Tweede Kamer wil fiscaal paal en perk stellen aan bonussysteem; Belastingdienst is vriendelijk voor managers met opties

Cor Herkströter (Shell), Morris Tabaksblat (Unilever), en Cor Boonstra (Philips) waren het tijdens een tv-gesprek op een zondag vorige maand over één ding absoluut eens: topmanagers kun je alleen maar krijgen en behouden wanneer ze een aantrekkelijk optieregeling voorgeschoteld krijgen.

“Opties zijn bedoeld om mensen voor langere termijn aan een bedrijf te binden”, aldus Herkströter “Die loyaliteit is uitermate belangrijk, daar gaat het om.”

Aandelenopties geven managers het recht aandelen in hun bedrijf te kopen tegen vooraf vastgestelde prijzen. Driekwart van de Nederlandse beursgenoteerde ondernemingen heeft een aandelenoptieplan voor zijn topmanagers. Als gevolg van de buitengewoon sterke koersstijgingen de laatste twee jaar op de Amsterdamse effectenbeurs zijn met deze optieregelingen inmiddels miljarden guldens gemoeid.

Met de spectaculaire stijging van de inkomens groeit de publieke weerstand. Staan de loonsverhogingingen nog wel in verhouding tot de geleverde prestaties? De aandelenkoersen schoten omhoog als gevolg van de lage rente, en dat heeft niets te maken met de kwaliteit van het management.

De opgelaaide discussie over de lucratieve aandelenopties voor managers moet niet worden belast door overwegingen van jaloezie, waarschuwde algemeen directeur Kees van Rees van het Shell Pensioenfonds deze week op de algemene ledenvergadering van de Vereniging van Effectenbezitters (VEB). “Opties zijn een prima prikkel voor directeuren en zorgen ervoor dat goede ondernemers voor grote Nederlandse bedrijven behouden blijven.”

Geïmporteerd vanuit de Verenigde Staten en Groot-Brittannië zijn optieregelingen ook in Nederland de afgelopen jaren zeer populair geworden. Niet alleen het aantal regelingen, maar ook de bedragen die er mee gemoeid zijn, worden steeds omvangrijker.

Vorige week ontdekte ook de vakbeweging en de politiek de aandelenoptie: zowel PvdA-fractievoorzitter Jacques Wallage als FNV-voorzitter Johan Stekelenburg hekelden de optieregeling. “Hoe lang houdt een samenleving het vol om terughoudendheid te verlangen van mensen aan de onderkant en tegelijkertijd te zien dat enkelen aan de top zich ongegeneerd verrijken”, vroeg Stekelenburg. Wallage, zaterdag in de Volkskrant: “Topmanagers die zichzelf een bonus verschaffen van honderdduizenden tot aan miljoenen guldens geven een volkomen fout signaal.” Hij beschuldigde de captains of industry van “onaanvaardbaar cynisme” door zo nadrukkelijk voor zichzelf te zorgen, terwijl hun werknemers doorgaan met matiging van de lonen.

In Nederland was de beloning van bestuurders tot enkele jaren geleden geen discussiepunt. Internationaal gezien lag de beloning op een bescheiden niveau. Dat gold zowel voor het directe salaris als voor de variabele (van de prestatie afhankelijke) beloning. “Maar de situatie van managers van Nederlandse bedrijven is niet goed vergelijkbaar met die van hun collega's van Angelsaksische ondernemingen omdat in Nederland nog weinig relatie wordt gelegd met de geleverde prestaties”, meent Lylian Collier van het belastingadviesbureau Coopers & Lybrand. “En bij een betere meeting van de prestaties past een gemiddeld hogere beloning.” Op dit moment betalen grote Nederlandse bedrijven hun topmanagers steeds vaker naar Angelsaksisch model: de financiële extraatjes in de vorm van opties worden steeds populairder.

In de Tweede Kamer gingen deze week stemmen op om deze opties zwaarder fiscaal te belasten. Het PvdA-Kamerlid Tineke Witteveen eiste op korte termijn een brief van minister Gerrit Zalm (Financiën) en wil paal en perk stellen aan “de fiscale douceurtjes”.

In vergelijking met andere Europese landen heeft Nederland een relatief gunstige fiscale behandeling van de optieregeling, legt Colliers collega Wim Holterman uit. Wanneer een manager een optie krijgt, moet hij 7,5 procent van de onderliggende waarde bij zijn belastbaar inkomen optellen. “In principe is het hetzelfde als het huurwaardeforfait, waarbij het inkomen wordt gecorrigeerd voor de waarde van het eigen huis”, zegt Holterman.

Op dit moment betalen ondernemers na uitoefening van de opties en verkoop van de aandelen geen belasting over de koerswinst (dit geldt trouwens voor iedere Nederlander die aandelenopties koopt). Zo omzeilen ze het 60-procentstarief van de inkomstenbelasting dat ze moeten betalen over een gewone winstuitkering.

Volgens Collier speelt de fiscale behandelingen van opties “een zeer belangrijke rol” in de fiscale concurrentiepositie van een land. “De concurrentiestrijd tussen lidstaten om bedrijven binnen de landsgrenzen te krijgen èn te houden wordt steeds feller.

Dan moet je managers met concurrerende belastingvoorwaarden weten te lokken. Maar daarnaast moet er meer aandacht komen voor het meten van prestaties en de daaraan gerelateerde beloning in de vorm van aandelenopties. Winsten op opties moeten worden verdiend door beter te presteren dan de markt waarin wordt geopereerd.''

Door de hoge beurskoersen zijn met de personeelsopties miljarden guldens gemoeid