Stakingen markeren achterstand Italië

ROME, 15 APRIL. Italië heeft een stakingscultuur. Bonden staken graag en snel, uit protest of bij voorbaat. Maar de actie die de benzinepomphouders vanavond beginnen, introduceert een nieuw element: voor het eerst wordt er gestaakt tegen een prijsverlaging.

Het is de bedoeling dat anderhalve dag alle pompen dicht blijven. Ook langs de snelweg en bij zelfbedieningspompen zou geen druppel benzine te krijgen zijn. De benzinepomphouders hebben tot deze actie besloten uit protest tegen de prijsverlaging van ongeveer zes cent die de staatshoudstermaatschappij Eni heeft doorgevoerd bij haar Agip en IP zelfbedieningspompen.

Deze protestactie illustreert de achterstand van Italië ten opzichte van Europa op het gebied van distributie en de dienstensector in het algemeen. Economen hebben de inefficiëntie bij veel kleine bedrijven in die sectoren aangewezen als een belangrijke en moeilijk te controleren bron van inflatie. De achterstand moet worden weggewerkt wil Italië kunnen concurreren met andere landen van de Europese Unie, maar dat gaat niet zonder veel sociale pijn.

De pomphouders zien in de prijsverlaging de opmaat voor een “wilde en ongeregelde herstructurering” van hun sector. Die is hard toe aan een ingreep.Het wemelt van de kleine benzinestations, met vaak niet meer dan twee pompen. Italië heeft ongeveer 29.000 benzinepompen, anderhalf keer zoveel als Frankrijk en Duitsland.

Het grootste deel van die pompen is met bediening. Dat is prettig als je wilt voorkomen dat je handen gaan stinken, maar het houdt de prijs hoog. Met die hoge prijs is een stukje werkgelegenheid gekocht, volgens een vast patroon in de Italiaanse staatssector.

Staatsbedrijven in Italië zijn lang meer een bron van banen geweest dan een instrument voor dienstverlening aan het publiek. Zij hebben meer mensen in dienst dan nodig. Met name de posterijen en de spoorwegen zijn decennia lang gebruikt als een reservoir van banen, die vaak werden vergeven in ruil voor een stem. Werknemers daar hebben weinig belangstelling voor herstructureringsplannen om de produktiviteit te verhogen, omdat die onvermijdelijk leiden tot forse inkrimping van het aantal arbeidsplaatsen. Daarom wordt er bij de spoorwegen gestaakt tegen plannen die uiteindelijk tot een betere dienstverlening aan de reizigers moeten leiden. Daarom bleven de postkantoors een paar weken geleden een dag dicht. En daarom staken de benzinepomphouders tegen een prijsverlaging.

“Dat is niet alleen curieus, maar zorgwekkend,” schreef de linkse krant La Repubblica naar aanleiding van de benzinestaking. “Het tekent de gevaarlijke aantasting die het instrument bij uitstek voor de solidariteit van de zwakken tegen de sterkeren kan ondergaan in een tijdvak van belangen die zijn georganiseerd volgens de logica van kleine groepen en corporaties.” Ondanks de boze commentaren ondergaan de meeste Italianen deze staking gelaten.Ze passen zich aan, zoals zo vaak. Veel automobilisten hebben vandaag hun tank laten volgooien, sommigen namen ook nog een jerrycan mee. Een enkeling hoopt dat de protestactie op het laatste moment wordt afgelast, zoals regelmatig gebeurt.

Veel bonden proberen op die manier sancties te omzeilen en de stakingskassen vol te houden. Vorige week donderdag was bijvoorbeeld een staking gepland in het lokale openbare vervoer -niet als laatste redmiddel, maar om alvast met de vuist op tafel te slaan en een sterkere onderhandelingspositie te krijgen. Die staking is woensdagnacht afgelast. De meeste forensen hadden dat niet op tijd in de gaten of vertrouwden het niet, pakten de auto en sloten berustend aan in de file. Luchtverkeersleiders hebben de afgelopen weken afgewisseld: nu eens lasten ze hun acties af, dan weer zetten ze die door, om niet voorspelbaar te worden. Voor vrijdag staan op de vliegvelden van Milaan acties op het programma. De bonden van de mensen die op de veerboten werken, hebben een stakingsgolf aangekondigd. En het is alleen maar wachten wanneer, niet of, er nieuwe stakingen bij de spoorwegen komen.

Een woordvoerder van de transportbond van de vakfederatie CISL, Antonio Riva, heeft erop gewezen dat stakingen in Italië “nooit een strijd op leven en dood” zijn. Het is soms een waarschuwing vooraf, soms spierballenvertoon tijdens een onderhandeling, soms een noodkreet. Stakingen in publieke sectoren als openbaar vervoer, post, gezondheidszorg zijn toegestaan als ze tien dagen van tevoren worden aangekondigd en als er een minimum aan dienstverlening wordt gegarandeerd.

De benzinepomphouders hebben voor hun gevoel al een grote concessie gedaan. Aanvankelijk wilden ze drie dagen de pompen dicht houden. Na de belofte van het kabinet dat het mee zou zoeken naar middelen voor een geleidelijke, niet te bruuske herstructurering, is die periode beperkt tot 36 uur. Maar de actievoerders staan alleen. Voor een staking tegen goedkopere benzine bestaat weinig begrip.