Kasparov door de knieën voor Deep Blue

ROTTERDAM, 12 MEI. Wat een week geleden nog ondenkbaar leek, is gisteren gebeurd. Schaakwereldkampioen Gari Kasparov heeft de match in New York tegen de computer Deep Blue verloren. Nadat zaterdag de vijfde partij remise was geworden, moest de laatste partij de beslissing brengen. Deep Blue won de partij in slechts negentien zetten en daardoor ook de match, met 3,5-2,5.

Er stond veel op het spel. De winnaar zou 700.000 dollar krijgen, de verliezer 400.000 dollar. Een duur partijtje, maar het ging niet alleen om geld. Kasparov had menigmaal verklaard dat hij tegen de computer 'de waardigheid van het menselijk ras' zou verdedigen.

De waardigheid van het menselijk ras bleek gisteren in slechte handen. Kasparov speelde een deerniswekkend zwakke partij, waarvoor iedere geschoolde schaker zich zou schamen. In een uurtje was het voorbij en de fout die hij zelf beslissend noemde, maakte Kasparov al na acht minuten spelen, op de zevende zet. Achteraf zei hij: “Ik was niet in de stemming om te spelen. Ik ben een mens. Wat in de vorige partijen was gebeurd kon ik niet begrijpen en ik was bang.“

Deep Blue hoefde geen bovenmenselijke kracht te tonen om Kasparov op de knieën te krijgen. De eerste elf zetten staan alle in het openingsboek dat de computer van zijn menselijke begeleiders heeft meegekregen. Daarna was hij op eigen kracht aangewezen. Een paar voor de hand liggende aanvalszetten waren voldoende om de weerstand te breken.

Een beschamend einde van een treurige week, niet zozeer voor het menselijk ras alswel voor Kasparov. Hij was zichzelf niet. “Mijn grootste fout was dat ik heb geluisterd naar de computerexperts die me een stijl hebben aangeraden die de mijne niet is“, zei hij.

Kasparov speelde de openingen inderdaad uitzonderlijk timide. Maar daar lag het toch niet aan. Opgeven in remisestelling, zoals in de tweede partij, niets uitrichten met groot voordeel, zoals in de derde en vierde partij, en ten slotte in de laatste partij verliezen op een manier die al meer dan tien jaar algemeen bekend is in de schaakwereld, bij zulke ongelukken kan geen enkele stijl tot succes leiden.

Pagina 16: Wereldkampioen verkwanselt waardigheid

Op de persconferentie na afloop van zijn verloren match tegen schaakcomputer Deep Blue bood wereldkampioen Gari Kasparov eerst zijn verontschuldigingen aan voor zijn zwakke spel van gisteren. Hij zei dat hij zich schaamde voor zijn nederlaag in de match, omdat Deep Blue vele zwakke punten had. Gepaste nederigheid. Maar vervolgens ging hij meteen in de aanval door zijn dwaze suggestie te herhalen dat er 'achter de schermen' rare dingen waren gebeurd tijdens de match. Hij wilde wel revanche, maar dan moest het niet zo zijn dat IBM, de maker van Deep Blue, tegelijk sponsor en speler was. “Als Deep Blue zich echt in de competitie waagt, zal ik hem vermorzelen.“ Ongetwijfeld waar, maar te laat.

Uit de twaalf partijen die we sinds begin 1996 van Deep Blue hebben gezien blijkt allerminst dat de computer nu de kracht van menselijke topspelers zou hebben. De strategische zwaktes springen meer in het oog dan de sterke punten, die de computer ook heeft.

Verschillende topspelers wekten de indruk dat ze staan te springen om te laten zien dat ze het beter kunnen dan Kasparov. Topalov zei dat hij er allerminst van overtuigd was dat Deep Blue niet verslagen kon worden. Anand dreef (in het Duitse blad Der Spiegel) de spot met Kasparov die “een duidelijk overdreven respect“ voor Deep Blue toonde: “Kasparov behandelt de machine als God“, aldus Anand. De Franse grootmeester Lautier zei: “Het is jammer voor het schaken. Dit geeft geen goed beeld van het spel. Men zal denken dat de machine sterker is, wat verre van waar is.“

Het is niet waarschijnlijk dat ze snel de kans zullen krijgen om Deep Blue zijn juiste plaats wijzen. Kasparov heeft niet de waardigheid van de mens verkwanseld, maar wel de waardigheid van het menselijke wereldkampioenschap schaken. Wie er in de nabije toekomst ook kampioen van de mensen wordt, de wereld zal denken dat er een machine bestaat die toch sterker is. Het is anders, maar dat weten alleen de schakers.

Wit Deep Blue-zwart Kasparov, zesde partij. 1. e2-e4 c7-c6 2. d2-d4 d7-d5 3. Pb1-c3 d5xe4 4. Pc3xe4 Pb8-d7 5. Pe4-g5 Pg8-f6 6. Lf1-d3 e7-e6 7. Pg1-f3 Een stelling die Kasparov goed kent, omdat Karpov het vaak zo met zwart speelt. 7...h7-h6 Maar iedereen weet dat dit niet goed is. 8. Pg5xe6 Met dit stukoffer zijn al vele partijen gewonnen. 8...Dd8-e7 9. 0-0 fxe6 10. Ld3-g6+ Ke8-d8 11. Lc1-f4 b7-b5 De mensen die Kasparov op het pad des verderfs zijn voorgegaan, speelden meestal 11...Pd5. Wat Kasparov doet lijkt nog slechter. 12. a2-a4 Lc8-b7 13. Tf1-e1 Pf6-d5 14. Lf4-g3 Kd8-c8 15. a4xb5 c6xb5 16. Dd1-d3 Lb7-c6 17. Lg6-f5 e6xf5 18. Te1xe7 Lf8xe7 19. c2-c4 Zwart gaf op. Het lijkt wat vroeg, maar deze keer is het wel gerechtvaardigd. De witte aanval beslist snel.