Topman ABN Amro: vasthouden aan EMU in 1999

ROTTERDAM, 19 FEBR. Uitstel van de Economische en Monetaire Unie is in strijd met de rechtszekerheid en zal het vertrouwen in de politiek flinke schade toebrengen. Dit heeft J. Kalff, bestuursvoorzitter van ABN Amro vanmiddag gezegd in een toespraak voor de Nederlandse bankiersgemeenschap in Londen.

Kalff gaat er van uit dat de muntunie in 1999 volgens schema tot stand komt, op basis van een 'redelijk' strikte toepassing van de toetredingscriteria door de deelnemende Europese lidstaten. Volgens Kalff heeft het bedrijfsleven, inclusief het bankwezen, geen behoefte aan een nieuwe politieke discussie over de EMU. “Daarvoor hebben we al teveel geïnvesteerd.” Vorige week zei VVD-fractievoorzitter Bolkestein dat de Tweede Kamer volgend jaar nog kan beslissen of Nederland al dan niet aan de EMU deelneemt. Kalff vindt dat Nederland het fundamentele besluit tot deelname heeft genomen toen het het Verdrag van Maastricht ondertekende.

Bezwaren over een mogelijk destabiliserende werking van de muntunie voor de deelnemde landen vindt Kalff niet zwaarwegend. Hij wees op de stabiliserende werking van nationale begrotingen en de sociale-zekerheidsstelsels van de deelnemende landen.

Kalff voorziet dat banken een nieuwe Europese thuismarkt krijgen. Die verandering luidt een ingrijpend concentratieproces in, in een aantal lidstaten waar het bankwezen wat de concentratiegraad betreft achterloopt. Banken die in alle EMU-landen het hele palet aan financiële diensten aanbieden, ziet Kalff voorlopig niet ontstaan. Wel ziet hij een toekomst voor ABN Amro als pan-Europese bank met een brede aanwezigheid in bankdiensten als cash-management, grensoverschrijdend betalingsverkeer en investement banking. Kalff zei niet te verwachten dat de positie van de Londense City als financieel centrum zal lijden onder de invoering van de euro.