'Dijkstal misbruikt islam voor inburgering'

AMSTERDAM, 19 FEBR. Moet Nederland een opleiding voor islamitische, geestelijke voorgangers krijgen? Ja, zeiden de sprekers gisteravond eensgezind tijdens een debat in de Amsterdamse Balie. Mag Nederland zich bemoeien met de inhoud van een dergelijke opleiding voor imams? Nee, luidde het antwoord. Maar daarna hield de eensgezindheid op.

De gemeenschap van moslims in Nederland voelt zich overvallen door initiatieven van de Nederlandse regering om een imamopleiding in Nederland op te zetten. Minister Dijkstal (Binnenlandse Zaken, VVD) pleitte tijdens zijn bezoek aan Marokko vorig jaar oktober voor zo'n opleiding. Hij wil af van de door de Turkse en Marokkaanse autoriteiten gestuurde imams, die vaak de Nederlandse taal niet spreken en weinig van deze samenleving afweten. En staatssecretaris Netelenbos (Onderwijs, PvdA) wil deze imams op Nederlandse scholen opleiden.

“We zijn voorbijgestreefd door een aantal zeer ijverige liberalen”, kenschetste voorzitter E. Ates van de Turks-islamtische federatie gisteravond het pleidooi van de minister. Hij bracht in herinnering hoe hij samen met het Tweede-Kamerlid M. Rabbae (GroenLinks), begin jaren tachtig subsidie had aangevraagd voor de bouw van moskeeën. Nederland kent een scheiding van kerk en staat, kregen zij te horen. “De deur werd in ons gezicht dichtgeslagen”, aldus Ates.

De bemoeienis van de overheid noemde hij “uitermate verdacht, bedoeld om het leven van moslims te manipuleren en controleren”. Veel sprekers verwezen naar het christendom. Bemoeit de Nederlandse overheid zich soms met opleidingen van pastoors en dominees? Volgens de forumleden zijn vrees voor fundamentalisme in de moskeeën en de wens om via moskee en imam tot integratie van allochtonen te komen de belangrijkste motieven voor de 'plotselinge' interesse van de overheid. “Maar de islam is geen inburgeringsprogramma”, aldus F. Elatik van het Centrum voor islamitische studies.

Toch, zo meende vice-voorzitter F. Örgu van de bijzondere leerstoel islam, moeten moslims de politieke wil benutten - al was het maar om geld voor onderwijs los te peuteren. Nee, zei Elatik, eerst moest men werken aan beter onderwijs, meer werk en gelijke kansen voor moslims in Nederland. Nee, vond ook Ates, de moslim-gemeenschap is nog niet klaar voor een Nederlandse imamopleiding. Imam A. van Bommel herhaalde dat: “Een opleiding kan alleen wanneer er een breed draagvlak bestaat.”

En daar blijkt de schoen te wringen. De moslimgemeenschap kent vele stromingen en is sterk verdeeld. Mag bijvoorbeeld de Marokkaanse organisatie UMMON, waarvan wordt vermoed dat zij banden heeft met de autoriteiten in het land van herkomst, een stem hebben in de imamopleiding? Het Tweede-Kamerlid Rabbae, bekend tegenstander van het regiem van koning Hassan II, vond van niet. Daarentegen meende Ates van de Turks-islamitische federatie dat de relatief grote achterban van de UMMON niet zomaar aan de kant kan worden gezet. Verdeeldheid in de gelederen? “Zolang we in onze kliekjes en clubjes blijven steken, is een gezamenlijke imamopleiding een utopie”, zei Örgu.

Ook debatteerden de sprekers gisteravond over het profiel van de toekomstig imam in Nederland. Voor de een is hij een voorganger in gebed, voor de ander is hij een geestelijk verzorger die zijn gelovigen ook in ziekenhuizen en gevangenissen begeleidt. Rabbae zag in hem tevens smeerolie voor de Nederlandse maatschappij. “Hij moet de dialoog met andere godsdiensten en instellingen aangaan.”

Volgens imam Van Bommel moet de autoritaire imam drastisch veranderen - al was het maar om de leegloop van jonge moslims uit de moskeeën tegen te gaan. Van Bommel hekelde het triomfalisme, waarbij sommige imams de islam als enige, overwinnende religie zouden uitdragen. Dialoog en vraag-en-antwoord moeten volgens hem weer terugkeren. “Discussie is de basis van de islam. Zo is-ie tenslotte ook ontstaan.”

    • Yaël Vinckx