Kamer wil 'alerter' zijn bij opnemen en wissen tapes

DEN HAAG, 21 FEBR. Tweede-Kamerleden zeggen dat zij zich in de toekomst 'alerter' zullen houden aan procedures voor het opnemen en wissen van bandopnamen van vertrouwelijk overleg in de Kamer.

Zij reageren hiermee op het vonnis dat de president van de rechtbank in Haarlem, mr. C.A. Terwee-van Hilten, gisteren wees in een kort geding dat de parlementariër H. Vos (PvdA) aanspande tegen NRC Handelsblad. Daarin wees zij de eis van Vos af tot rectificatie van een bericht op 2 februari waarin werd gemeld dat Vos persoonlijk opdracht had gegeven banden van een vertrouwelijk overleg over de technolease te wissen.

De president oordeelt het aannemelijk dat Vos zelf tegenover deze krant heeft bevestigd dat hij deze banden heeft laten wissen. Ook stelt zij vast dat tot de door Vos bestreden publicatie is overgegaan “na gedegen onderzoek”. Voorts wijst zij in haar uitspraak op een passage uit een rapport van de Algemene Rekenkamer waaruit blijkt dat het belangrijkste verweer van Vos tegen de NRC-publicatie suggestief is. Vos stelde dat hij als voorzitter van de Kamercommissie Economische Zaken niet kon beschikken over de technoleasebanden omdat deze banden bij de commissie Financiën zouden hebben berust. De president citeert in het vonnis de Rekenkamer waar deze eerder rapporteerde dat de gewraakte technoleasevergadering er een van “de Vaste commissies Economische Zaken en Financiën uit de Tweede Kamer” was. Ook meent de president dat de procedures die de Tweede Kamer hanteert voor het opnemen en wissen van banden bij vertrouwelijk overleg “minstgenomen onduidelijk” zijn. Zij meent dat “niet onomstotelijk” is aangetoond “dat er geen banden hebben bestaan” van het gewraakte vertrouwelijk overleg van de Kamercommissies op 23 juli 1994.

Voorzitter P. Bukman van de Tweede Kamer geeft geen reactie op het oordeel van de rechter. Via zijn woordvoerder laat hij desgevraagd weten dat de uitspraak “eerst nader moet worden bestudeerd”. Andere Kamerleden kondigen aan zich voortaan beter op de naleving van procedures te zullen oriënteren.

“Als we nu vertrouwelijk overleg hebben zal ik altijd eerst vragen of er ja of nee een tape meeloopt”, zegt Kamerlid L. van Dijke (RPF). Bij het presidium van de Kamer zal daarnaast worden aangedrongen op heldere procedures. “Dit punt van kritiek moeten we ons aantrekken”, meent Kamerlid H. Voûte-Droste (VVD). G. de Jong (CDA): “Deze zaak maakt duidelijk dat er iets geregeld moet worden”. W. van Gelder (PvdA) begrijpt de kritiek van de rechtbankpresident: “Er is zowel onduidelijkheid over de procedures zelf, als onduidelijkheid in de omgang ermee.”

Van Gelder, lid van de Vaste Kamercommissie van Economische Zaken, toont zich verbaasd over het vonnis van de Haarlemse rechtbank. “Ik had op z'n minst een genuanceerder oordeel van de rechter verwacht. Ik zie namelijk echt niet in hoe Vos als voorzitter van de Vaste Kamercommissie van Economische zaken had kunnen beslissen over geluidsbanden van een andere Kamercommissie, namelijk die van Financiën, die over de technolease heeft gesproken. De rechtbank ziet die mogelijkheid kennelijk wel.”