Verlegen

Deze man zal wel geen mensenvriend zijn. Hij houdt iedereen op een afstand en geeft toe dat het hem lukt. Het is niet makkelijk in zijn buurt te komen. Met één beweging van zijn vinger duwt hij je weg en hoe zou je dat wapen ooit kunnen ontlopen?

Gelukkig dat het maar een tekening is. In het echt ziet hij er heel wat vriendelijker uit. Hij is alleen dodelijk verlegen en dat heeft de tekenaar om hem te plagen een beetje overdreven. Hij heeft een paar trouwe vrienden en soms, als hij in een goede stemming is, wil hij best over zijn verlegenheid praten. Hij verwacht niet veel van de meeste mensen. Als iemand naar hem kijkt, krijgt hij meteen een kop als een pioenroos. Hij eet liever thuis dan in een vol restaurant. Een winkel gaat hij alleen in als hij ziet dat er geen andere klanten zijn.

Toch is hij niet ongelukkig. Hij heeft zich bij zijn verlegenheid neergelegd. Een enkele keer, als het werkelijk moet, weet hij die te overwinnen. Om de tekening lachte hij zelfs. Misschien leerde die hem dat hij zich eens wat meer onder de mensen moest begeven.

Ik lachte ook en gaf hem gelijk. Toen vertelde hij me een verhaal waaruit ik alleen maar kon opmaken dat er weinig zou veranderen. Hij moest een nieuw pak kopen en was vroeg in de morgen de stad ingegaan. Dan hadden de meeste kledingzaken de minste klanten.

Bij een zaak waar hij niet eerder was geweest keek hij naar binnen. Gelukkig, geen mens te zien. 'Dan bofte je', zei ik tegen hem. Dat dacht hij eerst ook, tot hij door de winkelruit de bediende zag. De man was te lang en hij droeg op z'n puntneus een veel te grote bril.

'Dat maakt toch niets uit', zei ik, 'zo'n pak heb je in tien minuten gekocht.'

Mijn vriend was het met me eens en toch was hij niet naar binnengegaan.

'Waarom dan niet?', vroeg ik ten einde raad.

'Ik vond eigenlijk dat die man niet mocht weten wat ik hebben moest.'