Grote angst in België voor 'varkenskoorts'

In België, net over de grens, heet varkenspest “de varkenskoorts”. Dat is een verschil, maar dat is het enige. Want ook de Belgische varkenshouders leven, niet ten onrechte, in angst en vreze.

HOOGSTRATEN, 18 FEBR. “De schrik zit er hier goed in.” Dat zegt secretaris J. van Gastel van het bedrijfsgilde van varkenshouders van de Belgische Boerenbond in de grensstreek met Nederland.

Van Gastel heeft 600 vleesvarkens in Brecht. Nadat afgelopen weekeinde bekend werd dat in het naburige Nederlandse Rijsbergen varkenspest werd vastgesteld, is het in deze contreien het gesprek van de dag, aldus Van Gastel.

In de dorpen Meer, Meerle en Meersel-Dreef die tot de gemeente Hoogstraten behoren, kwamen Nederlandse bordjes te staan met het opschrift 'Klassieke varkenspest vervoer van vee verboden', omdat delen ervan binnen de straal van 10 kilometer van het Rijsbergense bedrijf liggen.

Wat verder daarvandaan zijn Belgische bordjes neergezet waarop staat dat het vervoer van varkens is 'gereglementeerd'. De twee slachterijen in het gebied zijn voorlopig van het vervoersverbod gevrijwaard. Daar loopt nu een corridor naar toe.

Op een varkensbedrijf in Meersel-Dreef zette een varkenshouder het bordje 'Stop' neer. De eigenaar: “Het enige wat we nu kunnen doen is hopen en vechten.” De politie zou in verhoogde staat van paraatheid zijn gebracht, hoewel daar maandagavond niets van te merken was. De Gazet van Antwerpen stelde vast: “Varkenspest houdt geen rekening met Belgische grenzen” en noteert ook dat de uitreiking, afgelopen zondag, van de Flanders Golden Pig Award als gevolg van de varkenspest “een wrange nasmaak” had.

In de Belgische streek ten zuiden van Rijsbergen, met Hoogstraten als centrumgemeente met naar schatting 200.000 varkens, heet de varkenspest “koorts”, de bedrijven “kwekerijen” en zijn de stallen doorgaans opgetrokken uit donkerrode baksteen. Maar voor de rest is er weinig verschil met de Nederlandse collega's.

Ook hier regeert de angst. Een varkenshouder aan de grote weg in Wuustwezel, die nog niet aan een vervoersverbod is onderworpen: “Iedereen is bang dat de koorts ook hier komt.” Hij put nog hoop uit het feit dat zijn bedrijf net als dat van de meeste van zijn collega's “gesloten” is. Dat wil zeggen dat zij de varkens zelf fokken en de biggen er ook worden afgemest, zodat er geen vreemd materiaal op het bedrijf komt. Dat hebben de Belgen geleerd van de varkenspest die in 1993 in hun land woedde en die leidde tot de vernietiging van 800.000 varkens.

De varkenshouder uit Wuustwezel laat een brief zien van de autoriteiten van 8 februari. Dat is vier dagen nadat in het Nederlandse Venhorst het eerste geval van varkenspest werd vastgesteld. In die brief staat onder meer dat het verzamelen van varkens verboden is, dat zieke dieren door de veearts op het bedrijf moeten worden afgemaakt, dat er ontsmettingsbakjes voor schoeisel aanwezig moeten zijn en dat in de stallen niemand anders dan de boer zelf mag worden toegelaten. Wie zich niet aan die voorschriften houdt, wordt “geblokkeerd”. Dat wil zeggen dat alle dieren op kosten van de boer worden weggehaald en vernietigd. “Dan pas je wel op”, aldus de varkenshouder.

De preventieve maatregelen zijn per circulaire van 11 februari gepreciseerd. “Het verzamelen op één vrachtwagen van biggen afkomstig van meer bedrijven voor afvoer naar één bestemmingsbedrijf is niet meer toegelaten. Voertuigen moeten grondig worden gereinigd”, zo staat het in de circulaire, die kracht van wet heeft. In het blad van de Belgische Boerenbond van 14 februari staat een foto van een in de lucht zwevend varken dat is gedood bij de massavernietiging in Boekel. De foto heeft als kop: “Op iedereen rust een grote verantwoordelijkheid” en verder: “Varkenhouders wees waakzaam, neem uw voorzorgen.”

Niemand in de Belgische grensstreek valt Nederland hard. De varkenshouder in Meersel-Dreef: “Je kan in deze zaak moeilijk schuldigen aanwijzen.” Toch is er kritiek. Van Gastel: “Dat er in uw land een dag voorbijging voordat het vervoersverbod werd afgekondigd, nemen we de autoriteiten wel kwalijk. De manier waarop Nederland in het begin de pest aanpakte is, denk ik, onvoldoende geweest. Er is immers nog zoveel bezoek geweest en men is doorgegaan met het transport van biggen naar België. Ik denk dat we er hier, gezien de ervaringen met varkenspest in het begin van de jaren negentig, toch wat korter op zitten en dat dat bij ons niet zou zijn voorgekomen.”

Veeartsen van de gezondheidsdienst Sanitel konden door een volgens Van Gastel “uitstekend identificatiesysteem” precies vaststellen waar de Nederlandse biggen terecht zijn gekomen. “Er zijn op bedrijven met Nederlandse biggen onmiddellijk bloedmonsters getrokken. De ziekte is tot nog toe nergens in België vastgesteld”, aldus Van Gastel.

Oud-voorzitter L. Debie van het varkensgilde, die zijn varkensbedrijf twee jaar geleden overdroeg aan zijn zoon die naast hem woont: “Waar we bang voor zijn is voor de illegalen die alsnog proberen biggen uit Nederland ons gebied binnen te brengen. Dat zijn de gevaarlijken. Daar moeten we ons als bedrijfsgilde met alle middelen tegen verzetten. Ik hoop dat de maatregel die minister Pinxten van Landbouw gisteren heeft afgekondigd om alle sinds 15 januari naar ons land uit Nederland ingevoerde varkens te vernietigen, afdoende zal zijn. Maar of dat zeker is, zal de toekomst moeten uitwijzen.”