Zeeuws Meisje put kracht uit computer

Vier jaar geleden begaf Robert Alberdingk Thijm zich samen met regisseur Norbert ter Hall en een pot augurken naar de VPRO. Ze hadden een idee voor een jeugdserie: Zeeuws Meisje. Drie weken geleden zond de VPRO op zondagochtend de eerste aflevering uit. Zeeuws Meisje vangt met de oorijzers aan haar kanten kapje signalen op van mensen in nood.

Dan vliegt ze er onmiddellijk op uit om de persoon in kwestie te redden. Het verhaal speelt zich af in de tijd van 'na de Grote File' - een grote verkeersopstopping die nooit meer is opgelost. Nergens is nog een stukje groen te bekennen. De enige groente die nog kan groeien is de augurk. De machtigste man van het land is dan ook de tirannieke augurkenbaron August Horks. Alleen Zeeuws meisje durft de strijd met hem aan te gaan.

Scenarioschrijver Alberdingk Thijm had zichzelf aanvankelijk een heel ander bestaan toegedacht. Op de middelbare school schreef hij jaarlijks de musical voor de 'grote avond', en het liefst was hij naar de toneelschool gegaan. Maar omdat hij “technisch ongeschikt” bleek, koos hij uiteindelijk voor de studie rechten. Dan zou hij in zijn vrije tijd wel blijven schrijven - zoals de notarissen en advocaten van zijn plaatselijke toneelvereniging in Laren in de avonduren Molière instudeerden. Maar tijdens zijn stage bij een groot advocatenkantoor werkte hij op zijn computer vooral aan het script van In de Vlaamsche Pot. Via via mocht hij voor deze Nederlandse komedieserie twee afleveringen maken. Met Alberdingk Thijm en de advocatuur is het nooit meer goed gekomen.

Zeeuws meisje is gemodelleerd Batman, zegt Alberdingk Thijm, een avonturenserie voor het hele gezin. Wel moest de heldin “een Hollands archetiepje” zijn. En natuurlijk had zij een tegenkracht nodig, omdat “een superheld pas uit de verf komt in een rijk van duisternis”. “In een ontzettende vrolijke verzorgingsstaat hoeft Zeeuws Meisje niet rond te vliegen om mensen in nood te helpen.” Daarom verzon Alberdingk Thijm de tirannieke augurkenmagnaat Horks. Zelf had hij vroeger op school gezeten bij de dochters van augurkenfabrikant Luyks. “Die familie organiseerde met verjaardagen een koetstocht compleet met verkleedpartij. En in hun zwembad dreef een enorme opblaasbare augurk. Dat heeft indruk gemaakt.”

Zeeuws Meisje is een beetje een parodie op het huidige doemdenken, zegt Alberdingk Thijm. In de serie lekt er bijvoorbeeld 'augurkenzuur', breken de 'groene mazelen' uit of dreigt de allerlaatste windmolen van Nederland gesloopt te worden. Maar dit doemscenario wordt door kinderen niet als bedreigend ervaren, meent Alberdingk Thijm. “Kinderen hebben intuïtief veel meer gevoel voor humor dan volwassenen. Denk maar aan Donald Duck. Dat is eingelijk ook een parodie op de materialistische Amerikaanse maatschappij. Maar geen kind dat denkt 'o, o, oppassen voor het kapitalisme'. Wat ze zien is een grootkapitale gek die een emotioneel gebrek compenseert met geld.” Het wellicht meest bedreigende in Zeeuws Meisje is onbedoeld. 'Waar zijn de moeders gebleven in dit verhaal?', had een klein meisje aan de scenarioschrijver gevraagd. “Dat had ik me niet eens gerealiseerd, maar die zitten er inderdaad niet in. Misschien dat het daarom zo naargeestig is.”

Om de stad van Zeeuws Meisje de illusie te geven van een dichtbepakte, met auto's volgegroeide stad is gebruik gemaakt van geavanceerde computertechnieken. Een gebouw waarvan bijvoorbeeld in de studio alleen de begane grond stond, kreeg er in de computer drieëntwintig verdiepingen digitaal bijgetekend. En van de 'Grote File' pasten maar negen auto's in de studio, maar op televisie is een eindeloze rij wrakken te zien. En zonder computer had Zeeuws Meisje natuurlijk nooit kunnen vliegen. De schier oneindige mogelijkheden van de computer hebben ook gevolgen voor het scenario. Drie extra figuranten was bijvoorbeeld wel een budgettair probleem, maar de stad laten overstromen met schoon water bleek eenvoudig uit te voeren met een bestaand software programma. “Soms sloeg ik daardoor wel een beetje op hol”, zegt Alberdingh Thijm. “Ik had een aflevering bedacht waarin Zeeuws Meisje naar de maan zou vliegen. Waarom niet? Alles kan. Maar dat idee ontspoorde volledig. Je moet jezelf omwille van het verhaal beperkingen opleggen. Daarom wilde ik ook niet dat Zeeuws Meisje heel sterk zou zijn, zeg maar een soort Jerommeke. Ze moet juist slimme oplossingen bedenken.”

Als kind was Alberdingk Thijm bijzonder onder de indruk van 'Kunt u mij de weg naar Hamelen vertellen?' “En nog steeds houd ik niet van sociaal realistisch drama. Het moet een beetje mysterieus zijn.” Een kinderserie moet uitdagend zijn, vindt hij. “Zo'n programma als Telekids op RTL is natuurlijk ontzettend goed gemaakt. Maar de kinderen worden wel klaargestoomd voor de rest van de RTL-programmering. Ze zitten vrij passief voor de buis.”

Dat Zeeuws Meisje in de media veel aandacht krijgt, vindt Alberdingk Thijm “natuurlijk prettig”. “Wat ik alleen niet begrijp: Elke sportjournalist weet tot in details alles van tactiek en opstelling, maar geen enkele journalist die over televisie schrijft weet wat je voor een bepaald budget kunt maken.Waarom wordt over televisie altijd vanuit een lekenstandpunt geschreven?” De kwaliteit van televisierecensies kan over het algemeen veel beter, meent hij. Recensies geschreven met kennis van zaken zullen volgens hem uiteindelijk hun weerslag hebben op de programma's zelf. “Neem de dagelijkse selectie van NRC Handelsblad. Daarin mis ik elke verwijzing naar programma's van commerciële omroepen. Natuurlijk, het praatprogramma van Catherine Keyl is vaak heel slecht. Maar soms zit er een goeie tussen, die wordt dan alleen niet opgemerkt. Als programma-maker van Catherine zou ik me dan ook niet aangespoord voelen om mijn programma ook voor lezers van NRC Handelsblad interessant en onderhoudend te maken. Ik vind het werkelijk onbegrijpelijk. Een op de drie kleine toneelprodukties krijgt een uitgebreide recensie, maar televisieprogramma's worden vaak afgedaan met een paar zinnetjes.”