G7-landen bezorgd over koers dollar

WASHINGTON, 28 APRIL. In een poging om de sterke koersstijging van de Amerikaanse dollar een halt toe te roepen, hebben de ministers van financiën van de Groep van zeven rijke industrielanden (G7) gisteren gewaarschuwd voor “excessieve schommelingen” in de wisselkoersen.

Volgens de ministers is het van groot belang om koersverhoudingen te vermijden “die kunnen leiden tot nieuwe grote onevenwichtigheden op betalingsbalansen”. De waarschuwing staat in de gezamenlijke verklaring van de ministers, die na hun bijeenkomst in Washington werd uitgegeven. De tekst is vooral bedoeld om een verdere koersstijging van de dollar ten opzichte van de yen te stuiten. Centrale banken kunnen door steunaankopen de koersen van valuta's beïnvloeden. De dollar reageerde vanmorgen bij de opening in Tokio en in Europa niettemin met een nieuwe koersstijging, van 1,9340 gulden tot bijna 1,95 gulden en van 126 yen tot bijna 127 yen.

Bij de Amerikaanse regering bestaat toenemende bezorgdheid over de voortdurende zwakte van de yen ten opzichte van de dollar, omdat het Japanse handelsoverschot met de Verenigde Staten hierdoor weer dreigt toe te nemen. Vorige week lekte in de Amerikaanse pers een brief uit van president Clinton aan de Japanse premier Hashimoto over deze kwestie. Hashimoto bracht toen juist een bezoek aan Washington.

Aan de G7-bijeenkomst van gisteren ging een bilaterale ontmoeting vooraf van de Amerikaanse minister van financiën, Robert Rubin, met zijn Japanse collega Hiroshi Mitsuzuka. Volgens een woordvoerder gaf Mitsuzuka aan dat zijn regering de economie wil stimuleren door de binnenlandse vraag en niet door een vergroting van de export.

De G7-ministers verwijzen in de gezamenlijke verklaring naar hun bijeenkomst twee maanden geleden in Berlijn, waar de wisselkoersen ook het belangrijkste gespreksonderwerp vormden. In Berlijn lieten de bewindslieden het bij de vaststelling dat de wanverhoudingen op de wisselmarkten waren “gecorrigeerd”. Hiermee werd gedoeld op de ontwikkelingen van de afgelopen twee jaar. Sinds april 1995 steeg de dollar met ruim 58 procent ten opzichte van de yen en met 28 procent ten opzichte van de Duitse mark. Dat vonden de bewindslieden genoeg.

Ondanks de Berlijnse verklaring steeg de dollar nog verder. De gisteren gekozen formulering is daarom scherper. Zo wordt uitgesproken dat de “duidelijke” afwijkingen van de wisselkoersen van de fundamentele economische waarden onwenselijk zijn. Tegelijkertijd beloven de ministers “gepast samen te werken op de wisselmarkten”. Dit is een indirecte verwijzing naar mogelijke valuta-interventies. Toch leken de valutahandelaren hierin vanmorgen nog niet te geloven gezien de wisselkoersontwikkeling. Analisten wijzen er bovendien op dat de dollarkoers wordt gestimuleerd door de relatieve hoge Amerikaanse economische groei en rente.

De G7-ministers spraken gisteren ook uitvoerig over de bestrijding van omkoping en corruptie. Met name minister Rubin bracht deze kwestie naar voren. In de VS geldt al scherpe wetgeving op dit terrein. Amerikaanse bedrijven hebben geklaagd dat zij hierdoor een concurrentienadeel hebben bij het verwerven van opdrachten in het buitenland. De G7-ministers dringen er bij de OESO (club van 28 industrielanden) op aan snel tot een akkoord te komen over strafbaarstelling van omkoping en een verbod op belastingaftrek van steekpenningen. Zij verwelkomen de inspanningen van de Wereldbank, die vorig jaar een campagne tegen corruptie aankondigde. Volgens de G7-verklaring ondermijnt corruptie duurzame economische ontwikkeling, groei en stabiliteit.

De bewindslieden van de zeven grote industrielanden (VS, Canada, Japan, Groot-Britannië, Frankrijk, Duitsland en Italië) verwelkomen de “beslissende” vooruitgang die is geboekt in het initiatief van IMF en Wereldbank voor schuldverlichting voor de armste landen.

De G7-ministers hadden gisteren een ontmoeting met de Russische vice-premier Tjsoebais, die een toelichting gaf op de economische situatie in zijn land. De bewindslieden verwelkomen in hun verklaring het eind vorige week bereikte akkoord tussen het IMF en Rusland over een hervormingsprogramma voor 1997. Tegelijkertijd tonen ze zich “in toenemende bezorgd” over het achterblijven van hervormingen in Oekraïne.