Met hedendaagse kunst trek je geen mensen; Gesprek met Kunsthaldirecteur Wim van Krimpen

De Kunsthal in Rotterdam trekt sinds de opening in 1992 ieder jaar meer publiek. Tot genoegen van Wim van Krimpen, die het als directeur als zijn taak ziet om een groot publiek te bereiken. “Ik ga af en toe op zondag naar de Kunsthal, gewoon om lekker tusen het publiek te lopen en naar de drukte te kijken. Heerlijk vind ik dat.”

Van 8 maart tot 8 juni is in de Kunsthal de tentoonstelling 'De vroege Mondriaan' te zien. Westzeedijk 341, Rotterdam

Welk doel is dat dan?

“Ach, ze willen daar allemaal Jan Dibbets worden.”

Wil Jan Dibbets dat ook?

“Nee, het moeten allemaal leerlingen blijven. Begrijp me niet verkeerd: ik vind Dibbets een hele goede kunstdocent, misschien wel de beste van Nederland.

Maar er wordt op De Ateliers een sfeer van meester en leerlingen gecultiveerd die de kunstwereld veel te gesloten houdt. Als je als kunstenaar in Nederland te goed wordt word je vanzelf leraar op De Ateliers. Dus toen Rob Birza zich zo ontwikkelde dat ze niet meer om hem heen konden: leraar. René Daniëls: leraar. Marien Schouten: leraar. Verder blijft iedereen in Nederland leerling -altijd. Kijk, ik zie ook de voordelen van dat systeem wel in, want Dibbets is heel belangrijk voor de Nedelandse kunst. Waar hij ook zit: hij zal altijd Nederlandse kunstenaars promoten. Maar altijd alleen zijn leerlingen - nooit iemand anders.

“Ik wil het niet laten klinken als een complot-theorie, want dat is het niet, maar het komt er toch op neer dat De Ateliers de zaak in Nederland aardig onder controle heeft. Alexander van Grevenstein zit in het Bonnefantenmuseum, Chris Dercon in het Boijmans, en Rudi Fuchs is de baas van heel Nederland.

Omdat ze elkaar nooit loslaten hebben ze veel invloed. Ik merk dat in de Kunsthal: we zijn niet chique genoeg voor ze. Maar ook in de Mondriaanstichting, daar kom ik altijd weer dezelfde mensen tegen. Ik vind dat niet goed, de zaak zou veel opener moeten worden, dat houdt het levendig en creatief. Zelf probeer ik telkens weer buiten die geëigende paden te treden, maar dat gaat allemaal zo traag, zo moeizaam. Dus zo af en toe roep ik eens wat controversieels, om de zaak een beetje op te schudden. Het gevaar bestaat daardoor wel dat ik de Don Quichotte van de Nederlandse kunstwereld word, en daar heb ik niet bepaald zin in.''

Is die onvrede ook de reden waarom u telkens naar buiten treedt met allerlei plannen en ideeën? Voor een gezamenlijke ingang van het Van Gogh Museum en Stedelijk, of om het fotoinstituut en het vormgevingsinstituut te ruilen?

“Dat laatste heeft met iets anders te maken: ik maak me namelijk echt druk om Rotterdam. Het zal wel klef klinken, maar ik ben een Rotterdammer in hart en nieren. Ik heb in Antwerpen gewoond, in Düsseldorf, in Amsterdam, maar altijd als ik langs Blijdorp reed dacht ik: dit is mijn stad. En er gebeuren hier dingen waar ik me druk om maak. Ik zie het bij de Kunsthal. Ik ben hier nu vier jaar bezig en het volledige eerste jaar moesten de mensen tot hun enkels in de modder om hier te komen, er was namelijk nog geen bestrating. Na een jaar kreeg ik dan tegels in de grond, maar er was nog geen verlichting. Nu,na drie jaar, hebben we vijf lantarenpalen gekregen en moet de verlichting op het eerste stuk nog geregeld worden. 's Winters is het stikdonker in het park.

Vorig jaar kreeg ik om vier uur 's middags bezoek van de interim-directeur van Boijmans en die vroeg om kwart over vier of ik met hem terug wilde lopen, want alleen durfde-ie niet. Dat is dus mijn hoofdentree.

Boijmans op Zuid

“Cultuur wordt in Rotterdam niet breed gedragen - die wordt van boven opgelegd. Maar mensen denken er ook te weinig over na. Vanmiddag, als ik die promotieprijs in ontvangst neem, zal ik een nieuw idee ontvouwen. Kijk: Museum Boijmans is bezig met nieuwbouw, net als alle andere musea in Nederland. Die gaat zo'n 20 miljoen gulden kosten en dat wordt een probleem, dat kun je nu al zien. Want eigenlijk was Boijmans een perfect museum in zijn oorspronkelijke staat, voor de eerste nieuwbouw, daar hadden ze nooit iets aan moeten veranderen. Nu is het een ondoorzichtig museum geworden en dat wordt alleen maar erger als ze er nog een vleugel aan gaan zetten. Maar Chris Dercon wil meer ruimte voor zijn collectie en dat is begrijpelijk, dus daar moet een oplossing voor komen - maar niet in het Museumpark.

“Aan de andere kant is er de Kop van Zuid, een echt prestige-project. Daar wordt veel geld in gestoken. Hotel New York zit daar al en dat is een geweldig succes. Er komt het nieuwe Luxor, studentenhuisvesting, een nieuwe terminal voor de cruise-vaart met een restaurant, het nieuwe kantoor van het havenbedrijf, het wordt daar kortom prachtig. Het enige wat er nog ontbreekt is een culturele voorziening. Achter de terminal staat een perfect gebouw, een van de eerste projecten van Van den Broek en Bakema en dat staat leeg: vier verdiepingen van 4000 vierkante meter per stuk. Mijn idee is nu als volgt: op de begane grond zet je commerciële activiteiten neer: café's, winkels, reclame-achtige dingen. Daaronder een parkeergarage. Op de bovenste verdieping kunnen appartementen komen, grote 'lofts' op een toplocatie, waarvoor je veel geld kunt vragen. En op de tweede en de derde verdieping maken we het museum: 8000 vierkante meter, glas rondom, een schitterende locatie voor een museum voor hedendaagse kunst, waar het Boijmans zijn collectie kan tonen. Chris Dercon is van zijn ruimteprobleem af en je hebt meteen het eerste echte museum voor hedendaagse kunst in Nederland. Dat is toch een prachtig plan? Ik heb zelfs de naam al: Boijmans op Zuid.”

Bent u niet bang dat veel mensen dit weer als een van uw vele plannetjes zullen beschouwen?

“Weet je wat het mooie is van Rotterdam? Dat zulke plannen ook wel eens lukken, zoals de Kinderkunsthal, die er nu aankomt. De 'Rotterdamse methode' noem ik dat: als je een idee hebt voer je dat gewoon uit, zonder eerst allerlei commissies in te stellen en zonder er jaren over te vergaderen. Zo is de Kunsthal er ook gekomen. Dit is een goed plan en daar moet men de schouders maar eens onder zetten.”