Leden Japans Rode Leger opgepakt

TOKIO, 18 FEBR. De Libanese autoriteiten hebben ten minste vijf leden van het Japanse Rode Leger gearresteerd, onder wie een van de daders van het bloedbad op het vliegveld Lod in Israel. Dat heeft de Japanse premier, Ryutaro Hashimoto, vandaag meegedeeld. Volgens Japanse media heeft Japan de uitlevering van de arrestanten gevraagd.

Hashimoto vertelde verslaggevers door Beiroet te zijn ingelicht dat de Japanners waren opgepakt in de Beka'a-vallei. Onder hen is Kozo Okamoto, nu 49 jaar oud, die in mei 1972 deelnam aan de aanval op de luchthaven van Tel Aviv. In totaal drie Japanners haalden daar in de aankomsthal plotseling automatische wapens uit hun bagage en openden het vuur, waarbij 26 doden en tientallen gewonden vielen. Okamoto werd door de Israelische veiligheidsdiensten opgepakt - zijn medeplichtigen werden tijdens de actie zelf ook gedood - en tot een levenslange gevangenisstraf veroordeeld. Maar hij werd in mei 1985 vrijgelaten in het kader van een gevangenenruil, waarbij 1.100 Palestijnse en andere gevangenen van Israel werden geruild tegen drie Israelische militairen. Indertijd zeiden zijn bewakers dat hij in gevangenschap volledig gek was geworden.

Volgens de Japanse media zijn onder de arrestanten voorts Kazuo Tohira, een vervalser van documenten, en Hisashi Matsuda, een bankrover, die beiden in 1975 werden vrijgelaten in ruil voor de oplossing van een gijzelingsactie door het Rode Leger in het Amerikaanse consulaat in Kuala Lumpur. Tohira was in 1977 betrokken bij de kaping van een vliegtuig van Japan Airlines (JAL) in Dhaka.

Het Japanse Rode Leger, een zeer gewelddadige, ultra-linkse groep met grote sympathie voor de Palestijnse zaak, kwam in de jaren zeventig met een reeks internationale aanvallen in het nieuws, waaronder de bezetting van de Franse ambassade in Den Haag in 1974. Van de groep is, onder andere door arrestaties in de afgelopen jaren, inmiddels bijna niets meer over. (Reuter, AP)