met buurvrouw Sigourney Weaver en bezoekt halfhartig partnerruilfeestjes, terwijl hij hardnekkig blijft trachten zijn opgroeiende kinderen (onder wie de voortreffelijk acterende Christina Ricci, Wednesday uit The Addams Family) met autoritaire hand op te voeden. Lee wil niet moraliseren, maar bekijkt met mededogen de tragische ontwikkelingen, waar deze hypocrisie toe leidt. In zijn eigen woorden: “In Sense and Sensibility dwong de maatschappij mensen in het keurslijf van de deugd, in The Ice Storm worden mensen die tot het goede neigen onder invloed van de tijdgeest tot het kwaad verlokt.”

Op dezelfde dag dat Karakter in Cannes vertoond werd, ging verscholen in de filmmarkt een andere, zeer bescheiden Nederlandse speelfilm voor negen toeschouwers in wereldpremière. Zelfs de producent en het met promotie van de Nederlandse film belaste bureau Holland Film hadden, vermoedelijk wegens de elders gehouden Europese filmreceptie, geen vertegenwoordigers gestuurd naar de eerste vertoning van De verstekeling, geregisseerd door Ben van Lieshout, die eerder enkele andere kleine films maakte. Het deels in Oezbekistan opgenomen De verstekeling voert de toeschouwer van het drooggevallen Aralmeer naar Rotterdam, waar een Oezbeekse verstekeling officieus asiel vindt op het balkon van zeemansvrouw Ariane Schluter. Als haar man weer op zee is, noodt ze de vluchteling ook in haar bed, totdat de echtgenoot bij zijn terugkeer de vreemdelingenpolitie belt. In zijn eerste niet-experimentele film, fraai gefotografeerd door Stef Tijdink, slaagt Van Lieshout niet voor de allermoeilijkste opgave: van een eenvoudig verhaal meer dan dat maken.