Fusie beurzen brengt veel kosten met zich mee

AMSTERDAM, 21 FEBR. Ondernemingen die naar de Amsterdamse effectenbeurs gaan geven doorgaans een gift aan een goed doel, zoals een boot voor de Noord- en Zuidhollandse Maatschappij voor de redding van drenkelingen. Nu de gefuseerde effecten- en optiebeurs zelf aandelen bij beleggers gaat plaatsen, doet de Vereniging voor de Effectenhandel, de grondlegger van de beurs, zelf een duit in het zakje.

Zo heeft de Vereniging 6 miljoen gulden op tafel gelegd zodat de nieuwe beursholding een zogeheten uitwijkbeurs kan beginnen. Zo'n uitwijkbeurs moet bij een calamiteit, zoals een terroristische aanslag op het beursgebouw op zondagavond, de ongehinderde start van de handel de volgende ochtend veiligstellen. Voor het uitvallen van de stroom of de computers heeft de beurs al voorzieningen in Lelystad, maar deze uitwijkbeurs, die in Amsterdam Sloterdijk gesitueerd wordt, had de beurs nog niet.

Met deze noodgreep voor calamiteiten gaat de beurs naar eigen zeggen verder dan de meeste collega's in het buitenland, al loopt de getroffen noodregeling achter bij de voorzieningen van de grote banken, die al complete dealingrooms hebben ingericht voor zulke noodgevallen.

De 6 miljoen van de Vereniging is een van de douceurtjes die de beursholding heeft meegekregen, zo blijkt uit het prospectus dat gistermiddag werd gepresenteerd voor de herplaatsing van aandelen in Amsterdam Exchanges, de fusie van de effecten- en optiebeurs. De Vereniging heeft ook 15 miljoen overgemaakt als bijdrage aan de bestrijding van de kosten van het toezicht op beursleden.

Deze kosten werden vroeger gedekt door renteopbrengsten op het vermogen dat het eigen verzekeringsfonds van de beurs (het zogeheten Omslagfonds) had voor schadegevallen uit de beurshandel. De Vereniging heeft eveneens manmoedig de potentiële schade op zich genomen van de 'Bega'claim van ex-Begemann-topman J. Van den Nieuwenhuyzen, die vindt dat beurs nooit aangifte tegen hem had mogen doen in verband met vermeende voorkennis bij de handel in aandelen HCS en in Begemann zelf.

De fusie brengt allerlei verwachte en onverwachte kosten met zich mee, zo blijkt uit het prospectus. Om de fusiekosten te betalen is een voorziening van 6,6 miljoen gulden gevormd, terwijl een voorziening voor personeelsafvloeiing en vervroegde pensionering staat opgevoerd van een kleine 6 miljoen gulden. Bij de beursholding werkten vorig jaar gemiddeld 454 mensen.

De beurzenholding zoekt wegens ruimtegebrek op termijn ook nieuwe huisvesting nodig en heeft het traditionele beursgebouw aan het Beursplein alvast afgewaardeerd (met 7,7 miljoen gulden), zodat een verkoop vergemakkelijkt wordt. De waarde van het pand is daarmee vrijwel gehalveerd.

Uit het prospectus blijkt dat tegen de beurzenholding zelf ook nog verschillende schadeclaims lopen. En bij de toelichting bleek dat de beursholding ook zelf nog een akkefietje heeft met de leveranciers van het (half mislukte) nieuwe handelssysteem op de Optiebeurs. Dat heet echter geen claim, maar de beurs krijgt wel korting op de rest van de aanneemsom.

Mochten de claims tegen de beurzenholding worden toegekend dan nog hebben zij “geen substantiële nadelige invloed van betekenis” op de financiële positie, zo meldt het prospectus.

Zo is het financiële jargon weer een uitdrukking rijker. Na het eufemisme correctie voor een beurskrach blijken er nu drie soorten claims te zijn: die met substantiële invloed, die met invloed van betekenis en die met substantiële invloed van betekenis. In het laatste geval lijkt de reddingboot de beste uitwijkbeurs.