VS weigeren medewerking aan WTO-arbitrage

WASHINGTON, 21 FEBR. De Verenigde Staten weigeren mee te werken aan een arbitrage-panel van de Wereldhandelsorganisatie (WTO), dat een uitspraak wil doen over Amerikaanse strafmaatregelen tegen Cuba. Volgens de VS gaat het om een veiligheidskwestie en niet om een handelskwestie.

De Amerikaanse onderminister voor handel, Stuart Eizenstat, uitte gisteren opnieuw zijn misnoegen dat de Europese Unie het conflict over de Helms-Burtonwet aan de WTO heeft voorgelegd. Met deze wet kunnen buitenlandse bedrijven door Amerikaanse ingezetenen worden vervolgd die bij hun activiteiten op Cuba gebruik maken van door het Cubaanse communistische bewind genaaste eigendommen.

Eizenstat hield nadrukkelijk de deur open voor voortzetting van de onderhandelingen met de EU. In een verklaring sprak hij zijn voorkeur uit het probleem onderling op te lossen. “De WTO is geen organisatie voor het oplossen van problemen op het terrein van buitenlands beleid,” aldus Eizenstat. “ We zijn verwikkeld in een diepgaand debat met de Europese Commissie en ik sluit me aan bij de uitspraak van Euro-commissaris sir Leon Brittan, die meent dat er goede vooruitgang wordt geboekt.”

Washington wees er nog eens op dat het beleid ten aanzien van Cuba al veertig jaar onveranderd dezelfde is. In dat licht ziet de Amerikaanse regering de Europese kritiek als een aanval op haar hele Cuba-beleid.

De Helms-Burtonwet werd vorig jaar van kracht als antwoord op het neerhalen van een klein passagiers-vliegtuigje door Cuba, waarbij vier Cubanen met de Amerikaanse nationaliteit verongelukten.

Volgens de VS zijn de handelssancties tegen Cuba geheel in overeenstemming met de letter van de GATT (Algemene Overeenkomst over Tarieven en Handel), de artikelen waarop de WTO is gebaseerd. Daarbij verwijst Washington naar artikel 21. Hierin zijn 'Veiligheidsuitzonderingen' opgesomd, op grond waarvan handelsbeperkende maatregelen mogen worden genomen. Sinds de totstandkoming van de GATT in 1947 is drie keer van deze bepaling gebruik gemaakt. Zo gebruikte Ghana het artikel in 1961 om een boycot van Portugese goederen te rechtvaardigen met een verwijzing naar het Portugese kolonialisme in Afrika. In 1978 verwees de VS naar het artikel toen een boycot tegen het Sandinistische bewind in Nicaragua werd afgekondigd.

De Europese en andere landen vinden dat de VS een onacceptabele uitleg geeft aan het uitzonderingsartikel. De EU bestrijdt met name de extra-terratoriale werking van het Helms-Burtonwet. Eizenstat stelt echter dat de gewraakte wet niets te maken heeft met het beschermen van de eigen markt. “Wij brengen offers voor onze principes.”

Inmiddels hebben de VS een conflict met Japan over oneerlijke concurrentie tegen het fotobedrijf Kodak gisteren wel aan een WTO-panel voorgelegd. (Reuter)