De NAVO was altijd al meer dan een schild

Uitbreiding van de NAVO is een logisch vervolg op de taak die het bondgenootschap in het verleden heeft vervuld, aldus Madeleine Albright, gisteren in een toespraak tot de ministers van buitenlandse zaken van de verdragsorganisatie. Hieronder een deel van haar rede.

In 1947, een halve eeuw geleden, nam Amerika de uiterst belangrijke beslissing om na het einde van de oorlog een Europese mogendheid te blijven. In plaats van te kiezen voor de illusie die het na de Eerste Wereldoorlog had gevolgd, voegde Amerika zich bij zijn Europese bondgenoten en bouwde echte veiligheid op. In maart van dat jaar vroeg president Truman het Amerikaanse volk, hoewel het moe was van de opofferingen en weinig trek had om nieuwe verplichtingen op zich te nemen, opnieuw mee te doen aan de strijd voor de toekomst van het continent. Hij zei “dat de vrije volken van de wereld naar ons keken voor steun bij de handhaving van hun vrijheden. Als wij aarzelend leiding geven, dan kunnen we de vrede van de wereld in gevaar brengen - en we zullen in elk geval de welvaart van onze natie in gevaar brengen”. Vanuit dat inzicht en die vastbeslotenheid om Europa vrij te laten blijven, ontwikkelde zich eerst de Trumandoctrine, vervolgens het Marshallplan en al gauw dit grote bondgenootschap. Ik stel er prijs op, bij het begin van het ambt dat ik nu bekleed, de Amerikaanse trouw te bevestigen aan de gevoelens die vijftig jaar geleden door president Truman tot uitdrukking werden gebracht.

Amerika staat naast Europa omdat de Amerikanen, ongeacht de politieke partij waartoe ze behoren, begrijpen dat het zowel in ons eigen nationaal belang als in het collectieve belang is dat we dat doen. Atlantische eenheid en Europese eenheid blijven ons gemeenschappelijk visioen. Als we vooruit kijken naar de komende vijftig jaar, dan is het ons vaste voornemen dat de NAVO zal blijven bestaan, zich zal aanpassen en de grondslag zal worden van een zich steeds verder uitbreidende Atlantische gemeenschap.

Om de toekomstige mogelijkheden van de NAVO te kunnen beoordelen, moeten we volledig de verworvenheden van het verleden begrijpen. De NAVO is altijd meer dan een schild ter verdediging geweest. De organisatie vormde het dak boven ons hoofd bij de herbouw van het naoorlogse Europa. Ze was de vloer waarop de eerste structuren van Europese eenheid werden gelegd. Ze vormde de deur waardoor onze eertijdse tegenstanders werden verwelkomd in onze familie van democratieën. Vanwege de kracht van de organisatie en de moed van haar leden, is ze een machtig afweermiddel tegen agressie geweest.

Vandaag beleven wij het voorrecht in een periode van relatieve stabiliteit en vrede te leven. Maar we weten uit de geschiedenis dat we deze zegeningen niet als een vaststaand gegeven kunnen beschouwen. Vrede is geen gave, maar iets dat telkens opnieuw verdiend moet worden. Vrede moet ook constant versterkt worden als we willen dat ze blijft. Daarom is de NAVO, een groot vredesinstrument, getransformeerd tot een organisatie die aangepast is aan de eisen van de nieuwe tijd. Onze strijdkrachten en onze strategie zijn veranderd. Niet langer staat de NAVO opgesteld tegenover enige vijand. Haar missie is de bevordering van vrede en samenwerking met allen die met haar mee willen werken.

Daartoe heeft het bondgenootschap een nog niet eerder vertoonde vorm van samenwerking opgezet voor de Europese veiligheid door het programma 'Partnerschap-voor-vrede'. Het heeft nieuwe taken op zich genomen, inclusief de historische missie in Bosnië die een einde heeft gemaakt aan het verschrikkelijke bloedbad daar en een opmerkelijke coalitie gemobiliseerd om de Dayton-akkoorden te helpen uitvoeren. En het vooruitzicht van uitbreiding heeft bijgedragen aan de oplossing van historische geschillen over grenzen en de rechten van minderheden in Midden- en Oost-Europa. Daardoor heeft de NAVO een van de grootste dromen van deze eeuw binnen bereik gebracht: een onverdeeld, vreedzaam Europa, waarin elk land vrij is en elk vrij land een bondgenoot.

Deze visie op Europa is niet het eigendom van één natie of van één groep. Het is een ideaal dat op het hele continent en aan beide kanten van de Atlantische Oceaan wordt gedeeld. En het wordt niet alleen gerealiseerd door de inspanningen van de NAVO maar ook door die van de Europese Unie, de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE), de Westeuropese Unie, de Raad van Europa en de democratische hervormers in alle betrokken landen (...).

Wanneer we nadenken over de volgende fase in de ontwikkeling van de NAVO, dan begrijpen we dat die onderdeel uitmaakt van en complementair is aan een breder proces. Maar we begrijpen ook dat we het bondgenootschap zich op de juiste manier moeten laten ontwikkelen als wij met Europa de toekomst willen bereiken die ons voor ogen staat. We moeten het goed doen.

Daarom hebben we onze koers zorgvuldig uitgezet, zijn we weloverwogen verder gegaan en zijn we samen opgetreden. Daarom hebben we ons gezamenlijk ten doel gesteld voor Oost-Europa te doen wat de NAVO vijftig jaar geleden voor West-Europa deed: integratie van de nieuwe democratieën, eliminering van oude haatgevoelens, vertrouwen in economisch herstel en het voorkomen van conflicten. Daarom is het helder welke weg we verder hebben te gaan.

Er hoeft geen twijfel over te bestaan dat de NAVO zijn interne aanpassingsproces zal voltooien. De organisatie zal toetredingsonderhandelingen beginnen, nieuwe leden opnemen, een raad voor Atlantisch Partnerschap opzetten en de deur voor nieuwe leden openhouden. Het bondgenootschap zal de relatie met Oekraïne versterken en het zal zijn uiterste beste doen een strategisch partnerschap voor de lange termijn te ontwikkelen met Rusland. Door aan deze koers vast te houden zal de NAVO zich blijven ontwikkelen en moderniseren gedurende de laatste jaren van deze eeuw tot in de nieuwe eeuw. We moeten onze beloftes gestand doen. En ik ben vol vertrouwen dat we dat ook zullen doen.

Over twintig weken komen de leiders van de NAVO-landen bijeen in Madrid. Die top zal geen wijziging brengen in de richting die we zijn ingeslagen, maar die veeleer bevestigen. Het is onze taak de komende vijf maanden om stap voor stap op alle fronten verder te komen. (...)

Het proces van uitbreiding begon drie jaar geleden tijdens de NAVO-top in Brussel. Het zal niet eindigen in Madrid. Ook zal het niet eindigen in een tweedeling tussen winnaars en verliezers, want uiteindelijk zullen allen die belang hebben bij een vreedzaam en democratisch Europa erbij winnen - of ze nu NAVO-lid zijn of partners van de organisatie.

Het is onze bedoeling de onderhandelingen over het lidmaatschap voor het einde van dit jaar af te ronden, zodat we de toelatingsdocumenten op onze bijeenkomst in december kunnen ondertekenen. Dat geeft ons de tijd het belangrijkste deel van het proces te voltooien: het overtuigen van onze parlementen en onze publieke opinie van de noodzaak van ratificatie van de veranderingen die we voorstellen. Dat proces van informatie en educatie is al begonnen en moet in elke lidstaat met kracht worden voortgezet.

Ik wil in dit verband opmerken dat president Clinton later deze week een rapport over uitbreiding van de NAVO aan het Congres zal voorleggen dat ook een raming van de kosten zal bevatten. Ambassadeur Hunter zal u hierover in de komende dagen nadere gegevens verstrekken.

Tijdens de decembervergadering kwam de raad overeen dat de eerste nieuwe leden in 1999 tot het bondgenootschap moeten toetreden. Tijdens de top in Madrid moeten we daar een stevige belofte van maken. Degenen die we hebben uitgenodigd moeten het vertrouwen kunnen hebben dat het toelatingsproces de laatste fase ingaat. En zij zullen bereid moeten zijn zoveel mogelijk alle verplichtingen van het lidmaatschap op zich te nemen op de dag dat zij toetreden.

Voor de landen die dit jaar niet worden uitgenodigd om toe te treden, maar die dat wel willen, moet de deur open blijven staan. De NAVO is altijd een dynamisch bondgenootschap geweest en is ook altijd bereid geweest gekwalificeerde nieuwe leden op te nemen. Die open deur is een stabiliserende kracht geworden en een stimulans voor aanhoudende democratische hervorming in het hele gebied. De belofte van uitbreiding draagt bij aan de eenwording van Europa. En dat is een belofte die moet worden gehouden.

De geïntensiveerde dialoog die we vroeger hebben gehad met potentiële NAVO-leden is essentieel geweest. We moeten dit voorjaar nog een ronde van zestien-plus-één gesprekken voeren om elke bondgenoot de kans te geven voor een directe discussie met potentiële lidstaten en om alle aspirant-leden een eerlijke kans te geven. (...)

Ons doel is een verenigd Europa. We moeten zeker stellen dat elke Europese democratie, of ze nu, later of helemaal niet tot de NAVO toetreedt, een rol heeft.

Een kritieke opdracht in de komende weken zal zijn het opzetten van een partnerschap met Rusland waarvan zowel Moskou als Europa duidelijk profiteert. Dit is geen zaak waarbij de winst van de ene partij verlies voor de andere betekent. Integendeel, de NAVO heeft erkend dat we geen één en vrij Europa kunnen vormen tenzij een democratisch Rusland integraal deel uitmaakt van Europa. En ik geloof dat de meeste Russen begrijpen, of zullen gaan begrijpen, dat de toekomst van hun grote natie het meest gebaat is bij een Europa zonder muren met een getransformeerde NAVO als gesprekspartner. (...)