Pionieren Robeco in buitenland gaat niet ten koste van thuismarkt; Cement voor basisversterking

UTRECHT, 26 FEBR. De totale markt voor vermogensbeheer in Nederland groeit explosief, maar het marktaandeel in Nederland brokkelt af. De reactie van vermogensbeheerder Robeco Groep is een vlucht naar voren en een marketingcampagne als rugdekking.

Topman dr. P. Korteweg:“Wij moeten ontsnappen aan de groei van de Nederlandse markt voor vermogensbeheer, zoals veel Nederlandse bedrijven op dit moment door overnames in het buitenland hun vleugels uitslaan.” Frankrijk, Verenigd Koninkrijk en Duitsland zijn de landen waar het moet gaan gebeuren.

Het kapitaal voor de koopjesjacht komt van de spaar- en kredietcoöperatie Rabobank die nu ook haar “natuurlijk marktaandeel” (ruwweg 40 procent) in vermogensbeheer komt opeisen. Topman drs. H. Wijffels: “Het fenomeen vermogensvorming is in Nederland sterk in opkomst. En dan praat ik over iets veel groters dan het appeltje voor de dorst.” Binnenkort volgt nog samenwerking met PVF Pensioenen, die 40 miljard gulden aan pensioen- en vutgelden beheert.

De samenwerking van Rabo en Robeco stamt uit 1990. Het prijskaartje van de overname: 1,115 miljard gulden voor de aandelen van de Robeco Groep plus 1,5 miljard gulden vers kapitaal voor buitenlandse overnames. De grootste bank van Nederland en de grootste (tot nog toe) onafhankelijke vermogensbeheerder (Robeco's 84 miljard gulden) gaan niet in het buitenland pionieren zonder op de thuismarkt het cement te storten voor basisversterking. Korteweg kondigde gisteren een intensieve marketingcampagne aan om marktaandeel terug te winnen op concurrenten als ABN Amro en ING. Als oudste vermogensbeheerder op de particuliere massamarkt moet de Groep opboksen tegen een stroom nieuwkomers, waaronder de Angelsaksische fund managers die eigen kantoren in Nederland openen. Korteweg:“Wij hebben een marktaandeel dat je alleen maar kunt verliezen.” Dit aandeel brokkelt gestaag af en schommelt nu rond de 45 procent op de markt voor beursgenoteerde beleggingsfondsen.

De campagne, waarover Korteweg geen details wilde geven, en verdere produktvernieuwing moeten de reputatie van Robeco herbevestigen. Of de inspanningen de uitstroom van geld uit de twee vlaggeschepen van de groep, de aandelenfondsen Robeco en Rolinco kunnen stoppen, lijkt ook voor Korteweg de vraag. In kringen van vermogensbeheerders wordt de uitstroom van beleggersgeld beschouwd als een verlate reactie op ondermaatse beleggingsresultaten.

Korteweg gaf twee andere redenen. Robeco en Rolinco zijn de oudste fondsen, met een vergrijzend aandeelhoudersbestand. “Daar speelt een verervingsproces dat ik moeilijk kan stoppen.” Zijn tweede argument: voor pensioenfondsen, zoals het ABP, die gebonden waren een beleggingsrestricties, waren Robeco en Rolinco uitkomsten om aan knellende regels te ontkomen. Deze beleggingsfondsen waren oer-Hollands maar deden wel wat sommige pensioenfondsen toen nog niet mochten: in buitenlandse aandelen beleggen.

De aandrang tot grootschaligheid hebben Rabo en Robeco overgenomen van verschillende grote Angelsaksische en Europese concurrenten. Oplopende marketing- en automatiseringskosten dwingen in hun ogen fusies en overnames af. De introductie van de Euro, die de nationale markten in een keer open gooit en verandert in een Europese markt, is voor de fusiepartners een tweede argument en noopt tot een Europees profiel. Volgens Korteweg zit de economische activiteit vermogensbeheer nu in de laatste fase van een internationaal samenklonteringsproces. “De laatste onafhankelijke vermogensbeheerders komen nu te koop.” In het beheer van vastgoed heeft Robeco in Europa al twee acquisities gedaan: Argyll in het Verenigd Koninkrijk, Cegep in Frankrijk. Bij het beheer van financiële beleggingen (aandelen, obligaties) blijkt het elke keer een stuk moeilijker om tijdig op de hoogte te zijn van koopjes die zich voordoen.

In de City, Londens en Europa's financiële hart, vindt een generatiewisseling plaats. De (voornamelijk) mannen die tijdens de aandelenhausse in de jaren zestig hun werkgever verlieten om een zelfstandige firma te beginnen zijn nu aan pensioen toe en willen - stilletjes - wel verkopen, taxeert Kortweg. In Frankrijk is het een heel ander verhaal: daar verkeert de financiële sector in een reorganisatiefase en komen van tijd tot tijd dochters van banken en verzekeraars meer of minder discreet aan de markt.

Duitsland is weer een verhaal apart. In de Bondsrepubliek heersen de regionale en landelijke banken soeverein en bestaat nauwelijks een cultuur om in aandelen te beleggen: koersfluctuaties geven hoofdpijn. Duitsers zijn daarentegen wel tuk op beleggingen met een stabiele inkomstenstroom en waardegroei, zoals vastgoed en obligaties. Hoe Robeco het gebrek aan beschikbare overnamekandidaten wil oplossen bleef gisteren vaag.

Net als in Frankrijk bestaan er in Duitsland nauwelijks zelfstandige pensioenfondsen, een categorie klanten waar de Robeco Groep in het buitenland prioriteit aan geeft. Een revolutie in de pensioenvoorziening, omdat de huidige oude dagsvoorzieningen als gevolg van vergrijzing onbetaalbaar blijken, lijkt daarom Robeco's hoop.