Financiering concerns terug naar Nederland

ROTTERDAM, 21 FEBR. Chemiebedrijf DSM en BolsWessanen (voeding, drank) halen hun activiteiten voor concernfinanciering terug naar Nederland omdat het paarse kabinet het belastingklimaat aanzienlijk aantrekkelijker heeft gemaakt. Een reeks andere bedrijven is in gesprek met het ministerie van Financiën om ook gebruik te maken van de verlaagde Vennootschapsbelasting.

DSM deelde gisteren mee zijn Belgisch coördinatiecentrum, dat eind jaren '80 om fiscale redenen was opgericht, op te heffen. De twintig medewerkers die vanuit Genk de concernfinanciering regelen gaan binnenkort naar het hoofdkantoor in Heerlen. BolsWessanen doet hetzelfde met een elf medewerkers tellend kantoor in Antwerpen en overlegt nog met het personeel. Ook papierconcern KNP BT overweegt zijn coördinatiecentrum in België naar Nederland terug te halen.

Reden voor de verhuizing zijn de wijzigingen in de Wet op de Vennootschapsbelasting die staatsecretaris Vermeend (Financiën) per 1 januari invoerde om “uitholling van de Nederlandse belastinggrondslag” tegen te gaan. “Die veranderingen schelen ons heel veel geld. Je praat over miljoenen guldens per jaar”, aldus DSM.

Concernfinanciering betreft onder meer de verrichting van interne betalingen, geld lenen en uitlenen, middelen van de ene dochter uitlenen aan een andere, 'valutamanagement'. De winst daarop wordt in een aantal landen laag belast. In België is die belasting, aldus DSM, “verwaarloosbaar”. In Nederland is het tarief van de Vennootschapsbelasting 35 procent, maar de regering heeft voor deze financiële activiteiten een uitzonderingsregeling gemaakt.

Supermarktketen Ahold was begin vorige maand het eerste bedrijf dat besloot van de lagere winstbelasting gebruik te maken en zijn financieringsmaatschappij van de Nederlandse Antillen terug te halen naar Nederland. Dat dochterbedrijf ontplooit activiteiten ter waarde van 4 miljard gulden per jaar. Bij het ministerie van Financiën staat een tiental grote concerns in de rij om te praten over een vergelijkbare manouevre, en een nog groter aantal kleinere bedrijven. Ook zijn er concerns die geen financieringsdochter in het buitenland hebben, maar die wel gebruik willen maken van de nieuwe belastingfaciliteit, zoals Heineken, Philips en Unilever. “Het loopt goed”, zegt een insider op het ministerie over deze gesprekken. Financiën mag geen mededelingen doen over individuele belastingplichtigen.

Staatssecretaris Vermeend zag bij zijn aantreden met lede ogen dat het bedrijfsleven de afgelopen tien jaar voor zeker 15 miljard gulden aan financiële transacties naar landen met een aantrekkelijker belastingklimaat had verlegd, zoals België, Ierland en de Antillen. Met zijn wetswijzigingen probeert hij ten minste de helft van dat bedrag weer terug te halen. Door de vlucht naar belastingparadijzen is Nederland niet alleen veel belastinginkomsten misgelopen, maar ook hoogwaardige werkgelegenheid.

Belangrijkste trekpleister voor de ondernemingen om hun financieringsactiviteiten naar Nederland terug te halen is de mogelijkheid 80 procent van de belastbare winst van een financieringsmaatschappij af te zonderen in een niet belastbaar risicofonds. “Je betaalt dus het tarief van 35 procent over slechts eenvijfde van de winst. Dat komt neer op 7 procent over het geheel. Weliswaar is dat hoger dan in België waar je bijna niets betaalt”, aldus DSM. “Maar daar staan synergie- en kostenbesparingen tegenover.”

Fiscaal specialist Ad Timmermans van de ondernemersorganisatie VNO/NCW wijst erop dat de nieuwe regeling van Vermeend ook van groot belang is voor veel kleinere ondernemingen en familiebedrijven.