KEMA wil fraude voorkomen

De Rijksdienst voor het Wegverkeer wil fraude met de nieuwe procedure rond afgifte en inname van kentekenplaten voorkomen. Analisten van KEMA hebben de risico's onderzocht.

ARNHEM, 26 FEBR. Als de overheid het autorijden wil reguleren, zo verwacht de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW), zal het kenteken van de individuele automobilist een grote rol spelen. Het invoeren van rekeningrijden, het heffen van tol op bepaalde wegen of het belonen van car-pooling vraagt om herkenbare automobilisten. Gebruik van de auto en houderschapsbelasting zullen aan het kenteken worden gekoppeld.

De RWD heeft een nieuw systeem ontwikkeld voor het uitgeven en innemen van kentekenplaten, het zogenoemde GAIK-systeem. Ze verwacht dat automobilisten zullen frauderen als autorijden steeds meer kost. Grootschalige fraude zou de overheid een niet te overziene schadepost opleveren. Om fraude met het kentekensysteem te voorkomen, heeft de RWD de risico-analisten van KEMA de “zwakke schakels” in het systeem laten onderzoeken.

KEMA, tot 1991 de NV tot Keuring van Elektrotechnische Materialen, is heeft bekeken waarom iemand wil frauderen, wat de fraudedoelstellingen zijn en op welke manieren er gefraudeerd kan worden. Daarvoor heeft ze gesproken met specialisten onder wie een in fraudezaken gespecialiseerde politierechter, een politieman, een autosloper en ambtenaren van de RDW.

Vervolgens is “het hele leven van een kenteken” in kaart gebracht, vertelt ir. R. Van Otterloo van KEMA, die verantwoordelijk is voor het onderzoek. Wat kan er mis gaan bij verlies, diefstal of beschadiging van het kenteken? Wat moet er gebeuren bij export van een auto en hoe kan worden voorkomen dat iemand zonder vaste woon- of verblijfplaats honderden kentekens op zijn naam kan laten zetten.

Het anti-frauderapport van KEMA bevat een aantal aanbevelingen, waarmee de RWD instemt. Zo zullen in de toekomst uitsluitend door de RDW erkende werkplaatsen kentekenplaten mogen vervaardigen. Ook de lay-out van de kentekenplaten zal worden vernieuwd zodat oude persmallen moeten worden vervangen. Verder zullen de procedures bij afgifte en inname strenger worden. Na KEMA is het GAIK-systeem verder ontwikkeld door de RAI en de BOVAG, voegt de RWD toe.

KEMA is van oudsher gespecialiseerd in het voorkomen van grootschalige schade en andere calamiteiten. In de loop van haar bestaan heeft KEMA zich beziggehouden met de veiligheid van energiecentrales, de elektrische voedingen van computercentra, met verkeersleidingscentra, stormvloedkeringen en chemische en petrochemische installaties. KEMA wil zich voortaan ook wijden aan verbetering van fraudebestendige procedures ten aanzien van mest-, vis- of melkquota, of afgifte van paspoorten en openbaar vervoer-kaarten. Met een nieuw “anti-fraudeprodukt” gaat de organisatie de markt op.

In de kleine werkkamer van Van Otterloo liggen stapels mappen over risico-analyse en “marine logistiek” ordelijk bijeen. Tekeningen van uitheemse dieren hangen aan de muur. Aanpalend loopt een lange gang langs een enorme werkruimte waarin onderdelen van kerncentrales op ware grootte zijn nagebouwd. Van Otterloo is verantwoordelijk voor het rapport ter voorkoming van fraude met kentekenplaten. “Zoeken naar zwakke schakels”, zo vat Van Otterloo het werk van de risico-analist samen.

Risico-analyse is ooit begonnen als systematische methode om uit te rekenen hoeveel slachtoffers bij een calamiteit met een kerncentrale zouden vallen. “Wat kan er allemaal fout gaan, wat is de kans daarop en wat zijn de gevolgen”, aldus Van Otterloo. Ieder technisch systeem wordt door de risico-analist beschouwd als een keten van schakels. Aanvankelijk werd gekeken naar het samenspel van technische componenten: pompen, afsluiters, relais, zuigers. “Gaandeweg zijn we van hardware ook naar processen en procedures gaan kijken”, zegt Van Otterloo. Zo schreef KEMA een draaiboek voor het transport van de nieuwe Van Brienenoordbrug. Met alle betrokkenen werd nagegaan wat er tijdens het vervoer van de brug fout kon gaan. Dat leidde tot een ordner met 510 “storingen”.

Dat KEMA nu de markt opgaat, is “absoluut noodzakelijk”, vindt Van Otterloo, omdat de organisatie sinds 1989 zijn “eigen broek moet ophouden”, en het momentum van opdrachten er een beetje uit is. Een kwart van de banen bij KEMA moet verdwijnen, vertelt Van Otterloo, dus met de Pyttersen's Almanak (handboek van instellingen en personen in Nederland) in de hand, naarstig naar overheidscommissies die zich over procedures buigen. Het doet er niet toe wat voor procedures, als er maar mee gefraudeerd kan worden. “Ik kan pas iets doen als ik een procedure heb”, zegt de risico-analist. Schade aan KEMA door het uitblijven van opdrachten moet voorkomen zien te worden. Ook daarin moet de risico-analist kunnen voorzien.