Provocatie

Politieke films zijn vaak heel vervelend en worden nog maar zelden gemaakt. Tegenwoordig is het juist mode om de meest onwaarschijnlijke onderwerpen met contradicties te beschrijven. Pornokoningen, oorlogsverslaggevers, wrede soldaten - allemaal zijn ze op het filmfestival van Berlijn het onderwerp van subtiele speelfilms, waarbij de kijker zelf mag bedenken wat hij ervan vindt.

Soms kan dat tot komische misverstanden leiden. De Georgische speelfilm Otcnebebis sasaplao (Kerkhof der dromen) van Georgi Chaindrawa wordt in de catalogus van het festival nadrukkelijk als anti-oorlogsfilm gepresenteerd. Het is een meeslepend verhaal over een Georgische schrijver, die zich als vrijwilliger meldt voor de nationale strijd tegen de Abchaziërs, die zich in 1993 van Georgië wilden losmaken. Of het een anti-oorlogsfilm is, hangt natuurlijk voornamelijk af van de vraag of de toeschouwer oorlog als een afkeurenswaardig verschijnsel beschouwt. Dat is, zoals bekend, in de Kaukasus wat meer de vraag dan in Berlijn.

De Amerikaanse regisseur Spike Lee loochent met elke nieuwe film het diskrediet van politiek in de bioscoop.

Al meer dan tien jaar hebben al zijn films de situatie van de zwarte bevolking en de rassenverhoudingen als onderwerp, en Lee maakt er geen geheim van dat hij vindt dat die situatie en verhoudingen veel te wensen over laten.

Ook in zijn laatste, in Berlijn vertoonde Get on the bus zijn de personages weer vooral de belichaming van sociale en politieke posities: de zwarte die het sociaal gemaakt heeft, maar door racisme toch op latere leeftijd weer aan lager wal geraakt is. Twee zwarte homo's, wier bestaan door de andere zwarte buspassagiers eigenlijk niet getolereerd wordt. De joodse buschauffeur, die er halverwege de brui aan geeft, omdat de bus op weg is naar een grote betoging in Washington in 1995, de Million Man March, die georganiseerd was door een zwarte antisemiet.

Zo samengevat, lijkt Get on the bus een oervervelende film, maar het is een meeslepende road-movie. Lee is wel een moralist, maar tegelijkertijd een auteur die graag tegen heilige huisjes aanschopt. In zijn voorlaatste film, Girl 6, ging het om een zwarte jonge vrouw die, veinzend blank te zijn, haar geld verdient aan een seks-telefoonlijn. Van politiek-correcte afkeuring bij Lee was geen spoor te bekennen.

Zijn grootste provocatie tot nu toe was het levensverhaal van de radicale zwarte leider Malcolm X, die bij Lee voornamelijk een rare moslim-geloofsfanaat werd. Ook Get on the bus heeft weer allerlei heel onverwachte elementen: ik kan me niet herinneren ooit een macho zo bitter en ongegeneerd te hebben zien schreien.

Wie in Nederland nu reikhalzend uitkijkt naar Get on the bus wordt teleurgesteld: de film zal door zijn distributeurs niet in de Nederlandse bioscoop worden uitgebracht en alleen op video verschijnen - een lot dat eerder al Lee's film Clockers was beschoren.

Voor deze beslissing zullen ongetwijfeld allerlei valide argumenten zijn: te weinig bezoekers voor Lee's eerdere films, en het probleem van te weinig filmdoeken in de Nederlandse steden.

Toch is het een onverteerbare beslissing: een goede film van 's werelds grootste zwarte filmregisseur, een echte 'auteur' ook, blijft ons onthouden.

Zo koek en ei met de rassenverhoudingen in Nederland is het nu ook weer niet, dat dát de reden zou kunnen zijn.