Formule I ter discussie bij proces over dood Senna

ROME, 27 FEBR. Is Formule I een flirt met de dood met navenante risico's, of is er een schuldige als een coureur met meer dan 200 kilometer per uur uit de bocht vliegt? Dat is de kernvraag in het Italiaanse proces rondom de dood van de Braziliaanse coureur Ayrton Senna, dat morgen begint na een opening met procedurele schermutselingen vorige week.

De meervoudige wereldkampioen overleed vierenhalf uur nadat hij op 1 mei 1994 tijdens de Grand Prix van San Marino de macht over het stuur verloor en tegen een muur langs het circuit van Imola botste. Officier van justitie Maurizio Passarini vindt dat sprake is van dood door schuld. Hij heeft een technisch rapport van 500 pagina's opgesteld. Dat bevat volgens hem het bewijs dat Senna niet door een stuurfout de controle over zijn wagen verloor, maar door een constructiefout. De stuurkolom zou zijn gebroken op het moment dat Senna, die op kop reed, afremde van 305 naar 150 kilometer, weer accelereerde en met 212 kilomter per uur de betrekkelijk flauwe Tamburello-bocht op het circuit in stuurde.

Volgens Passarini was de stuurkolom vlak voor het begin van de race gewijzigd, om de wagen iets lichter te maken. Daarom heeft hij de top van het Britse Williams Formule I-team in de beklaagdenbank gezet: teamleider Frank Williams, technisch directeur Patrick Head en hoofdmecanicien Adrian Newey.

Andere verdachten in het proces zijn Roland Bruynseraede, de Belgische directeur van de race, Federico Bendenelli, de directeur van het bedrijf dat het circuit van Imola beheert, en Giorgio Poggi, de manager van het circuit. Suggesties in de Britse pers dat Senna's ongeluk het gevolg was van afval op het circuit, mogelijk achtergebleven na een botsing eerder in de race, zijn volgens de aanklagers uit de lucht gegrepen.

De advocaten van de verdachten stellen dat Senna's dood het gevolg is van een tragische stuurfout van de coureur. De stuurkolom zou pas na de botsing zijn gebroken. Zij zeggen dat een proces tegen het lot geen zin heeft. Bovendien claimen zij dat in het technische onderzoek naar de dood van Senna het recht om gehoord te worden van hun cliënten is geschonden. Morgen moet de rechtbank een uitspraak doen over de toelaatbaarheid van het technische dossier als bewijslast.

Ook de International Automobile Federation (FIA) heeft bezwaar aangetekend. “Als er een veroordeling komt, komen we nooit meer racen in Italië”, heeft FIA-president Max Mosley gedreigd. Hij heeft indirect bijval gekregen van oud-wereldkampioen Michael Schumacher, die de bewuste race op Imola heeft gewonnen. Een eventuele constructiefout maakt volgens Schumacher deel uit van het spel. “We moeten niet vergeten dat de wagens die we hebben, prototypes zijn. Het is een beetje alsof we ze moeten testen. We kennen de risico's.” Zijn collega Jacques Villeneuve heeft zelfs gezegd dat het Formule I-racen niet te veilig mag worden gemaakt, omdat het dan minder aantrekkelijk wordt als spektakel.

De voormalige Zwitsers-Italiaanse coureur Clay Regazzoni vindt dat er wel sprake is van dood door schuld, maar dat de verkeerde mensen in het beklaagdenbankje staan. Circuit en wagens waren volgens de regels, maar de regels zijn verkeerd, zegt hij.

“De mensen die het mogelijk maken dat er auto's worden gebouwd die raketten lijken, die moeten worden aangeklaagd”, zei Regazzoni, die in 1980 verlamd is geraakt bij een ongeluk op het circuit van Long Beach, Californië. “Ze moeten het begrijpen wanneer wagens tot aan de grens, tot over de grens gaan. De echte verantwoordelijke is de Federatie.”

Volgens Regazzoni is de rechtszaak in Imola een showproces. Hij spreekt van een commedia all'Italiana. Hij wijst erop dat tijdens de trainingsrondes een dag eerder op Imola de Oostenrijkse coureur Roland Ratzenberger is omgekomen. Dat was de eerste dood in de Formule I sinds de Italiaanse coureur Ricardo Paletti in juni 1982 bij de Grand Prix van Canada verongelukte. Naar Ratzenbergers dood is nooit onderzoek gedaan, aldus Regazzoni.