'Knoet' Bukman treft zijn beul

Het moet voor Piet Bukman een vreemde gang zijn geweest. In het Kuyperhuis, waar hij een groot deel van de jaren tachtig resideerde als ongenaakbaar voorzitter, zegde een verre opvolger hem zonder pardon de wacht aan. Of hij zich maar niet meer beschikbaar wilde stellen voor een nieuwe periode, want er moest vernieuwd worden. 'Piet, je bent iemand van de oude generatie, we moeten verjongen', was de boodschap.

Kamervoorzitter Bukman zag de bui hangen: hij was al met grote moeite in zijn functie gekozen, had daarna het nodige gedonder over zich heen gehad, nog meer troubles kon hij niet hebben. Dus moet zijn fractieleider eerdaags in rechtstreeks overleg met de partijvoorzitter proberen voor hem een verkiesbare plaats te veroveren. Al was het maar omdat een in zijn eigen partij in ongenade gevallen Kamerlid zijn gezag als voorzitter meteen kwijt is.

En zo bevindt de man, die als partijvoorzitter bekendheid verwierf als 'de knoet' en 'de Lenin van Voorschoten', zich in een netelige positie: hij is afhankelijk van de genade van anderen. Hoeveel kans heeft Bukman nog? De oud-minister van Landbouw geniet in zijn partij geen grote sympathie. Bij de vorige kandidaatstelling duikelde hij als minister pijnlijk van een zesde naar een elfde plaats op de kandidatenlijst. En de agrarische achterban heeft het nog altijd niet op hem voorzien. Niet-agrariërs herinneren zich Bukman misschien als een minister die probeerde met een amice-briefje aan collega-minister Andriessen een voorgenomen verhoging van de gasprijs voor tuinders uit te stellen. Agrariërs in het CDA herinneren zich vooral een minister die onvoldoende aan hun wensen tegemoet kwam. Zo zijn er CDA-afdelingen, zoals in de Bollenstreek, waar ze de oud-minister van Landbouw per se niet meer willen zien. Van de achterban kan hij het dus niet verwachten, generatiegenoten uit het tijdperk-Lubbers spelen nauwelijks een rol meer in de partij en fractieleider De Hoop Scheffer kan in feite alleen een vriendelijk pleidooi voor hem houden. Het zijn bange dagen voor Piet Bukman.