Danny

De moeder van alle plakboeken staat een verschrikking te wachten. Volgende week, rond deze tijd, zal Danny het begeven onder het gewicht van specials, bijlagen, mega-interviews, strips, cartoons, videobanden, boeken, psalmen en litanieën. Ze zal zich oud en lelijk voelen en vooral heel erg verlaten.

Haar man is vijftig geworden en zij dus ook. Zijn jeugd wordt nageweend, de hare heeft nooit bestaan.

Was het toch niet beter geweest dat een eigentijdse Piero della Francesca doek en penseel had genomen en Hendrik Johannes Cruijff had vereeuwigd als Jezus Christus. In rood gewaad, met Rinus Michels, Jaap van Praag, Piet Keizer, Johan Neeskens, Jan van Beveren, en nog een stelletje vrome bedelaars knielend aan zijn voeten? Daarmee was toch alles gezegd. Het schilderij had alvast meer kleur gegeven aan de Arena - die stugge betonmolen - dan het kladderige hoofd van J.C. dat er nu hangt. En Danny had gewoon op zaterdag naar de kapper kunnen gaan, zoals ze altijd doet. Nu staat het mens een weekend lang tussen lorrenboeren die in oud papier doen. En ze was al zo onzeker over de schoonheid der jaren die ze in en met zich draagt.

In alle canto's die je dezer dagen over Cruijff hoort en leest kom je wel de klinkers van Betondorp tegen, maar niet een keer de naam van Danny. Het is alsof ze niet bestaat. Althans niet in woorden, hooguit op een vergeelde foto. Zij zwijgt en hij kent haar naam niet meer. Over Jordi wil het vaderlijke genie, aan de voet van de reservebank van Manchester United, nog wel eens lyrisch worden als een ontmaagde non, maar zijn vrouw kan hij niet meer in de tijd plaatsen. Danny is voetbalweduwe, misschien wel dwaze moeder. In haar naam is de kamferreuk gekropen van een verwaarloosd kerkhof.

En toch: Danny is de enige standaard die de compleetste voetballer aller tijden nooit heeft losgelaten. Ik weet wel dat zij bang is voor haar eigen schaduw, dat ze haar jukbeenderen hooghartiger nakauwt dan ze zijn, dat ze geen halogeenlicht en misschien wel geen vrienden verdraagt, maar toch: zij is de kwintessens van het raadsel, van de magie. Welaan dan, heren persmuskieten, lok Danny in dit jubileumjaar voor een keer uit haar gewetensvolle verlatenheid en stel je niet tevreden met het nagellakverdriet van madame Boateng. Het kost je haring en nederigheid, dat weet ik ook wel, maar wat dan nog: wie de Cruijffmythe wil voltooien kan niet om het vrouwtje heen.

Dochter van Cor Coster, so what? Ik ken nog vaders die napalm in de ogen laten gloeien als hun dochters worden benaderd of belaagd. Communicatie is nu eenmaal altijd een circus aan de rand van het graf. Geloof me, heren, Danny is het spiegelbeeld van de onderbuik van Johan, en dieper kun je in de kennismaking niet gaan. Niet bij voetballers, niet bij dichters.

Ik ben jarenlang een fan van Rik van Looy geweest omdat ik van Nini hield. De keizer van Herentals had een prachtige vrouw die hem na iedere klassieker aan de meet opwachtte. Ze was blond, hoogbenig, een mond kwetsbaarder dan stippellijntjes, de heupen zo dicht bij elkaar dat ze door één trouwring konden. En ze zweeg. Altijd. Soms lachte ze ook, maar alleen als Rik Luik-Bastenaken-Luik had gewonnen. Later, toen ik haar beter leerde kennen, heb ik haar alleen maar zien huilen. Van geluk, van verdriet, van humeurigheid en ook wel om de roestvlekjes op haar gracieuze handen. Maar nog steeds weet ik: Nini was het verzamelde geweten van het hele peloton. Zij was het geheim van de duistere kracht die renners door de brand van hun lijf heen laat fietsen, de ogen doet sluiten voor zwarte sneeuw.

In die surrealistische overgave ligt ook het geheim van Danny. Hoe leef je met een man die zichzelf heeft uitgevonden? Hoe hou je het vol, en waarom? Het antwoord op deze vraag is eigenlijk het enige wat ik nog over Cruijff wil lezen. Danny, en zij alleen, bewaart en bewaakt de sleutel van het mysterie. Zij kan ons door de catacomben van het mysterie leiden naar een heldere hemel. Naar een verklarend licht. En, om eerlijk te zijn, ik zou ook wel willen weten of Danny de oksels verfrist met een Chanel 5 of met een Valentino. Want reken maar dat Johan juist in die schamele holte sterveling onder de stervelingen is. Die warme plek zou ik graag kennen. Desnoods via een röntgenfoto.