Ontwaakt uit de eurodroom

Het is buitengewoon riskant in het openbaar te filosoferen over uitstel van de Economische en Monetaire Unie, zei premier Kok gisteren in de Kamer. Arjo Klamer is dat niet met hem eens. De onkritische omarming van de EMU heeft al te lang geduurd.

Twijfels over Europa. Vindt u die euro ook een eng vooruitzicht? Vindt u dat de Europese integratie te snel en te ver gaat? Vreest u voor de onafhankelijkheid van Nederland? Hoewel deze vragen momenteel taboe zijn in de kringen van politici en hun ambtenaren, lijken ze steeds meer te leven bij Nederlanders. Wie ik ook spreek, ik krijg steevast reacties van ongeloof, verontwaardiging en zelfs woede.

Twee maanden geleden was de overheersende reactie nog die van onverschilligheid. Europa was een zaak voor 'Den Haag'. Wat wisten wij burgers er nu van, was het standaardexcuus om door te slapen. Nog overheersen gevoelens van onwetendheid, maar verwarring en soms kwaadheid lijken de apathie te verdringen. Het is hoog tijd.

De strategie van Den Haag is twijfels te smoren met sussend commentaar gelardeerd met vage, veelal economische argumenten en iets over een trein of fiets die moet blijven rijden. Den Haag prefereert de onwetendheid van de burgers boven ongeloof en houdt het op een passieve informatiecampagne: alleen burgers die vragen, krijgen een (gepolijsd) antwoord. Pas als de euro een feit is, zal de campagne actief worden.

Ruimte voor welke kritiek dan ook is er niet. Toen onlangs zeventig economen, onder wie ondergetekende, schreven dat de economische argumentatie voor een gemeenschappelijke munt discutabel is, vielen de parlementariërs, ministers en zelfs journalisten over elkaar heen om te verkondigen dat de kritiek onjuist, ongepast en achterhaald is. Bolkestein die als een van de weinige politici bezwaren tegen de euro maakt, wordt afgeschilderd als een isolationist (NRC Handelsblad, 12 februari), eurofoob en chauvinist. De enige andere parlementariër met vragen, Marijnissen van de Socialistische Partij, wordt genegeerd.

De sussende strategie doet geen recht aan de twijfels. De verdachtmakingen zijn ronduit onbehoorlijk, een beschaafde democratie onwaardig. Ik vrees dat Nederland momenteel uiteenvalt in een groep gelovigen en ongelovigen. Een aantal Nederlanders heeft besloten dat zij dat verenigd Europa hoe dan ook moet willen. Waarom dat zo is, begrijp ik nog steeds niet.

Er zijn ongetwijfeld idealisten onder die dromen van een broederlijke en zusterlijke vereniging van alle mensen en om een of andere reden willen beginnen met Europa, maar ik heb sterk de indruk dat het realistische geloof in de economische en politieke noodzaak van een Europees geheel momenteel overheerst. De gelovigen domineren de kanalen in Den Haag en in de media.

Het merendeel van de Nederlanders lijkt dit geloof evenwel niet te te delen. De meeste ongelovigen hebben nog niet genoeg over Europa en de euro nagedacht om überhaupt te kunnen geloven. Nederlanders die beginnnen na te denken, gaan eerder actief niet geloven dan wel, is mijn ervaring. Zij vrezen het verlies van de onafhankelijkheid van Nederland, zijn bang onder de voet gelopen te worden door de Franse en Duitse reuzen en willen de gulden niet opgeven voor welke economische of emotionele reden dan ook. Zij hebben het gevoel dat ze, zoals een luisteraar dat uitdrukte, de euro door “hun strot geduwd krijgen”. Ik ben bang dat de communicatie met de gelovigen steeds moeilijker aan het worden is. Daarom richt ik me tot de ongelovigen.

Wat de gelovigen ook beweren, er zijn gegronde redenen zijn voor uw ongeloof. U hoeft geen chauvinist of nationalist te zijn, geen isolationist en geen economisch onbenul om twijfels te hebben. Wat de ministers en andere politici u ook willen doen geloven, de economische wetenschap geeft u goede redenen om te twijfelen aan de rationaliteit van de euro.

De gelovigen spiegelen u steevast één kant van de munt voor. Zij houden u bijvoorbeeld voor hoe prettig het is als u met eenzelfde munt overal in Europa terecht kunt en verzekeren u dat de stabiliteit van de euro gegarandeerd is met van allerlei afspraken. Edoch, garanties voor de stabiliteit van de euro zijn er niet. Er zijn scenario's denkbaar waarin de financiële markten het geloof in de euro verliezen vanwege een labiele politieke situatie binnen Europa met als gevolg hoge rente en toenemende werkloosheid. En weet dat gerenommeerde economen u kunnen aantonen dat het Europa ontbreekt aan goede aanpassingsmechanismes in geval van onevenwichtigheden.

Misschien ging u twijfelen toen de brief van de zeventig economen links en rechts werd afgekraakt. Laat ik u verzekeren dat dit schermutselingen waren, voorhoedegevechten. Het belangrijkste voor u is het besef dat er gedebatteerd kan worden over het al dan niet bankroet zijn van het monetarisme, dan wel het Keynesianisme.

Wij, 70 economen, struikelen over de onkritische omarming van een vorm van monetarisme dat begrotingen strak wil houden en de geldhoeveelheid stabiel, terwijl die strategie in landen als de VS en Engeland in de begin jaren tachtig een puinhoop creëerde. Het doet er niet echt toe. Zelfs een monetarist als Milton Friedman vindt de euro een idioot idee.

Uiteindelijk gaat het niet zozeer om de euro, maar om de Europese integratie waar die euro een voorwaarde voor is. Reeds produceert de integratie een onverbiddelijk proces van maatregelen. Niemand die me kan vertellen waar het ophoudt. Onlangs moesten motoren door Brussel gereguleerd worden. Straks is het onderwijs aan de beurt op basis van het argument dat zijn diploma's gelijkwaardig moeten zijn nu ze overal in Europa moeten gelden. Het is een ware nachtmerrie.

Wat moet een klein volkje met straks iets meer dan 20 vertegenwoordigers in een 700 leden tellend parlement? Waarom zouden wij ons overleveren aan de willekeur van de onderlinge wedijver tussen twee grote jongens? Of het nu om bedrijven, scholen of landen gaat, wanneer klein met groot samengaat, verliest klein hoe dan ook het meest. Haar identiteit bijvoorbeeld, en haar onafhankelijkheid.

Ik zie die droom van een Europese integratie niet en vindt weinig mensen meer die die droom wel hebben. Dat heeft niets met nationalisme te maken en alles met het geloof in de eigenzinnigheid en onafhankelijkheid van het kleine Nederlandse volk. Ik ben geen eurofoob, maar vrees wel dat ons maatschappelijk bestel van concentrische kringen waarbinnen we met veel overleg tot besluiten komen, verloren zal gaan wanneer het geïntegreerd wordt met het centralistische Franse systeem. De besluitvorming van onze politici in deze zaak belooft weinig goeds. Een troost is dat als ze hun zin krijgen, ze er straks weinig meer toe doen, want dan moeten we naar Brussel, Parijs of Bonn om te lobbyen voor onze sociale zekerheden en een waardig vreemdelingenbeleid. Ik moet er niet aan denken.

Wat die onomkeerbaarheid van de situatie betreft, waarmee onder meer PvdA'er Van der Ploeg schermt, laat u, ongelovige, zich niet terugschrikken. Niets is onomkeerbaar in de politiek. 'Maastricht' geeft weliswaar de voorwaarden aan voor een euro, maar de beslissing voor de implementatie vereist interpretatie. En die kan beïnvloed worden.

Gaat het ongeloof overheersen dan past de strategie van Bolkestein, die voor een strikte interpretatie pleit. Zijn onze leiders strikt dan gaat het feest niet door, want dan accepteren ze het gesjoemel van de Fransen niet en zal ook Duitsland buiten de boot vallen. Aan onze huidige leiders is deze strategie evenwel niet toevertrouwd, want met hun geloof en met de steun van het bedrijfsleven zullen ze genereus zijn in hun interpretatie. En dat moet juist niet.

Waar het op neer komt is dat ongeloof in de Europese droom onzekerheden reliëf geeft. Zouden we verliefd zijn op onze partners dan zouden we de twijfels voor lief nemen om het voorgenomen huwelijk door te laten gaan. Maar van die verliefdheid is weinig te merken, zelfs niet bij de gelovigen.

Het wordt tijd dat wij, de ongelovigen, wakker worden en de gelovigen onze vrees en verontwaardiging kenbaar maken. Misschien weten de ongelovigen ons alsnog te overtuigen. Misschien ook niet. Is het laatste het geval, dan mag de Amsterdamse top een mislukking worden en zullen we de doorgang van de euro moeten blokkeren.

    • Arjo Klamer
    • cultuur aan de Erasmus Universiteit Rotterdam