Tracébesluit van Betuwelijn deels geschorst

ARNHEM, 22 APRIL. De Raad van State heeft het zogenoemde tracébesluit voor de aanleg van de Betuwelijn op vier punten geschorst. Het is nog niet duidelijk waarom de raad het besluit heeft genomen, omdat de argumentatie pas over twee weken volgt.

Gelderland heeft verheugd gereageerd op de beslissing van de Raad van State. De schorsing biedt volgens Gelderland de mogelijkheid betere plannen te ontwikkelen voor de betrokken tracé-onderdelen.

De belangrijkste schorsing geldt het container-uitwisselpunt bij Valburg. De drie andere schorsingen hebben betrekking op kruisingen met regionale wegen in Geldermalsen en Buren en op de passage met de Linge bij Tiel. Het container-uitwisselpunt wordt door betrokkenen van wezenlijk belang geacht voor het succes van de Betuwelijn. Ter plekke moeten containers overgeplaatst kunnen worden, bijvoorbeeld van vrachtauto op trein of van trein op schip. Aan het container-uitwisselpunt is een groot 'rail service centre' gekoppeld, met dienstverlenende functies en een bedrijventerrein van driehonderd hectare.

De schorsing was aangevraagd door buurtbewoners en verschillende gemeenten, in afwachting van het beroep dat tegen het tracébesluit was aangetekend en dat dit najaar wordt behandeld. Volgens de Gelderse gedeputeerde J. de Bondt is het merkwaardig dat de Raad van State enkele maanden geleden wel akkoord ging met de Planologische Kernbeslissing (PKB), die inhoudelijk de aanleg van de Betuweroute mogelijk maakte, maar nu niet met het tracébesluit, dat feitelijk niet meer is dan een concrete invulling van de PKB. “Bij de PKB was er tot onze teleurstelling geen inhoudelijke toetsing van de argumenten. Het is daarom vreemd dat de Raad van State nu wel gehoor geeft aan de bezwaren.”

De Bondt is overigens blij met de schorsing, omdat het volgens hem de mogelijkheid biedt ter plaatse een modern overslag-punt aan te leggen. In eerste instantie ging minister Jorritsma (Verkeer en Waterstaat) uit van een 'ouderwets rangeerterrein met acht sporen', zoals De Bondt het verwoordt. “Daarvan hebben wij gezegd dat dat veel moderner kon. Als je op zo'n plek met kranen werkt die de containers kunnen verplaatsen, heb je aan vier sporen genoeg. En dat betekent natuurlijk aanzienlijk minder belasting voor de regio. Er is toen met goedkeuring van de minister een werkgroep gevormd, waarin onder andere de provincie en Rijkswaterstaat zitting hebben. Die werkgroep moet de nieuwe plannen ontwikkelen.”

De Bondt gaat er van uit dat Raad van State eerst de nieuwe plannen wil zien, voor er een besluit over het container-uitwisselpunt wordt genomen.