De ikoon in het borstelrek

Op dinsdagavond 8 april is in het Haagse Theater Diligentia om 20.15 uur een openbare voorstelling te zien van 'De Russische Oranje in Den Haag' door Nel Kars. tel. 070 36 51 851

Goud geeft glans en diamanten schittering: zonder juwelen is de mens dof en kan hij zijn status niet tot uitdrukking brengen. Vanuit die overtuiging bezetten vorsten hun bestaan door de eeuwen heen met juwelen. De lagere standen zochten die schittering, ze verlustigden zich aan kronen en diademen. Koningin Elizabeth I van Engeland versterkte haar toch al magische uitstraling met een vracht aan diamanten, parels en edelstenen. Deze vorstin, Spensers Faery Queen, wist dat ze met haar juwelen buitenlandse ambassadeurs verblindde, waardoor het ontzag voor haar land in de wereld toenam. Zij stond in haar opvatting niet alleen. Het dragen van edelstenen ging geen vorst in de 16de eeuw te ver. Toen Catharina de Medici in Reims gekroond werd, vormde haar met parels en edelstenen bestikte sleep zo'n zware last, dat ze letterlijk onder de kostbare ballast door de knieën ging. Een stoet hofdames moest haar op de been houden. De eerste Oranjes hadden weinig geld over voor uiterlijkheden. Pas in de Gouden Eeuw deed Amalia van Solms, prinses van Oranje, van zich spreken door het dragen van zogenaamde roosdiamanten en lichtgrijze barokparels, die in de inventaris van haar juwelen tot een sprookjesachtige opsomming leiden zoals: Een paar pendanten van vier groote peer peerlen met ses en sestich diamanten en: Een ketting met ses en zeventich diamante tafels dicke steenen.

Maar het is de 19de-eeuwse koningin Anna Paulowna, gemalin van koning Willem II, die als de meest prachtlievende van alle Oranjes moet worden gezien. Ze spant de kroon in het verzamelen van diamanten, amethisten, saffieren, robijnen en topazen. De dure liefhebberij vindt zeker haar oorsprong in haar Russische afkomst. Als kleindochter van Catharina de Grote en dochter van tsaar Paul I zat de hang naar diamanten haar in het bloed. Anna Paulowna, telg uit het Huis Romanow, kreeg tot voor kort weinig aandacht. Daarin is sinds de val van het communisme in Rusland drastisch verandering gekomen. Een Russische cultuurgolf overspoelt ons land: terwijl in Apeldoorn de expositie 'Tsaren tronen op Het Loo' (3 april gesloten) nog nagloeit, telt de tentoonstelling 'Catharina de keizerin en de kunsten' in de Nieuwe Kerk te Amsterdam al meer dan 200.000 bezoekers. 'Tsaar Peter de Grote en Holland' is te zien in het Amsterdams Historisch Museum en in het Haags Historisch Museum verduidelijkt 'Oranje - Romanow' de relatie tussen twee vorstenhuizen tussen 1813 en 1918.

Nog voor de Rusland-rage toesloeg was de actrice Nel Kars in de gedaante van Anna Paulowna al in levenden lijve aanwezig op het toneel. Haar rol in 'De Russische Oranje', geschreven door Ton Vorstenbosch, speelde ze onlangs voor de 300ste keer en het einde van de reeks voorstellingen is nog lang niet in zicht. De actrice slaagde er niet alleen in de hooghartige allure van de Russische Oranje-vorstin gestalte te geven, ze maakte ook zelf de kostuums, decorstukken en juwelen. Toen in 1995 werd herdacht dat Anna Paulowna 200 jaar geleden was geboren, trok Nel Kars met haar hele collectie hoepelrokken, bontstola's, kettingen, diademen, ikonen en sluiers naar Moskou om in het vermaarde Majakowski-theater een serie voorstellingen te geven. Op het laatste moment begon ze zich af te vragen of het allemaal wel Russisch genoeg was. Maar de reacties van het Moskouse publiek bewezen, dat het allemaal niet Russischer kòn.

Nel Kars is, net als grootvorstin Anna, in haar optreden niet zuinig met juwelen. Het flonkert om haar hals en in haar oren, het glanst aan haar vingers en in het haar en als ze zich beweegt rinkelt het zacht in haar rokken. In de eerste akte, die in 1829 speelt, is ze ontdaan over de diefstal van haar juwelen, die op spectaculaire wijze uit haar Brusselse paleis zijn ontvreemd. Het was niet de eerste keer dat ze getroffen werd in haar juwelenbezit. Bij de uitslaande brand in het koninklijk paleis verloor ze in 1820 bijna al haar kostbaarheden. “Zeg mij Annette-lief, hoe heb je je diamanten kunnen kwijtraken?” schreef haar moeder Maria Fjodorovna toen ze het bericht over de ramp vernam, “zaten ze niet allemaal bijeen in dezelfde kist, waren ze soms verspreid over verschillende plaatsen? Mevrouw Tsjernisjef zegt dat de parels uit het raam zijn gegooid.” In vrijwel alle volgende brieven bejammert de voormalige tsarina de juwelen en berispt haar dochter over het slordig beheer van de kostbaarheden. Anna's beschadigde diamanten worden in Rusland gepolijst en opnieuw gezet. Maria Fjodorovna en haar zoon tsaar Alexander schenken de koningin nieuwe juwelen om het verlies te compenseren.

Voor Nel Kars, die als Anna Paulowna suggereert dat ze een duizelingwekkende waarde aan juwelen draagt, vormden de kostbaarheden aanvankelijk een probleem. Zelfs het maken van kopieën zou veel te duur zijn voor een theatervoorstelling. Daarom ging de actrice op zoek naar bruikbare onderdelen. Met tangetje en kettingen, wat lijm en snuisterijen uit de Hema zetten ze kroonjuwelen in elkaar die een overtuigende uitstraling kregen. Voor de Russische Oranje-vorstin, die in haar paleizen te Brussel, Den Haag en Soestdijk blijvend heimwee had naar de ruimte en luxe van de paleizen in St. Petersburg, vormde haar Russisch-orthodoxe religie een grote troost. Toen bij de brand van 1820 de Brusselse huiskapel in vlammen opging zorgde de voormalige tsarina meteen voor vervanging. Anna had een speciale voorkeur voor een ikoon van Maria Magdalena, die ze dagelijks kuste. Nel Kars heeft deze ikoon teruggevonden in de Russisch-orthodoxe kapel aan de Haagse Sweelinckstraat. Om de slotscène, waarin ze als bejaarde dame in haar huiskapel terugziet op haar leven, zo echt mogelijk te maken, fotografeerde de actrice de ikoon. Morgenavond, als Nel Kars in het Haagse Diligentia voor de 307de keer de rol van de Russische Oranje speelt, prijkt de vergroting van deze foto weer op het toneel, omringd door kaarsen en traditioneel koperen vaatwerk. De mooie omlijsting van de gewijde ikoon moet toch op zijn minst uit de Russische schatkamer afkomstig zijn? Nel Kars ontkent het: “Welnee, ik vond op een rommelmarkt zo'n ouderwets koperen borstelrekje dat vroeger bij de kapstok hing. Daar paste Maria Magdalena goed in.”