Zalm, Melkert oneens over premies; Tekorten fondsen splijten kabinet

DEN HAAG, 27 FEBR. Tussen VVD-minister Zalm (Financiën) en PvdA-minister Melkert (Sociale Zaken) bestaat een groot verschil van mening over het wegwerken van de tekorten bij de sociale fondsen.

Zalm zei gisteren op een partijbijeenkomst in Groningen dat hij twee miljard gulden aan rijksmiddelen wil besteden om een deel van het tekort van de sociale fondsen weg te werken. Dit zou ten koste gaan van de verlaging van het financieringstekort.

Met dit voorstel wil Zalm voorkomen dat de belastingmeevaller van 4,8 miljard gulden wordt gebruikt voor financiering van het tekort bij de sociale fondsen. Melkert wijst dit voorstel van de hand. Hij wil juist een fors deel van de belastingmeevaller gebruiken voor de fondsen.

Daarnaast acht Zalm - in tegenstelling tot de opvatting van Melkert - een verhoging van de sociale premies “noodzakelijk” om de rest van het tekort weg te werken. Dit tekort zal volgens het Centraal Planbureau en de sociale fondsen eind dit jaar zes miljard gulden hoger uitvallen dan de 3,8 miljard waar het kabinet tot nu toe rekening mee hield.

Melkert kwalificeert het tekort bij de fondsen als “een probleempje”. Het tekort is groter dan voorzien, maar wat Melkert betreft staan daar gunstige ontwikkelingen tegenover. Zo zijn de uitgaven voor de bijstand lager dan geraamd en zijn er meevallers in de wachtgeldfondsen voor werklozen.

Uit de sociale fondsen worden onder meer de WAO-, WW- en AOW-uitkeringen betaald. Sociale premies vormen de inkomsten van de fondsen. Een meerderheid in de Tweede Kamer, werkgevers en werknemers, en de beheerders van de fondsen, steunen de opvatting van Zalm dat deze premies omhoog moeten om het tekort weg te werken. Zo wordt voorkomen dat de tegenvaller naar het volgende kabinet wordt doorgeschoven. “We mogen een volgend kabinet niet met het probleem opzadelen”, aldus Zalm in Groningen.

De tegenvaller bij de fondsen wordt volgens Melkert voor een belangrijk deel verklaard door de uitholling van de belastinggrondslag, waar Melkert niet de eerstverantwoordelijke voor is.

Door stijging van het gebruik van aftrekposten wordt het bedrag waarover belasting en premies wordt geheven steeds kleiner; de volksverzekeringen worden geheven via de eerste belasting- en premieschijf.

Melkert constateert ook dat de belastingmeevaller van 4,8 miljard gulden voor een belangrijk deel wordt veroorzaakt door een hogere winstbelasting. De meevaller in de winstbelasting wil hij gebruiken om de gevolgen van een tegenvaller bij de inkomstenbelasting te compenseren.

Pagina 20: Zalm wil geen einde renteaftrek hypotheek

Uit een notitie van het Centraal Planbureau blijkt dat de aftrek hypotheekrente steeg van 16,2 miljard gulden in 1990 tot 25,5 miljard in 1997. Voor volgend jaar raamt het CPB een bedrag van 27 miljard gulden.

De stijging van de fiscale hypotheekrente-aftrek is een gevolg van het overheidsbeleid waarbij mensen via fiscale maatregelen worden gestimuleerd om een eigen woning te kopen.

Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek is het aantal hypotheken op woningen in 1996 met veertig procent gestegen.

In 1994 werd de spaarloonregeling geïntroduceerd waarbij werknemers worden gestimuleerd via de werkgever te sparen. In het eerste jaar derfde de schatkist 2,1 miljard gulden.

Dit bedrag is opgelopen tot vier miljard gulden dit jaar. De aftrek in verband met het afsluiten van een lijfrente steeg van 3,8 miljard gulden in 1995 tot 4,8 miljard gulden in 1997.

In Groningen maakte Zalm duidelijk dat wat hem betreft de onbeperkte aftrek van de hypotheekrente ook in een volgend kabinet blijft gehandhaafd.

Daarnaast blijft volgens de VVD-bewindsman in 1998 genoeg ruimte voor lastenverlichting voor de burger en het bedrijfsleven. Hij verwacht dat het meevallende begrotingstekort over 1996 en 1997 in combinatie met de lage rentestand voldoende ruimte in de begroting over 1998 zal scheppen.

Tijdens de partijbijeenkomst herhaalde hij zijn opvatting dat de huidige coalitie van PvdA, VVD en D66 in een volgende kabinetsperiode moet worden voortgezet.