Joods Historisch Museum jubileert

Met een speciale expositie viert het Joods Historisch Museum in Amsterdam vanaf morgen zijn 65-jarig bestaan. Het museum wil, zegt directeur J. Belinfante, 'alle facetten van het Nederlandse jodendom' laten zien en landelijk bekender worden.

AMSTERDAM, 16 APRIL. In het Joods Historisch Museum in Amsterdam, dat morgen jubileert, gonst het van bedrijvigheid en plannen voor nieuwe tentoonstellingen vliegen over de vergadertafel. De toenmalige Amsterdamse wethouder kunstzaken, E. Boekman, opende het museum, dat was gehuisvest in een kamertje in het Waaggebouw op de Nieuwmarkt, 65 jaar geleden.

Morgen is het tien jaar geleden dat het museum zijn intrek nam in het Hoogduitse synagogencomplex aan het Jonas Daniël Meijerplein. Ter gelegenheid daarvan opent minister-president Kok morgen de jubileumtentoonstelling Joods van stof - verhalend textiel uit de eigen collectie. De vooroorlogse textielcollectie omvatte ruim 700 voorwerpen waarvan er na de oorlog ongeveer 150 over waren. Gedurende de jaren vijftig werden pogingen in het werk gesteld de verzameling weer aan te vullen. De Portugees-joodse gemeente gaf een aantal 18de-eeuwse Torarmantels in bruikleen, door de opheffing van een groot aantal joodse gemeenten kon de collectie verder worden uitgebreid. Tevens is een foto-tentoonstelling ingericht, Joodse vrouwen wereldwijd van de Amerikaanse fotografe Joan Roth. Zij reisde tien jaar lang naar joodse gemeenschappen in verschillende uithoeken van de wereld.

Het museum kan bogen op een stabiel bezoekersaantal van ongeveer 100.000 per jaar. Volgens directeur J. Belinfante moeten dat er meer worden: “Ik hoor nog te vaak mensen zeggen: 'ik weet dat het Joods Historisch Museum bestaat, maar dat is niets voor mij. Daar hoor ik niet bij'.” Om meer landelijke bekendheid te krijgen is het museum een campagne begonnen onder het motto 'Je wordt wijzer in het Joods Historisch Museum.' Onder die titel is ook een boekje verschenen dat bezoekers antwoord geeft op vragen als: is een liberale jood een VVD-er?

De verhuizing van het Waaggebouw naar het Hoogduitse synagogecomplex werd destijds met gejuich begroet. Nog steeds is Belinfante te spreken over de huidige lokatie, maar toch heeft ze regelmatig last van het gebrek aan ruimte. “We hebben twee galerijen in gebruik. Dat betekent dat grote tentoonstellingen een probleem zijn. Je wilt steeds meer dan de vorige keer, je wilt het ook steeds beter, maar beter betekent uitgebreider en dat kan zelden.” Ook in financieel opzicht stuit het museum op beperkingen. Van het Rijk ontvangt het jaarlijks drie miljoen gulden, jaarlijks moet een miljoen gulden elders worden gevonden om exposties te financieren en de collectie uit te breiden. De stichting Vrienden van het Joods Historisch Museum draagt niet alleen in financieel opzicht een steentje bij. De stichting schrijft regelmatig bedrijven en instellingen aan met de vraag of zij bereid zijn een bepaalde expositie mee te financieren.

Belinfante: “Sommige tentoonstellingen gaan onze deur helaas voorbij. We konden bijvoorbeeld een collectie van de vroege tekeningen van Chagall in bruikleen krijgen, afkomstig uit Russisch openbaar- en privébezit. Of we maar 300.000 dollar wilden neertellen, exclusief de transportkosten.” Dat kon het museum niet betalen. Een beter lot was de tentoonstelling beschoren over het Oude Testament in de 17de-eeuwse schilderkunst en de schitterende semi-permantente tentoonstelling Venter, fabriqueur, fabrikant. Joodse ondernemers en ondernemingen in Nederland, 1796 - 1940. In 1796 werd de gelijkberechtiging van de joden in Nederland een feit.

Zolang het museum bestaat, heeft het zich nooit vastgepind op één visie, bijvoorbeeld de zionistische of de orthodoxe. Ook is er bewust niet voor gekozen het accent te leggen op de donkere jaren 1933-1945. Er wordt aandacht besteed aan alle facetten van het Nederlandse jodendom.

Toch is één facet nog steeds onderbelicht, de ultra-orthodoxie zoals deze zich ook in Nederland manifesteert. Belinfante: “Ook al zijn de aanhangers van bijvoorbeeld de Lubavitcherbeweging hier niet zo talrijk, we willen wel aandacht aan hen besteden. De vraag is nog hoe we dat vorm gaan geven.” De Lubavitcherbeweging is een stroming in het jodendom die gerelateerd is aan het Chassidisme, dat meer nadruk legt op vroomheid en gebed dan op studie van de Talmud.

Onlangs was een delegatie uit Kaapstad bij haar op bezoek om te praten over een joods museum in die plaats. De intiatiefnemers willen de nadruk leggen op de geschiedenis van de joden in Kaapstad, van wie de meesten afkomstig zijn uit Litouwen en op de staat Israël. “Dat is een keuze, maar de joodse cultuur is zo gevarieerd en veelzijdig dat je veel weglaat als je voor één visie, bijvoorbeeld de zionistische, kiest”, aldus Belinfante.

In de nabije toekomst wil het museum aandacht besteden aan de joden en de nieuwe wereld - Suriname en de Antillen. Volgens Belinfante hebben veel Creolen joodse voorvaderen en zijn in de Creoolse traditie joodse gebruiken terug te vinden.