Legerarts met als hobby de chemische oorlog

In Zuid-Afrika komt stukje bij beetje de waarheid aan het licht over de produktie van biologisch-chemische wapens door het apartheidsbewind, met een onlangs aangehouden cardioloog in de hoofdrol. Toen het zwarte meerderheidsbewind het programma torpedeerde ging de arts de markt op, onder meer in Libië.

JOHANNESBURG, 27 FEBR. Wouter Basson nam het niet zo nauw met zijn eed van Hippocrates. “Artsenij is mijn hobby, oorlog is mijn vak”, placht de legerarts te zeggen. De 46-jarige hartspecialist was in de jaren tachtig uit naam van het apartheidsregime de motor achter een intensief, geheim programma van voorbereiding op chemische en biologische oorlogvoering. Zijn 'vijanden': alle niet-blanken; zijn wapens: drugs en gifgassen. Pas sinds zijn arrestatie, vorige maand, komen de feiten boven tafel. In 1993 werd Basson ontslagen, maar afgelopen weekeinde lekte uit dat hij in 1995 weer in dienst was getreden - de enige manier, zo redeneerde men, om hem en zijn levensgevaarlijke kennis onder controle te brengen.

Onderminister van Defensie Ronnie Kasrils gaf zondag toe dat Wouter Basson slechts tweeëneenhalf jaar buiten actieve dienst was. In de tussentijd bleef hij gebruik maken van zijn opgedane kennis en maakte deze te gelde. Zo reisde Basson in maart 1995 naar Libië, waaraan hij volgens een van zijn medewerkers de knowhow voor het maken van gifgas leverde. De enige manier “om het gevaar Basson te bezweren” was, volgens Kasrils, een nieuwe legeraanstelling. Zo was Basson vanaf oktober 1995 weer als hoofdcardioloog met de rang van majoor werkzaam in het Eerste Militaire Hospitaal. Hij bleef echter gefascineerd door zijn vroegere werkzaamheden.

Vorige maand kwam de politie in Pretoria een drugshandelaar op het spoor. Het bleek om Wouter Basson te gaan, die kennelijk materiaal had overgehouden uit de failliete boedel van het chemische programma. Men zette een val. Een undercover agent deed zich voor als potentiële koper. Basson hapte en werd aangehouden in het bezit van duizend tabletten xtc die hij aanbood voor 25.000 gulden. Op dat moment wisten maar weinigen wie de arrestant werkelijk was.

In het huis van Basson werden documenten gevonden waaruit zijn rol in het 'oude Zuid-Afrika' bleek. De papieren waren zó geheim dat er geen duplicaten van bestonden, zo liet Mike Kennedy, een functionaris van de inlichtingendienst, weten. Hoewel het proces tegen Basson nog moet beginnen - hij is op borgtocht vrijgelaten - gaven hij en Kennedy tijdens een hoorzitting voor de rechtbank openheid van zaken. Het blanke regime was destijds niet, zoals werd voorgegeven, bezig met een defensief programma, nee, Basson c.s. hadden de opdracht de mogelijkheden te scheppen voor een biologisch-chemisch offensief.

Pagina 4: Zuidafrikaanse Frankenstein sleet drugs

Als voorloper daarvan werd in de jaren tachtig begonnen met het 'pushen' van drugs - met name mandrax en LSD - in de townships. Basson en zijn 'Frankensteins' maakten verder gifgassen, een vaccin voor sterilisatie (van zwarten), middelen om kanker te verwekken, 'hartaanvalpillen', vergiftigde t-shirts en vele andere produkten. Dat de plannen bestonden was algemeen bekend, maar de omvang ervan en de kille, klinische benadering van toen hebben in Zuid-Afrika alsnog een schok teweeg gebracht. Naar nu bekend is geworden hebben de Amerikaanse en Britse regeringen destijds geschrokken gereageerd, toen ze erachter kwamen hoe ver het Zuidafrikaanse chemisch-biologische programma was gevorderd. De twee landen dwongen in 1989-1990 bij de toenmalige president F.W. De Klerk inspecties af en wisten een matigende invloed uit te oefenen.

Van de uitvoering van het programma is weinig terechtgekomen. Bij de strijd tegen de 'communisten' in Mozambique, Angola en Namibië werden als test op beperkte schaal chemische wapens ingezet. Alleen het 'bevorderen' van drugsgebruik in de townships is gelukt. Met name mandrax en XTC werden in grote hoeveelheden gemaakt dan wel geïmporteerd en gepusht. Veel tussenpersonen waren politieagenten. Tijdens de hoorzitting zei Basson dat hij bij het verspreiden van drugs intensief samenwerkte met Basie Smit, de tweede man in de Zuidafrikaanse politie. Basson omschreef mandrax als “een van de krachtigste chemische wapens ter wereld”. In 1992 was Zuid-Afrika goed voor 90 procent van de wereldconsumptie van mandrax.

Zuid-Afrika was aan het eind van de jaren tachtig in politiek en moreel opzicht zover afgegleden dat er openlijk werd geleurd met chemische wapens en kennis. Het land dreigde in de laatste jaren van de apartheid een mafiastaat te worden: politieagenten en militairen die namens de regering moordden en plunderden en een bewind dat zich inliet met drugshandel. Voor wetenschappers als Basson bestonden er geen grenzen, uit overheids- of eigen belang maakten ze hun produkten en kennis te gelde. De gevolgen daarvan zijn nog steeds voelbaar: een hoog drugsgebruik (ook onder blanken overigens...), corruptie in de verantwoordelijke overheidsorganen, zoals het bureau voor narcotica (Sanab), en de verankering van grote, internationale drugssyndicaten. Aangenomen wordt dat in de buurlanden Mozambique en Botswana en in het naburige Zambia nog steeds Mandrax-fabrieken staan, nu louter voor commerciële produktie.

De regering van president Mandela zit intussen duidelijk met de zaak Basson in haar maag. Een klein aantal verantwoordelijke bewindslieden, onder wie Kasrils en diens chef, minister van Defensie Joe Modise, wisten kennelijk evenals de inlichtingendienst al enige jaren wie Basson was en wat voorheen in zijn laboratoria werd bekokstoofd. Opvallend is dat Mandela en de rest van het kabinet niet werden ingelicht, noch over het verleden, noch over de hernieuwde aanstelling van Basson. Het bureau van de president liet zondag weten niets van de zaak Basson te hebben afgeweten.

Welke landen - behalve Libië - of organisaties van de Zuidafrikaanse kennis hebben geprofiteerd, is nog niet duidelijk. In elk geval wordt Basson sinds zijn ontmaskering zwaar bewaakt. De autoriteiten vrezen een aanslag op zijn leven door 'buitenlandse agenten' nu de geheimen in de openbaarheid komen. “Het zou een ramp zijn als deze expertise in verkeerde handen komt”, aldus een bron bij de Zuidafrikaanse inlichtingendienst.

    • Lolke van der Heide