Geldwereld in ban van transfer en vette premie

AMSTERDAM, 4 APRIL. De arbeidsmarkt voor financiële specialisten is als de transfermarkt voor voetballers sinds het Bosman-arrest. Spectaculaire transfers, forse tekengelden, vette premies en hoge salarissen. En met makelaars die constant jagen op deals en die headhunters heten als het gaat om om beleggingsanalisten, beurshandelaren, vermogensbeheerders en financiële adviseurs.

“Mensen zijn bij ons nog niet vertrokken of er staan al weer headhunters op de stoep met nieuwe talenten”, zegt vice-voorzitter G. van der Lugt van bankverzekeraar ING.

ING (60.000 werknemers) is een beetje het Ajax van de financiële wereld na een grote aderlating in 1995 en een wat kleinere afgelopen week. De bank kondigde een verdere 'vergulding' van de vergoedingen aan. Zakenbank Kempen & Co (120 werknemers), de grootste van de kleine spelers in de Nederlandse financiële wereld heeft aangekondigd aan zijn financiële specialisten mede-eigenaar te maken van de beursgenoteerde bank.

De David en Goliath van financieel Nederland worstelen beide met de westenwind die komt uit de Verenigde Staten en Groot-Brittannië. Het geld stroomt binnen doordat de financiële markten al jaren hot zijn, maar stroomt voor een deel weer weg naar de medewerkers die het geld hebben binnengebracht. Waarna sommige van deze rainmakers alsnog overstappen naar een andere financiële instelling. Begin dit jaar werd de Londense city opgeschrikt door de schorsing van de Britse vermogensbeheerster Nicola Horlick bij Morgan Grenfell Asset Management (MGAM), een dochteronderneming van Deutsche Morgan Grenfell (DTM). Horlick werd ervan beschuldigd dat ze wilde overstappen naar de Nederlandse bank ABN Amro met medeneming van klanten en medewerkers.

Deutsche Bank, eigenaar van DTM, trof op zijn beurt ING Barings in het hart door eind 1995 zo'n zestig experts in de Latijns-Amerikaanse markten weg te kopen. Onlangs nog zijn enkele medewerkers van ING Barings in Taiwan overgestapt naar de Amerikaanse zakenbank Merrill Lynch. ING heeft in het recente verleden op deze manier volgens Jacobs zo'n 100 experts zien vertrekken en “dat is natuurlijk niet leuk”.

Om de experts aan zich te binden heeft ING vorig jaar forse salarissen betaald, terwijl de winstgebonden bonussen met 30 procent zijn gestegen.

De personeelskosten stegen bij ING met een half miljard gulden. Volgens ING is die stijging voor een groot deel te wijten aan de beloning voor de financiële specialisten, die - salaris, pensioen en sociale premies niet meegerekend - ongeveer 100 miljoen gulden meer opstreken. Het totale bedrag van ongeveer 400 miljoen gulden aan bonussen is in de ogen van het ING-bestuur nog altijd een stuk minder dan het bedrag dat de rainmakers hebben binnengebracht. ABN Amro noemde onlangs bij de presentatie van de jaarcijfers de winstdeling voor de financiële experts als belangrijkste oorzaak van de stijging van de personeelslasten. ING zegt niet tot het uiterste te zullen gaan in de slag op de financiële markten, waarop de traditionele Amerikaanse en Britse spelers vechten met de nieuwkomers uit Duitsland (Deutsche Bank, Dresdner), Zwitserland (Swiss Bank, Credit Suisse) en Nederland (ABN Amro, ING). “Wij betalen geen welkomsbonussen en wij garanderen ook geen bonussen voor een periode van drie jaar. Neem de huidige koersdaling op de beurs, als die straks doorzet dan heb je met vaste bonussen echt een probleem”, meent Van der Lugt.

Deutsche Bank garandeerde de ING Barings-medewerkers van de afdeling Latijns-Amerika destijds wel een vaste bonus. “Het vertrek kwam toen wel even stevig aan. Maar wij draaien nu in Latijns Amerika met winst, terwijl Deutsche het daar niet geweldig doet. Dat komt deels doordat onze personeelskosten lager zijn”, zegt Van der Lugt: “Dat was trouwens ook voor de aanleiding voor het vertrek, dat wij de zaken wat anders wilden aanpakken.” ING wil medewerkers wel optieregelingen aanbieden, die pas over drie jaar aflopen. Volgens Jacobs is het voor hen dan “onmogelijk en 'onmogelijk' tussen aanhalingstekens” om voortijdig te vertrekken.

Kempen & Co, als kleine specialist die onder meer adviseerde bij de beursgang van Endemol extra kwestbaar voor een exodus, zoekt met het adviesbureau McKinsey naar andere wegen. Gewilde medewerkers moeten op termijn binnen een soort maatschap-achtige organisatie mede-eigenaar kunnen worden van de merchantbank. Aandelenbezit voor zo veel mogelijk werknemers is volgens bestuursvoorzitter J. Krant de beste methode om hen tot mede-ondernemers te maken en zo te behouden. Dat moet wel plaats vinden binnen de huidige eigendomsverhoudingen van Kempen & Co, die aan de Amsterdamse beurs is genoteerd. De meeste aandelen zijn in vaste handen bij onder meer beleggingsmaatschappij HAL (20 procent), de verzekeraar Stad Rotterdam (18,8 procent) en Krant zelf (6 procent).

De ultieme maatschap onder de zakenbanken is het Amerikaanse Goldman Sachs, een van de meest succesvolle banken ter wereld. Goldman is eigendom van 190 partners, die door hun gedrevenheid en geslotenheid wel worden vergeleken met leden van de Unified Family (Moonies). Goldman is echter niet beursgenoteerd en is dus maar in beperkte mate een voorbeeld voor Kempen & Co.

Kempen kijkt om die reden meer naar Lehman Brothers en Morgan Stanley, die wel aan de beurs zijn genoteerd. “Als je ziet wat directeuren en medewerkers aan eigendomsbewijzen bezitten, kun je in feite spreken van een soort partnership”, vindt Krant. Als de fiscus wil meewerken en niet alle aandelen-regelingen als inkomen kenmerkt, wordt Kempen & Co een vergelijkbare beurgenoteerde maatschap met een grote clubgeest. En die clubgeest is volgens Kempen van belang, meent Krant: “Want we willen geen mensen die alléén maar door geld worden gedreven. Ze moeten hier ook gewoon graag willen werken.”