Architect Miralles brengt licht in Utrechts stadhuis

Gisteren kozen B & W van Utrecht voor een ontwerp van de Spaanse architect Enric Miralles voor de renovatie van het stadhuis. “Het afleesbaar worden van de geschiedenis staat voorop”, schrijft Miralles in een ontwerptoelichting.

Het is een gewaagde keuze van het Utrechtse stadsbestuur om de Barcelonese architect de opdracht te gunnen voor de renovatie van het stadhuis. Het nog beperkte oeuvre van Miralles (1955) is wisselvallig en beweegt zich tussen de begraafplaats Igualada bij Barcelona (1985-1991) en de aankleding van de Paseo Icaria (1990-1992) in het olympisch dorp, ook in Barcelona. De begraafplaats is een poëtische ingreep in een rommelig struikenlandschap. Het kunstmatige loof dat als dakfragmenten boven de stedelijke promenade in het olympisch dorp zweeft, oogt weinig muzisch en lijkt op een stoet lompe monsters.

Miralles is vooral een architect voor architecten. Zijn gebouwen, of beter gezegd zijn constructies, kunnen uitgroeien tot lyrische vormencomposities die zich veelal uitdagend in het landschap vleien. Als bij veel architecten van zijn generatie is de rechte hoek meer uitzondering dan regel. Zijn wijze van ontwerpen is, net als in de barok, eerder een kwestie van plastische montage van de ruimtebegrenzende vlakken dan van uitgewogen componeren van de innerlijke ruimten. De hartstocht van Miralles voor het constructivisme is van al zijn scheppingen af te lezen. Een gebouw wordt eerder door hem uitgevonden dan ontworpen.

Het beroep op de inventiviteit van de ontwerper Enric Miralles geldt in verhoogde mate bij renovatie van bestaande gebouwen. Een van de eerste projecten waarmee hij naam heeft gemaakt is de verbouwing (1984-1986) van het schoolgebouw La Llauna in Badalona, Barcelona. Op trefzekere wijze werd een deel van de zandkleurige voorgevel vervangen door een terugwijkende pui van glas en zwart geschilderd staal. Zo kreeg het schoolgebouw het esthetisch oogstrelende uiterlijk van een historisch bouwwerk dat met zichtbare liefde en koestering is aangepast aan de moderne tijd. De zorgvuldige detaillering van de nieuwe elementen is eerder een onderstreping van de schoonheid van de oude architectuur dan een hardhandige onderbreking ervan. Waarom lijkt het vermogen om oude gebouwen op een aanstekelijke manier te vernieuwen, vooral architecten in mediterrane landen te zijn gegeven? In Utrecht komt dit zonnige vermogen dat Enric Miralles ontegenzeggelijk bezit, goed van pas. Het stadhuis bestaat uit een onoverzichtelijke verzameling oude huizen waarvan de kern uit de middeleeuwen stamt en die met nieuwbouw uit de jaren dertig is vergroeid tot een gesloten bastion. Het interieur is verworden tot een bedompt labyrint en de ruimtes die ook voor het publiek toegankelijk zijn als de raadszaal, de entreehal en de trouwzalen hebben een weinig inviterend, laat staan feestelijk karakter. In de loop der jaren zijn veel historische en karakteristieke waarden in het stadhuis door behoefte aan functionaliteit weggewerkt of bedekt door de mantel van een andere, smakeloze tijd. De logische relatie tussen gebruik en structuur van het gebouwencomplex is compleet zoekgeraakt. Daarbij is de potentiële schoonheid van de lange diepe ruimtes verkruimeld en moeten de openbare zalen, gangen en hallen, uitzicht en daglicht ontberen.

“De eerste stap is het schoonmaken, het herstellen van de muren,” schrijft Miralles in een toelichting op zijn ontwerp. “We moeten de bakstenen terugvinden, de muren interpreteren en begrijpen en van daaruit een ontwerp maken. Het afleesbaar worden van de geschiedenis staat voorop. ” Bij deze ambitie is een van zijn stellingen dat er geen geldige reden is om onderscheid te maken tussen stijlen. De sloop van het architectonisch niet bijzondere, voormalige gebouw Burgerzaken aan de achterkant van het stadhuis is volgens Miralles verantwoord omdat een kleiner, efficiënter gebouw is gevraagd. Bovendien zal verwijdering van dit massieve, bakstenen blok de relatie tussen stadhuis en de omringende stad verbeteren. Toch laat hij de kopgevel van de 'secretarievleugel' aan de kant van de Ganzenmarkt bestaan. Het is nog niet helemaal duidelijk hoe 'dun' en eventueel kunstmatig de monumentale, typisch jaren-dertig-gevel straks overeind zal torenen. Het motief voor de instandhouding is in elk geval juist, namelijk dat deze gevel van belang is voor de historische en ruimtelijke bepaling van de Ganzenmarkt.

Zoals de voorgaande werkstukken van Miralles werden gedicteerd door het landschap of de structuur van de bodem, wordt de renovatie van het Utrechtse stadhuis door de geschiedenis ingegeven. Aan de achterkant vormt het waaiervormige kavelpatroon de basis voor de bescheiden nieuwbouw die een nieuw, luisterrijk publieksentree moet omarmen. Klinkerbestratingen zullen de sporen van het oorspronkelijk bouwblok volgen en doorlopen tot ver binnen het publieke ontvangstgedeelte. Van bovenaf gezien lijkt het Minnebroedersplein op een kopstation waarvan de met bomen bespikkelde hoofdperrons uiteindelijk doodlopen op de trouwzalen.

De moeilijkste opgave van de in het geheel ruim 28 miljoen gulden kostende renovatie is de transformatie van het gesloten, donkere complex in een helder, open en samenhangend gebouw. Met een aantal lichthoven die vanaf de dakkappen tot diep in het interieur reiken, lijkt de innerlijke duisternis straks grotendeels te zijn bezworen. Zo wordt de raadszaal, die zijn oorspronklijke ligging in het gebouw behoudt, in het midden naar het dak toe geopend.

Het ontwerp van Enric Miralles is nu nog slechts in grove trekken te zien. Vooral de nieuwbouw aan het Minrebroedersplein wordt nog niet en detail onthuld. En juist hier zal het om spannen. Op de maquette zijn rond de publieksentree pergola's en luifels voorzien. Miralles is dol op deze attributen die zich makkelijk laten scheef zetten zodat zijn gebouwen in beweging worden gebracht. Het komt geregeld voor dat hij geen maat weet te houden in zijn verlangen naar dynamiek en visuele luidruchtigheid. Laat hij één ding in zijn oren knopen: de nieuwe gedaante van het Utrechtse stadhuis is alleen met stilte gebaat.