Eis levenslang in zaak van vermoorde peuter

BREDA, 20 FEBR. De officier van justitie in Breda mr. C. van Spierenburg heeft vandaag levenslang geëist tegen de 28-jarige T.J. wegens het vermoorden van de driejarige Robin Bogers. Het meisje is volgens de officier vorig jaar door haar overbuurvrouw gedood.

De buurvrouw blijft ontkennen iets met deze zaak te maken te hebben. Van de veertien verklaringen die zij eerder heeft afgelegd, zegt de vrouw nu dat “alles onjuist” is, zo bleek gisteren voor de rechtbank in Breda. Onbewogen bekeek de 28-jarige vrouw gisteren in de overvolle rechtszaal op groot scherm de videobeelden van haar eerdere bekentenis in augustus en een gedetailleerde reconstructie. Tijdens de opname, met medeweten en instemming van de verdachte gemaakt, vertelt J. hoe zij de peuter, het oudste kind van haar overburen, om het leven heeft gebracht. Deze 'bekennende verklaring', zoals rechtbankpresident mr. R. Lameijer het noemde, deed de vrouw op 10 augustus maar op 4 oktober trok zij deze weer in.

Met toonloze stem schetst J. op de opname de gebeurtenissen. Robin kwam op 24 april pannenkoeken eten. Het kind werd 's morgens door haar moeder gebracht. Toen de pannenkoeken op waren, zaten zij op de bank en begon Robin vragen te stellen over Nicky, het zoontje van J. dat enige maanden tevoren aan een ernstige ziekte was overleden. “Was Nicky stout geweest”, vraagt ze. “Nee”, zegt J. “Hij was niet stout, maar je moet niet meer over hem praten, daar word ik verdrietig van.” Daarna kreeg J. een blackout. “Wat er gebeurd is ben ik kwijt. Toen ik weer bij zinnen kwam, lag Robin met haar hoofd op de rand op de bank.” Zelf stond J. toen naast het meisje, met gekruiste handen die met volle kracht op het gezicht van Robin hadden gedrukt. In paniek verstopte zij het lichaampje in een vuilniszak, die zij vervolgens in een container dumpte. Later werd op een vuilstortplaats een stukje been met een schoentje gevonden, waarvan het gerechtelijk laboratorium heeft kunnen vaststellen dat het van Robin was.

Toen de rechter haar met deze bekentenis confronteerde, ontkende J. dat het zo is gebeurd en beriep zich op haar recht te zwijgen. Haar advocaat, mr. D. Moszkowicz, zal vrijspraak eisen.