Front National droomt al van 'de grote verandering'

STRAATSBURG, 1 APRIL. “We zijn voorbij het punt waarop we gestopt kunnen worden. Onze droom, de grote verandering, staat voor de deur. Wij zijn gereed, we hebben de oplossingen, de methodes. Het Front National is rijp, we zijn van een oppositiepartij hèt alternatief geworden om Frankrijk binnenkort te gaan regeren.”

Onder gejuich van de 2200 afgevaardigden vat Bruno Mégret, tweede man van Frankrijks extreem-rechtse Front National, de ambitie van het tiende congres van zijn beweging samen. Volgend jaar willen Le Pen en zijn getrouwen een grote sprong voorwaarts maken. Liefst op eigen kracht, als het moet samen met anderen die de 'nationale voorkeur' delen.

Daartoe moest een bewijs van respectabiliteit en serieuze democratisch politieke arbeid worden geleverd. Met zorg waren de extreem-rechtse kaalkoppen met hun schoothondjes weggehouden. En voor zover mogelijk waren toespraken en samenspraakjes geschoond van openlijk racistische, xenofobe en gewelddadige passages. Maar vooral de leider, wiens herverkiezing geen stemming vergde, kan moeilijk ontwennen.

“Niet alle vreemdelingen zijn criminelen.” Zo'n Le Pense openingszin van een passage over het nieuwe vreemdelingenbeleid is voor het geoefende congres-publiek genoeg. Flip de Winter, de leider van het Vlaams Blok, die in de wandelgangen vertelde het op alle hoofdpunten roerend met Le Pen eens te zijn, bleef af en toe besmuikt zitten, terwijl de zaal om hem heen als een schip op zee tekeerging na weer een verbaal anti-buitenland-exces van de Front-president.

Het lijkt de nieuwe koers van het Front National: minder accent op Arabieren-pesten en meer aansluiten bij latente gevoelens van angst voor een wereld die opengaat en nooit meer veilig Frankrijk-alleen garandeert. “Weg met het corrupte establishment dat onze onafhankelijkheid verraadt, ons overlevert aan een federaal Europa, dat de zorgen en de wanhoop van gewone Fransen minacht en een klimaat van burgeroorlog verspreidt. Zonder ons is Frankrijk gedoemd te verdwijnen!”

Bruno Gollnisch, secretaris-generaal van het Front, heeft een Japanse echtgenote, Frans-Japanse kinderen, en doceert vergelijkend recht en Aziatische culturen aan de universiteit van Lyon. In een gesprek, terwijl de partijtop de lunch gebruikt, legt hij gedegen de immigratiepolitiek van de nieuwe regering uit. Die heeft niets met agressie tegen enig volk of ras te maken. Gollnisch, die behoort tot de conservatief-katholieke vleugel, onderstreept dat de Franse nationaliteit iets is “dat men verdient of niet verdient”.

Mégret, de huis-ideoloog en door de stemming voor het Centraal Comité tot echte tweede man bestempelde nieuw-rechtser binnen het Front National, won ook verbaal de strijd van Gollnisch. Hij oogstte applaus voor de winst van zijn echtgenote bij de recente verkiezingen in de gemeente Vitrolles. Le Pen deed hem af als 'burgemeestersgemaal'. Dat tekent de beduchtheid van de leider. Mégret bond niet in: “De politici van dit land, in paniek bij het horen van onze trommels, zijn het verleden, wij de 21ste eeuw! Grote gebeurtenissen vragen een breuk!” Het sloeg evenzeer op Chirac als op Le Pen.

De président van het FN houdt zijn twee kroonprinsen altijd angstvallig op gelijk niveau, zijn opvolging is “tot 2050” niet aan de orde, maar ook hij ziet zich kennelijk gedwongen zijn taal af en toe te kuisen en de electoraal graziger weide van het anti-mondialisme op te zoeken. Zijn haat tegen het “joods-maçonnieke marxo-liberale mediatieke complot” blijft soms opspelen, maar de verkiezings-winst moet volgend jaar komen van angst voor de euro, bedrijfssluitingen zoals die in Vilvoorde, rellen in de tientallen troosteloze Franse voorsteden “waar voor immigranten het Franse recht buiten werking is gesteld” (aldus Le Pen).

De niet-frontistische Franse politici en pers verheugden zich dit weekeinde over de massale opkomst van burgers tegen het lepénisme. Libération spreekt vandaag van 'een nieuwe politieke lente'. Die conclusie lijkt wat vroeg. De fundamentele tekortkomingen van democratie en bestuur in Frankrijk worden nog steeds door Jean-Marie Le Pen beter onder woorden gebracht dan door Jacques Chirac gerepareerd.