Verre zeeën klinken golvend in Paradiso

Concert: Jon & The Nightriders. 31/3 Paradiso Amsterdam. Herh.: 3/4 Noorderligt Tilburg.

Op de eerste zonovergoten dag van het jaar klonk gisteravond in het Amsterdamse Paradiso de zonnigste muziek uit de Amerikaanse popgeschiedenis: surfmuziek, ten gehore gebracht door de Amerikaanse Jon and the Nightriders.

De groep komt uit Californië, waar eind jaren vijftig de rage rond surfmuziek ontstond. Aanvankelijk was het instrumentale muziek waarin de elektrische gitaar simpele, pakkende melodietjes speelde met een dreigende ondertoon. Met volle, zware en vaak breed uitwaaierende gitaren en opzwepende drums probeerden de muzikanten het opwindende gevoel van surfen in muziek weer te geven.

Het was zorgeloze muziek waar de surfers 's avonds op konden dansen. De Beach Boys zouden even later heel Amerika veroveren met hun vocale variant, liedjes over flitsende auto's en mooie meisjes, waarin opgewekte harmoniezang belangrijker werd dan gevaarlijke gitaargolven. Toen The Beatles opkwamen leek het voorgoed voorbij met de surfmuziek.

Vooral sinds filmmaker Quentin Tarrantino surfmuziek gebruikte in Pulp Fiction beleeft het genre een come back, ook in Nederland met de Amsterdamse Treble Spankers en de Groningse Krontjong Devils. Jon & The Nightriders werd vijftien jaar geleden gevormd door John Blair, schrijver van het in 1978 verschenen standaardwerk The Illustrated Discography Of Surf Music 1959-1965. Sindsdien verschenen diverse albums, het laatste vorig jaar: Fiberglass Rocket.

De op acht na beste surfband van Amerika noemt de groep zichzelf bescheiden, maar Jon & The Nightriders bleken toppers in het genre, zelfs meer de moeite waard dan pionier Dick Dale. Diens optredens doen vaak al te zeer aan botte hardrock denken, Jon & The Nightriders spelen de surfmuziek zowel subtiel als krachtig.

Blair en tweede gitarist Dave Wronski lieten hun gitaren majestueus klinken: helder en gedrenkt in reverb-galm, met afwisselend lage, diepe tonen en sprankelende hoge. Ze speelden zowel klassiekers uit de jaren zestig - waaronder een mooi langgerekte versie van het door The Shadows bekend geworden Apache - als eigen nummers van Blair, zoals het magistrale Storm Dancer, dat het publiek liet dansen op golven van verre zeeën.

Er klonk niet alleen de adrenaline van de surfer die met zijn kleine plankje de wilde zee de baas probeert te blijven. In de langzamer nummers was de weemoedige sfeer van een warme zomeravond te horen, als de ondergaande zon weerspiegeld wordt in de gekalmeerde golven en de overgebleven feestgangers mijmerend op het strand voor zich uit zitten te staren.