Top Clinton-Netanyahu: voortekenen ongunstig

TEL AVIV, 7 APRIL. De voortekenen voor het onderhoud tussen de Amerikaanse president Bill Clinton en de naar Washington gesommeerde Israelische premier Benjamin Netanyahu zijn ongunstig. Een mislukking van Clintons initiatief om het in groot gevaar verkerende Israelisch-Palestijnse vredesproces te redden, zal volgens Israelische commentatoren en Westerse diplomaten de spanning in het Midden-Oosten tot het kookpunt opvoeren.

Op de opiniepagina van de krant Ha'arets werd gisteren zelfs geargumenteerd dat een Israelisch-Palestijnse oorlog tot nieuwe Israelisch-Arabische oorlog kan leiden. Het hoofdthema van dit artikel is dat de Arabische wereld een Israelische aanval tegen de gebieden, die nu in handen van het Palestijnse gezag van Yasser Arafat zijn, zal beschouwen als een aanval op een Arabisch land. In dit opzienbarende artikel wordt als nieuwsfeit gegeven dat Netanyahu voor zijn vertrek naar Washington het Israelische opperbevel opdracht heeft gegeven een “repertoire van militaire acties in de Palestijnse gebieden voor te bereiden”. In de hoogste Israelische militaire regionen is men van oordeel dat dit tot oorlog zal leiden.

Vandaag waarschuwt Israels grootste krant, Yediot Ahronot ,voor de gevaren die elites in de Arabische wereld bedreigen die Israel de vredeshand reikten, als het Israelisch-Palestijns vredesproces ontploft. De centraliteit van het Israelisch-Palestijnse conflict als graadmeter voor Israels positie in het Midden-Oosten en mogelijke destabiliserende ontwikkelingen in de Arabische wereld wordt door deze krant onderstreept. Het Israelische ministerie van Buitenlandse Zaken heeft inderdaad uit verscheidene Arabische landen noodsignalen gekregen het vredesproces met de Palestijnen niet op de kwestie Jeruzalem - de bouw van een joodse wijk bij Har Homa - te laten doodbloeden.

Als de Palestijnse leider Arafat het heeft over Israels oorlogsverklaring aan het vredesproces doelt hij op de Israelische tanks die in reactie op Palestijnse terreur bij de Palestijnse steden zijn gestationeerd. In de Palestijnse media is dit thema de afgelopen dagen in allerlei vormen aan de orde gekomen. Netanyahu heeft zelf dit vuurtje van Palestijnse achterdocht opgestookt door vorig week voor een belangrijk forum van Likud te duiden op Israelische acties tegen de Palestijnen. Tot grote woede van de Amerikanen verklaarde Netanyahu bij die gelegenheid ook dat Israel er niet over piekert de bouw bij Har Homa stop te zetten. Het tegendeel is het geval: misschien om een zo groot mogelijk gebied bouwrijp te maken voordat Clinton zijn Israelische gast vandaag gaat polsen werken meer Israelische bulldozers uren langer op de hellingen van Har Homa.

De Amerikaanse president heeft slechts een uur voor het gesprek met Netanyahu uitgetrokken. Dat is duidelijk een teken van Amerikaanse irritatie over Netanyahu's anti-Palestijnse politiek hoewel het gesprek, gezien de ernst van de situatie, wel langer zal duren.

Netanyahu is met zijn eigen suggestie om over het akkoord van Oslo naar een Camp-David-achtige uitweg te springen, naar Washington uitgenodigd. De Amerikaanse diplomatie heeft in samenwerking met de Europese Unie op basis van deze nieuwe Israelische benadering een aantal vredessuggesties geformuleerd om op zijn minst het zwaar geschokte vertrouwen tussen Netanyahu en Arafat enigszins te herstellen.

Netanyahu zal de Amerikaanse president echter uitvoerig proberen uit te leggen dat de verantwoordelijkheid voor de huidige crisis bij Arafat moet worden gezocht. Deze heeft volgens Netanyahu de terreur als het beproefde Palestijnse wapen van stal gehaald om met joods bloed de Israelische politiek in de eerste plaats in Jeruzalem te bestrijden. In de VS is de aversie tegen terreur hevig.

In handen van Netanyahu is het dikke dossier van de Palestijnse terreur een diplomatiek wapen tegen toepassing van Amerikaanse druk. Zal dat president Clinton ervan weerhouden van Netanyahu het stopzetten of bevriezen van de bouw bij Har Homa te eisen ten tijde van de onderhandelingen als vertrouwenwekkende maatregel? Of zal hij genoegen nemen met een Israelische belofte om de bouw in de nederzettingen te bevriezen, zoals ook Rabin deed? Voor Arafat is echter, evenals dat voor Netanyahu het geval, de Israelische bouw in Jeruzalem een halszaak geworden.

Pas als dat vraagstuk, dat de hele Jeruzalem-problematiek symboliseert, uit de weg is geruimd kan er over een gang naar Camp David worden gepraat. Maar dan moeten de Israeliërs en Palestijnen het wel eerst eens worden over de eindoplossing van hun geschil. Toen premier Menahem Begin en president Anwar Sadat elkaar onder de supervisie van president Jimmy Carter in 1978 in Camp David ontmoetten was de vrede al voorgekookt. De hele Sinaï-woestijn tegen een Israelisch-Egyptisch vredesverdrag was de toverformule. Een dergelijke magische gedachte is Netanyahu vreemd. Misschien kan Arafat iets meer dan de helft van de Westelijke Jordaanoever van hem krijgen.

De kloof tussen de partijen is breed en diep en de vraag is of president Clinton hem kan overbruggen. Niet alleen om Israel en Palestijnen weer tot elkaar te brengen maar ook om de Amerikaanse belangen in het Midden-Oosten te beschermen. Die doorkruisen nu duidelijker dan ooit het Israelisch-Palestijnse conflict. President Clinton zal ongetwijfeld zijn strategische bondgenoot uit Jeruzalem aandacht vragen voor dit aspect van de crisis met de Palestijnen.