Weweler-commissaris spant procedure aan tegen staat

ROTTERDAM, 18 FEBR. H. van Asselt, president-commissaris van de beursgenoteerde verenfabrikant Weweler in Apeldoorn, heeft een procedure tegen de Nederlandse staat aangespannen bij de rechtbank in Amsterdam. Dit heeft zijn advocaat, mr. R.Verbunt, vanochtend desgevraagd meegedeeld.

Van Asselt spant de procedure aan om de kosten te verhalen die hij heeft moeten maken voor het proces waarin hij verdacht was handel met voorkennis in aandelen Weweler. In september meldde Justitie geen grond te zien voor vervolging.

De president-commissaris ziet overigens af van een schadeclaim tegen de staat. Daags na het nieuws dat Justitie afzag van verdere vervolging, vertelde hij nog tegen deze krant waarschijnlijk een schadeclaim in te zullen dienen. “Ik ben blij met de beslissing van het OM, maar de zaak had natuurlijk nooit zover mogen komen”, zo zei Van Asselt toen. “Ik zal best terugvechten, maar op het juiste moment.”

Volgens zijn raadsman ziet Van Asselt af van een schadeclaim omdat hij uit de beslissing van Justitie om hem niet te vervolgen voldoende genoegdoening put. “Hij is terug als president-commissaris bij Weweler en wil dat er een einde komt aan die voorkennisdiscussie rond het bedrijf”, aldus Verbunt.

Van Asselt werd destijds, net als zijn dochter en schoonzoon, door Justitie van het bed gelicht en op het politiebureau verhoord. Het drietal werd verdacht van betrokkenheid bij misbruik van voorwetenschap bij de handel in aandelen Weweler. Van Asselts dochter mocht diezelfde middag weer naar huis. Hijzelf en zijn schoonzoon werden drie dagen vastgehouden.

Het openbaar ministerie maakte uiteindelijk op 20 september bekend dat Van Asselt en zijn dochter niet zullen worden vervolgd. Zijn schoonzoon werd in december tot drie maanden gevangenisstraf veroordeeld, een boete van 25.000 gulden en ontneming van de omstreden winst (ruim 32.000 gulden). Advocaat Verbunt wees er vanochtend op dat Van Asselt het besluit om af te zien van schadeclaimprocedure heeft genomen vóór de veroordeling van zijn schoonzoon.

De eerste en tot nog toe enige schadeclaimprocedure die tot nog toe in Nederland is aangekondigd in een voorkenniszaak is die van ondernemer Joep van den Nieuwenhuyzen. Van den Nieuwenhuyzen en Begemann, het beursfonds waarvan Van den Nieuwenhuyzen jarenlang topman/grootaandeelhouder was, claimen 1,2 miljard gulden van de Nederlandse staat en de Amsterdamse beurs wegens de schade die ondernemer en onderneming zouden hebben geleden tijdens de HCS-affaire. Deze zaak, waarin Van den Nieuwenhuyzen werd verdacht van handel met voorkennis in aandelen van het inmiddels failliete technologiefonds HCS, eindigde vorig jaar maart in definitieve vrijspraak voor Van den Nieuwenhuyzen.