Dansende apen missen dramatisch concept

Voorstelling: Beestenboel, door Introdans ensemble voor de jeugd. Choreografieën van: Nacho Duato, Uccelli, muziek: Ottorino Respighi; Daniël Ezralov, Psycho Killer, muziek: Talking Heads; Nils Christe, Trio uit Aziza, muziek: Slagwerkgroep Gelderland; Kirsten Debrock, Monkey Business, muziek: Philippe Bouvier. Gezien: 22/2 Schouwburg Arnhem. Tournee: t/m 17/5.

Op het terrein van Artis staan enkele dienstwoningen. Veel Amsterdamse voorbijgangers zullen, net als ikzelf, wel eens gedacht hebben: daar zou ik best willen wonen. Stel je voor: 's avonds de hele diergaarde voor jou alleen, de nachtelijke geluiden en alle beesten binnen aaibereik.

Dat de dierentuin tot ieders verbeelding spreekt, blijkt uit de levendige voorstelling Beestenboel, gebracht door Introdans ensemble voor de jeugd. Roel Voorintholt, de directeur van het gezelschap - aan wie op 16 maart aanstaande de Perspektiefprijs wordt uitgereikt door de Stichting Aanmoedigingsfonds voor de Kunsten - verzamelde rond het thema dierentuin vier stukken van gerenommeerde choreografen.

De Catalaan Nacho Duato maakte Uccelli oorspronkelijk voor de voorloper van NDT 2 in 1985. Hij gebruikte hiervoor de kleurrijke compositie Gli Uccelli (De Vogels) van Ottorino Respighi (1879-1936). Deze Italiaanse componist baseerde zijn vijfdelige suite op thema's van Rameau en Pasquini.

Het decor (ontwerp Tom Schenk) bestaat uit een grijsbruin achterdoek met vogelpoepspetters, een kippenstok en een touwladder, dat zich nu uitstekend leent voor de hele voorstelling. Joop Caboort ontwierp twaalf jaar geleden de sfeervolle belichting voor Duato's ballet, en deed dit ook voor de andere stukken in Beestenboel.

Duato's ballet Uccelli gaat over dansers die vogels imiteren met behulp van oude kostuums. De een trekt een rafelige tutu aan en verandert in een duif, een ander wordt een koekoek met een pandjesjas. Het gedrag van de vogels heeft Duato vertaald in veelal poëtische bewegingen. Bij al die lievigheid werkt de clowneske confrontatie tussen een haan en een kip, vertolkt door Adriaan Luteijn en Juan Moredo Ramos, verfrissend. Dan veert het jonge publiek op en reageert met gelach.

Nog grotere waardering kreeg het humoristische werk Psycho Killer (1985) van Daniël Ezralov, gemaakt op muziek van Talking Heads. Het is een typisch Amerikaans statement dat past in de traditie van bewegingsgroepen als Pilobolus en Momix. Vier dierverzorgers zijn hierin met de benen aan elkaar vastgeklonken. Dit belet hen echter niet om in precies vier minuten een serie flitsend snelle handelingen uit te voeren.

Hierna zakt de voorstelling wat in. Nils Christe hernam een trio uit Aziza, Bodoera en de mooie dansers van Yedo (1985), een gezamenlijke produktie van Toneelgroep Theater, Introdans en het Gelders Orkest gebaseerd op sprookjes uit 1001-nacht. Hierin dingt een Afrikaanse prinses, vergezeld door twee 'panters', naar de hand van een Perzische prins.

Mirjam Diedrich maakte destijds furore door aan haar rol de erotische brutaliteit mee te geven van een afro-beatdanseres. In de nieuwe versie ligt de nadruk op de verfijnde gratie van de prinses. Dat staat haaks op het aardse karakter van de Afrikaanse dans, waaraan Christe elementen heeft ontleend voor zijn choreografie, en de opwindende bongoritmes van Slagwerkgroep Gelderland.

Nieuw is Kirsten Debrocks Monkey Business, op speciaal gecomponeerde muziek van de Fransman Philippe Bouvier. De choreografe is gefascineerd door de roodbruine orang-oetan. In tegenstelling tot nerveuze gronddieren als chimpansees, is de in bomen levende orang-oetan veel rustiger van aard.

Debrock heeft goed gekeken naar de beweging van deze beesten. Evenals de dansers, die hangend aan de door Schenk ontworpen metalen ringen een feilloze weergave geven van de lome, soepele motoriek van deze mensapen. Het werk mist echter een duidelijk dramaturgisch concept. Er is geen leidend mannetje te bekennen of een dominant vrouwtje en geen jongen die apenstreken uithalen. Het succes van tekensfilms zoals Tom and Jerry bewijst dat de 'theatrale' dierentuin pas leuk wordt als het gedrag van de beesten menselijke trekjes heeft.