Justitie betaalde vijf ton aan adviseur

DEN HAAG, 22 FEBR. Het ministerie van Justitie en het openbaar ministerie (OM) hebben de afgelopen twee jaar een half miljoen gulden betaald voor het op incidentele basis inhuren van een public relations-adviseur.

Minister Sorgdrager heeft zich van april tot november in 1995 88,5 dagdelen laten adviseren door de directeur van Berenschot Communicatie, D. Istha, voor een tarief van 3.750 gulden per dag, exclusief 17,5 procent BTW. Istha is daarna public relations-adviseur van OM-topman Docters van Leeuwen geworden.

Istha werd door Sorgdrager in het voorjaar van 1995 ingehuurd nadat haar directeur voorlichting moest opstappen. Hij kreeg volgens bronnen op het departement het verwijt dat er te laks was gereageerd op berichten dat Sorgdrager in haar vorige baan van procureur-generaal op de hoogte zou zijn geweest van het door justitie doorlaten van drugs. Istha werd ingeschakeld op voorspraak van Docters van Leeuwen. De directeur van Berenschot was vroeger campagneleider van PvdA-voorman Wim Kok en is voorstander van een actief mediabeleid waarbij het OM nadrukkelijk contact zoekt met de media. Voor het trainen van officieren van justitie op het gebied van persvoorlichting en interne communicatie en het helpen bij het opbouwen van een voorlichtingsbeleid (25,5 dagdelen à 3.250 gulden) heeft Istha over 1996 het bedrag van 97.378 gulden betaald gekregen. Dit blijkt uit informatie die NRC Handelsblad met een beroep op de Wet openbaarheid bestuur heeft gekregen.

Pag.3: OM raakt verdeeld over aanpak

Tweede- Kamerleden van VVD, CDA en D66 hebben zich verontwaardigd getoond over het actieve mediabeleid van Justitie en de kosten die daarmee gemoeid zijn. Een woordvoerder van de minister zegt dat Sorgdrager volgende week op verzoek van het Tweede-Kamerlid Koekkoek (CDA) een brief naar de Kamer zal sturen waarin ze opheldering verschaft over de Hakkelaar-zaak en het nieuwe justitiële mediabeleid.

Binnen het openbaar ministerie ontstaat steeds meer verdeeldheid over de wenselijkheid van een actieve en agressievere vorm van voorlichting. “Ik vind dat we doorslaan. Ons strafrechtelijk bedrijf is handel geworden. De soapserie justitia”, aldus de Bredase hoofdofficier van justitie J.W. Wabeke.

In het deze maand verschenen huisorgaan van het OM, het blad Opportuun, waarschuwt voormalig justitie-topambtenaar Wabeke voor het door justitie overnemen van 'methoden van de advocatuur': “opzetjes maken, valletjes zetten, opinies manipuleren of op het publieke effect spelen. Je moet je niet in een wapenwedloop begeven”. Hij vindt dat officieren van justitie alleen “als magistraat in de schijnwerpers” moeten treden en niet als crimefighter. “Als wij in de positie komen dat de officier van justitie de Amerikaanse rol krijgt van de aanklager die moet winnen, in die zin dat er een veroordeling komt, dan moeten we afscheid nemen van het strafrecht dat we hier kennen.”

De kans dat het hoger beroep in de strafzaak tegen Johan V. en zijn medeverdachten opnieuw uitgroeit tot een evenement waarbij justitie de publiciteit zoekt, is overigens gering. De hoogste baas van het ressortsparket bij het Amsterdamse gerechtshof, procureur-generaal B.E.P. Myjer, waarschuwde onlangs bij de installatie van enkele raadsheren voor trial by press. Hij vindt dat het OM als gevolg van het mediabeleid moet “nagaan of de door deze strategie ontstane neveneffecten zich wel verhouden met ook in de nieuw voor te stellen wetgeving over de rechterlijke organisatie, terecht uitdrukkelijk gehandhaafde magistratelijke rol van het OM. Myjer pleit ervoor om “op korte termijn binnen het OM de gekozen strategie diepgaand geëvalueerd en geanalyseerd wordt”.

De persofficieren van justitie bespreken volgende week het mediabeleid omdat de kwestie “intern niemand onberoerd heeft gelaten”, aldus een woordvoerder van het openbaar ministerie. Hij zegt dat het OM “veel voordeel heeft” van de inschakeling van Istha. “We moesten de afgelopen jaren door schade en schande ervaren dat de voorlichting van het openbaar ministerie hopeloos achter liep. Vooral als je het afmeet aan de belangstelling voor het werk van justitie en als je het vergelijkt met voorlichtingsapparaten bij openbaar bestuur en politie.” Istha blijft voorlopig adviseur van het OM en zit in een commissie die nieuw voorlichtingsbeleid maakt.

Het Tweede Kamerlid T. de Graaf (D66) zal minister Dijkstal (Binnenlandse Zaken) vragen stellen over het inhuren van externe organisatie-adviesbureaus.