Golfclub van Port Sunlight naar Labour

PORT SUNLIGHT, 26 FEBR. Wie luistert naar de discussies op de golfbaan van Port Sunlight hoort het kloppend hart van Wirral South, het kiesdistrict in Noordwest-Engeland waar morgen de laatste tussentijdse stembusstrijd in de aanloop tot de algemene verkiezingen worden gehouden. Dat hart klopt van oudsher voor de Conservatieven. Maar de Tories hebben het verbruid bij de golfliefhebbers van Port Sunlight. Volgens de laatste opiniepeiling wacht de regeringspartij een smadelijke nederlaag.

Tim Owens woont al heel zijn leven in Port Sunlight, het modeldorp aan de Mersey dat een van de grondleggers van Unilever aan het eind van de vorige eeuw voor zijn arbeiders liet bouwen. Zijn vader mengde er nog de grondstoffen voor de Sunlight-zeep. Hijzelf bracht het tot groepsbaas en, tien jaar voor zijn pensionering, tot opzichter. Zoals Port Sunlight een monument voor arbeiders met ambities is, zo is Tim Owens het prototype van een 'Jan met de pet' die vooruit wil komen in het leven. Daarom is hij lid van de golfclub en het plaatselijk musicalgezelschap. Daarom, zegt hij, heeft hij de laatste twintig jaar steeds Conservatief gestemd.

Maar morgen gaat zijn stem naar Labour. Hij weet het zeker. Hij heeft genoeg van “de leugens van de Tories”, zegt hij met zijn handen in zijn zakken. Voor de verkiezingen van 1992 beloofden ze dat ze de belastingen elk jaar opnieuw zouden verlagen. Sindsdien hebben ze de belastingen stelselmatig opgetrokken. Owens is jaarlijks 1.200 gulden meer aan de fiscus kwijt dan vijf jaar geleden. Een groot deel van de hypotheekaftrek hebben ze hem ook nog door de neus geboord.

Zijn 56-jarige golfpartner Mike Duyer stemt morgen voor het eerst van zijn leven op Labour. Hij is filiaalhouder van een bank in Haswell, het meest welvarende deel van Wirral South, dat over het water Dee op de bergtoppen van Noord-Wales uitkijkt. Financieel, zegt Duyer, heeft hij over de Conservatieve regering niks te klagen. Aan privatisering van de energiebedrijven en de spoorwegen heeft hij een Saab en een serre overgehouden. Ook de economie hebben de Tories “eindelijk fatsoenlijk op poten”, vindt Duyer. Maar hij verwijt hun dat ze de nationale gezondheidszorg hebben laten verslonzen en dat ze van Groot-Brittannië “een verdeelde samenleving” hebben gemaakt, “net zo verdeeld als ze zelf zijn”, door armen en werklozen te negeren. “Het aanhangen van de vrije markt wil toch niet zeggen dat je geen maatschappelijke verantwoordelijkheden hebt?”

Duyer blikt over zijn zilveren brilmontuur en verzekert dat hij nooit, nee nooit, op het oude Labour gestemd zou hebben dat “een marionet van de vakbeweging” was. Maar, al was hij in het begin wantrouwig, “Labour is veranderd”. “Labour verwoordt de zorgen en aspiraties van de Britse middenklasse tegenwoordig beter dan de Conservatieven, die een uitgebluste indruk maken. Zeventien jaar aan de macht is te lang, voor welke partij dan ook.”

In het verkiezingshoofdkwartier van de Conservatieven in Bromborough blazen ze de politieke commentaren van de golfclub in Port Sunlight achteloos weg. Tussentijdse verkiezingen zijn toch niet belangrijk, zegt partijmedewerker Muriel Thompson. Tussentijdse verkiezingen dienen van oudsher om de regeringspartij een lesje te leren. Daarom hebben de Conservatieven al bijna acht jaar geen tussentijdse verkiezing meer gewonnen. Maar als het er straks op aankomt bij de algemene verkiezingen stemmen de mensen toch weer Tory, meent Thompson. “Omdat ze diep van binnen weten dat ze Labour niet kunnen vertrouwen. Omdat ze inzien dat deze regering zo slecht nog niet is.”

Daar denken ze in de voormalige supermarkt van Bebington waar Labour haar basis heeft opgeslagen, natuurlijk anders over. In het hoofdkwartier van Labour is het veel drukker dan bij de Tories. Tientallen partijmedewerkers uit Londen en Liverpool zitten over computers gebogen. Nog eens tientallen vrijwilligers vouwen folders en brieven om de 60.000 kiezers te bestoken. Die koortsachtige activiteit doet vermoeden dat de algemene verkiezingen in Wirral South beslist worden, een indruk die nog wordt bevestigd door de vloed van Labour-coryfeeën die het Noordengelse kiesdistrict overspoelt.

Partijmedewerker Joe Gibson legt uit waarom Labour de tussentijdse verkiezing in Wirral South van strategische betekenis vindt. Ze herinnert eraan dat de forenzenstreek tussen Liverpool en Chester politiek bij uitstek 'Tory-land' is.Ruim de helft van de kiezers kan bogen op een leidinggevende of specialistische functie. Bijna de helft van de huishoudens heeft twee of meer auto's. De werkloosheid ligt lager dan het landelijk gemiddelde, het gemiddeld inkomen zeker twintig procent hoger. Nog bij de laatste verkiezingen haalden de Conservatieven anderhalf keer zoveel stemmen als de Labourpartij.

“Als Labour in staat is om in dit kiesdistrict voor een politieke aardverschuiving te zorgen door de meerderheid te halen”, zegt Gibson, “gaat daar een belangrijke nationale voorbeeldwerking van uit. Een Conservatieve nederlaag laat zien dat zelfs de traditionele supporters hun geloof in de partij hebben verloren. Een overwinning van Labour bewijst dat Nieuw Labour het vertrouwen van de middenklasse heeft gewonnen en als de ware partij van het politieke centrum wordt gezien.”

De parlementskandidaat van Labour, Ben Chapman, staat volgens Labour-leider Tony Blair model voor de “transformatie” die zijn partij heeft ondergaan. Chapman is ondernemer, ex-ambtenaar en ex-diplomaat. 'Ben Chapman means business', luidt zijn leus. In de Labour-basis worden ze er bij voorkeur niet aan herinnerd dat Chapman tweede keus is. De oorspronkelijke kandidaat, een ouderwetse vakbondsbestuurder, moest op het laatst afhaken na beschuldigingen dat hij thuis geweld gebruikte. Zijn vervanger, Chapman, is nog niet eens een jaar partijlid. Daarom zeggen de Conservatieven dat hij inderdaad symbool staat voor Nieuw Labour: de perfecte opportunist.