Transseksueel hoeft niet naar gevangenis voor mannen

ROTTERDAM, 26 FEBR. De rechtbank in Rotterdam heeft gisteren een transseksueel wegens cocaïnehandel tot dienstverlening veroordeeld, mede omdat het voor de vrouw zeer zwaar zou zijn in een mannengevangenis gedetineerd te zijn. Omdat zij nog niet haar definitieve geslachtsveranderende operatie heeft ondergaan, was ook een verblijf in een vrouwengevangenis uitgesloten.

De transseksueel stond terecht omdat ze haar huis ter beschikking had gesteld voor de handel in cocaïne. Zij heeft al de jarenlange hormoonbehandeling ondergaan die nodig is voor een verandering van geslacht, maar nog niet de definitieve operatie. Volgens haar advocaat H. de Groot heeft zij lang haar en borsten en kleedt zij zich als vrouw. De rechtbank veroordeelde haar tot zes maanden voorwaardelijk en 240 uur dienstverlening, waarvan na aftrek van het voorarrest 104 uur overblijft. Er was twaalf maanden geëist, waarvan drie voorwaardelijk.

De transseksueel verbleef tot de uitspraak op de bijzondere-zorgafdeling van het huis van bewaring aan de Noordsingel in Rotterdam. Op die afdeling verblijven gevangenen die zich, bijvoorbeeld wegens een psychische stoornis, elders in de gevangenis niet kunnen handhaven. Volgens De Groot had de transseksueel er meer privacy dan in de rest van de gevangenis mogelijk zou zijn. Zij mocht zich echter niet als vrouw manifesteren. Net als de meeste andere gevangenen droeg zij een trainingspak of jumpsuit, aldus De Groot. Bij de veroordeling speelde volgens haar ook een gunstig rapport van de reclassering een rol.