Krantenknipsels en een plattegrond

Minette Walters: The Echo, Macmillan, 343 blz. ƒ 63,35

Is detectiveschrijfster Minette Walters de nieuwe Arthur Conan Doyle aan het worden? De vergelijking dringt zich op. Zoals Sir Arthur begin deze eeuw regelmatig werd geconsulteerd bij echte misdaden, zo was pas geleden op de BBC een korte documentaire te zien waarin Walters in Gent op zoek ging naar het sinds de jaren dertig vermiste paneel van De aanbidding van Het Lam Gods, de polyptiek van de gebroeders Van Eyck. Het schilderwerk kwam niet boven water, al suggereerde de auteur een aannemelijke oplossing, maar het was onderhoudend om naar te kijken.

Zeker is dat Walters na de vier dikke misdaadromans die sinds 1992 van haar zijn verschenen, een grote faam heeft verworven en bovendien een aantal prestigieuze awards. De BBC zond onlangs een televisiebewerking uit van The Ice House (wordt 17 juni uitgezonden door de VARA), en eerder The Sculptress (in het najaar hier te zien). Volgende delen zijn in de maak. Vaste personages als Sherlock Holmes en dr. Watson houdt Walters er niet op na. Haar boeken staan op zichzelf en hebben steeds andere hoofdpersonen. Levensechte, interessante, hedendaagse karakters. In het zopas verschenen vijfde boek: The Echo, is de hoofdpersoon een man, in haar vorige ging het vooral om vrouwen. Die vrouwen worden door Walters - en dat maakt haar werk zo plezierig - niet gemodelleerd naar enigerlei stereotype. Ze zijn niet lief en onschuldig, of verleidelijk en slecht; niet per se mooi of lelijk; niet per se moeder of carrièrevrouw. Ze kunnen slachtoffer zijn zowel als dader, en soms zijn ze degenen die het raadsel oplossen. Want de raadsels zijn gebleven: hoe modern ook wat personages betreft, Walters' werk valt binnen het aloude genre van de whodunnit.

Het raadsel in Walters' eerste, The Ice Room, een boek met veel traditioneel-Engelse speurdersingrediënten als een landhuis, een pub, oude krantenknipsels en een plattegrond, is een klassieke gesloten-kamerpuzzel; de vijandigheid van dorpsbewoners jegens de aantrekkelijke lesbiennes die het landhuis bevolken, speelt een belangrijke rol. Zulke vrouwen moeten wel moordenaressen zijn, denkt met het dorp de politie. En daarin hebben de heren misschien wel gelijk.

In deze roman al vatte Walters de regels van het genre - de vraag naar schuld en onschuld - dubbelzinniger op dan te doen gebruikelijk. Het waarom, heeft ze ooit verklaard, is belangrijker dan het wie, en redenen voor moord hebben nu eenmaal velen onzer. In haar volgende drie boeken versterkte ze dat genre-ondermijnende aspect. De positivistisch te noemen Holmesverhalen eindigen altijd netjes in een plot waarbij alle stukjes perfect op hun plaats vallen. Walters wier verbeeldingskracht onuitputtelijk lijkt, laat ons daarentegen, zelfs als we alle gegevens in handen hebben, achter met knagende twijfel. Is het nu wel zo? Of kan het toch anders zijn gegaan? Moet ik de feiten niet net omgekeerd interpreteren?

Is de als uiterst gewelddadig beschouwde maar tegelijk aangrijpende jonge vrouw, bijgenaamd The Sculptress, wel zo onschuldig als de journaliste die haar in haar cel interviewt, gaat vermoeden. En zal de op het eerste gezicht aantrekkelijke, sympathieke, intelligente modefotografe Jinx die aardige psychotherapeut in leven laten, die met zoveel inzet poogt de raadselen uit The Dark Room van haar verleden te ontwarren? En die jonge huisarts die zo gesteld lijkt op de rijke oude dame die in The Scold's Bridle met doorgesneden polsen in haar bad werd gevonden - zij had verdacht veel te winnen bij de dood van haar aristocratische patiënte.

Ondanks hun gelaagdheid zijn Walters' boeken ouderwets-spannende misdaadverhalen: unputdownable, met vaart en prachtige plots. Dat geldt ook voor The Echo, waarin een journalist, Michael Deacon, geobsedeerd raakt door de rijke architecte Amanda Powell, die enige tijd tevoren in haar garage het lijk heeft aangetroffen van een van de vele Londense daklozen en wier blauwe ogen hem onweerstaanbaar aan zijn gehate moeder doen denken. Tegelijk raakt hij geobsedeerd door de dode. Want wie was deze Billy Blake, wiens uit de politiearchieven naar boven gekomen naam noch leeftijd blijkt te kloppen? En waarom zocht hij juist Powells garage uit om van honger te sterven? En waarom klopte hij niet even op haar deur om wat eten te vragen? En wat heeft dit alles te maken met een aantal opzienbarende vermissingen uit voorafgaande jaren? En met William Blakes gedicht Oh Rose, thou art sick!

Aangezien Deacon, kinderloze vrijgezel als hij is, toch niets beters te doen heeft dan op zijn ongezellige flat ten onder te gaan in de jaarlijkse kerstdepressie (de Seasonal Adjusted Disorder: SADness) of gewoon door te werken, werpt hij zich op deze duistere zaak en en passant ook op een van Billy's mededaklozen, een veertienjarige junk met een kaalgeschoren nazi-uiterlijk en een grote mond. Onvervulde zorgbehoeften? Egoïsme? Naïviteit? Net als in Walters' vorige boeken wordt de blik van de speurder in hoge mate gestuurd door diens eigen emotionele geschiedenis en verandert de speurtocht zijn leven.

Een van de morele lessen van The Echo is dat kleine, schijnbaar onbetekenende intermenselijke nonchalances flinke gevolgen kunnen hebben. Hoewel Deacon in zijn egocentrische slordigheid een meester is in het uitdelen van dit soort onbewuste kwetsingen, blijkt hij zijn verdorde ziel toch te kunnen openstellen voor de spirituele raadgevingen van de dode alcoholist Billy. Door diens warhoofdige prediking van schuld, straf, berouw, boetedoening en verlossing als kompas te kiezen, brengt hij de case tot klaarheid. Revenge is a dish best eaten cold, houdt Deacon zijn en Billy's pupil in het begin van het boek voor. Maar uiteindelijk gaat The Echo meer over eenzaamheid en liefde dan over wraak. Een van de ontroerendste scènes is de kerstlunch van vier eenzame mannen. En al worden alle daders keurig ontmaskerd, ook in dit laatste boek zijn goed en kwaad niet ondubbelzinnig over twee partijen verdeeld. De echo van het verhaal klinkt dan ook nog een tijdje na.

Alle boeken van Walters zijn in het Nederlands uitgegeven door De Boekerij. In juni verschijnt 'De Echo'. Behalve 'The Echo' zijn haar Engelse boeken in paperback verkrijgbaar (ca ƒ 20,-).