Elfsteden-winnares geeft meer om lol dan roem

Dit weekeinde wordt in Deventer de laatste marathonwedstrijd verreden voor de KNSB-cup. Elfstedenwinnares Klasina Seinstra uit het Friese St. Johannesga hoopt haar titel te prolongeren.

ST. JOHANNESGA, 21 FEBR.Soms wordt de postbesteller in St. Johannesga gevraagd of ze een handtekening wil zetten. Op een videoband van de Elfstedentocht bijvoorbeeld. Klasina Seinstra (28) doet het graag. Als postbode rijdt ze dagelijks drieënhalf uur in weer en wind met fietstassen vol post door de omgeving. “In het begin was het heel zwaar. Je moet behendig zijn op je fiets. En dan al die opritten en sommige bussen die shit staan. Maar nu wil ik niet anders meer.”

In haar woonkamer staat een krans van het Nederlands kampioenschap, op een kastje staan vijf bekers en liggen drie medailles. De oogst van een seizoen. In een doos achter de bank liggen kranten en honderden brieven die ze kreeg. “Die mensen ga ik allemaal terugschrijven. Elke week een paar.”

De betekenis van de Elfstedentocht is volgens Seinstra niet in woorden uit te drukken. “Sneek bereik je in het donker. Er stond zo'n harde wind, ik dacht op een gegeven moment: waar ben ik in godsnaam? Maar dan staan daar al die honderden mensen je toe te juichen. Onvoorstelbaar, ik kreeg er kippenvel van.”

Ze schaatste samen met Gretha Smit, de straffe wind in de rug, op de Bonkevaart in Leuuwarden aan. “We stonden samen soms stil op het ijs. Dan draaiden we weer een rondje. Jammer dat dat niet gefilmd is. Het was een kat-en-muis-spel.” Seinstra liet Smit het kopwerk doen. Eerder, tijdens het Nederlands kampioenschap op natuurijs in Ankeveen bleef Jenita Smit achter Seinstra koersen om haar zuster Gretha de gelegenheid te geven aan te sluiten. Seinstra had er geen moeite mee. “Dat is ploegentactiek, maar bij de Elfstedenocht dacht ik wel: nu rijd jíj maar op kop, ik doe niks.”

Op ongeveer 150 meter voor de finish zette de Friezin de sprint in. “Je geeft alles. Even was ik helemaal kapot, maar ik was zo ontzettend blij. Ik viel over de finish, omdat ik door mijn enkel ging.” De Elfstedenwinnares moest het bij de huldiging doen zonder beker en zonder krans. Discriminatie van de vrouwelijke winnaar, zeiden velen. Seinstra lag er niet wakker van. “Ik vond die zilveren schaal veel mooier dan die beker van Angenent.”

Later bij het feest in haar woonplaats kreeg ze van de plaatselijke bloemist alsnog een krans. Het voltallige Elfstedenbestuur was daarvan getuige en maakte alles goed door een groot bloemstuk cadeau te doen. Het staat nog steeds in een hoek van de kamer. Pas nu begint het langzaam te verwelken.

Seinstra heeft inmiddels een zaakwaarnemer. De Elfsteden-winnares wil alleen maar 'ja' of 'nee' hoeven te zeggen tegen aanbiedingen. Onderhandelen laat ze graag aan een ander over. Ze deed een fotoreportage voor het kledingmerk Gardeur, dat zijn herfstcollectie laat aanprijzen door Seinstra. Cadeau's kreeg ze volop. Een fiets, een rondvlucht boven de elf steden, een ballonvaart en een negendaagse reis naar Orlando. “Heb ik te danken aan iemand die het reisbureau boos opbelde. In de advertenties stond namelijk dat alleen de winnaar een reis cadeau kreeg.”

In één geval werd er iets te onbesuisd toegezegd. Een dealer beloofde haar dat ze twee jaar lang in een auto mocht rijden. Een belofte die later werd ingetrokken. “Dat was wel wat sneu”, bekent Seinstra. Een andere fabrikant die het verhaal hoorde bood haar alsnog een auto aan.

Zeven seizoenen schaatst Seinstra marathons. In 1989 was ze een jaar lid van de Friese selectie, met onder meer Boukje Keulen en Sandra Zwolle. Maar Seinstra zag zichzelf niet als langebaanschaatsster. “Ik trainde een zomer keihard onder Sijtje van der Lende, maar die winter daarop ging het voor geen meter. Ik had hele dikke gespierde benen, maar was toch niet snel genoeg. De keuze was: nog een jaar er tegenaan of gaan marathonschaatsen.”

Ze koos het laatste en spijt heeft ze nooit gehad. “Marathonschaatsen is heerlijk. Voor en na de wedstrijden is het erg gezellig en je hebt te maken met ploegentactiek, met strijd. Er zijn veel vrouwen die als lange-afstandsschaatser klooien en net tegen hun top aan blijven zitten. Dan denk ik: ga toch marathonschaatsen.”

Sinds enkele jaren maakt ze gebruik van trainingsschema's van bondscoach Henk Gemser. Daardoor is ze sneller gaan schaatsen. “Ik kan demarreren als het moet.” Seinstra is erop gebrand de KNSB-cup voor de derde maal te winnen. “Het cupklassement gaat over dertien wedstrijden, je moet van oktober tot februari goed draaien en dat is best moeilijk.”

Seinstra werd dit seizoen Nederlands kampioen op kunstijs in Utrecht, tweede bij het NK op natuurijs, ze won de Elfstedentocht en begin deze maand schreef ze ook de alternatieve versie op de Weisensee in Oostenrijk op haar naam. Wat zijn haar verdere ambities?

Seinstra blijft het antwoord schuldig. “Ik kijk niet te ver vooruit. Eerst wil ik zaterdag die cup pakken. Als ik net zo rijd als het hele seizoen, moet het goed gaan. Daarna neem ik een maand rust. Ik blijf schaatsen zolang ik het leuk vind. Dat is ook mijn levensinstelling: doe dingen die je leuk vindt. Eeuwige roem hoeft voor mij niet. Je leeft nu. Ik wil genieten, ga wel eens lekker stappen. Er is zoveel narigheid in de wereld, ziekte, ongelukken. Als je iets wilt, moet je daarom niet uitstellen. En als je iets doet, doe het dan goed. Ik wil niet half trainen en gaan kwakkelen. Dan stop ik ermee.”