Frans houseduo Daft Punk wil meer warmte in techno

Daft Punk heet de groep van het Franse duo Thomas Bangelter en Guy-Manuel de Homem-Christo. Maar met punk heeft hun muziek al lang niets meer te maken: ze maken elektronische dansmuziek. “Wij ontdekten house pas laat en daarom zijn wíj nog niet overvoerd”, zeggen zij.

Homework van Daft Punk is uitgebracht door Virgin (8 42609)

AMSTERDAM, 18 FEBR. Ongemakkelijk staat Thomas Bangalter achter de draaitafels. Een hondertal bezoekers heeft zich in de VPRO-radiostudio verzameld om een optreden van het nieuwe veelbelovende Franse techno-duo Daft Punk bij te wonen. Maar in de communicatie tussen Frankrijk en Nederland is iets misgegaan. Thomas Bangelter en Guy-Manuel de Homem-Christo hebben slechts een koffertje platen bij zich, waar ze nu maar mee pogen het publiek te vermaken.

Het is het soort misverstand dat in de house-wereld gemakkelijk kan ontstaan. Zoals zoveel muzikanten in deze hoek zijn Bangalter en De Homem-Christ behalve scheppend muzikant immers ook dj. 'Optreden' heeft inmiddels een dubbele betekenis gekregen.

De volgende dag in het hotel vertellen Bangalter en De Homem-Christo dat een écht live-optreden op dit moment niet eens mogelijk is. De twee zijn nog bezig om alle 'visuals' te maken, de juiste opstelling van hun apparatuur te bedenken en manieren te vinden om de elektronische muziek op een podium volwaardig te reproduceren. “In tegenstelling tot bijvoorbeeld The Chemical Brothers, die altijd een paar basistracks gebruiken, willen wij alles ter plekke genereren”, zegt Bangalter. “Het probleem is dat wij mijn slaapkamer als studio gebruiken. Die slaapkamer is helemaal volgebouwd met apparatuur maar dat kunnen we natuurlijk niet allemaal mee slepen op tournee.”

Dat Daft Punk een sensatie zou worden stond al vast voordat de debuut-cd Homework was verschenen. De singles die in het uitgaanscircuit te horen waren beloofden techno met een dwingende beat maar een lichte toon. Want in het anders zo serieuze techno-idioom verwerken Bangalter en De Homem-Christo allerlei komische relativeringen - vervormde stemmen die brallerige aankondigingen doen, verwijzingen naar Kraftwerk (in de vorm van het robot-achtige citaat 'Music Non-Stop') en kitscherige synthesizer-deuntjes.

“Voor de optredens zullen we die nummers in een soberder versie moeten spelen,een beetje uitgekleed”, zegt Bangalter. “Je kunt ons wat dat betreft vergelijken met een rockgroep. Zo'n groep maakt een verzorgde, met allerlei toeters en bellen opgesierde plaat en moet het op het podium met slechts bas, drums en gitaar doen.”

Ooit speelden Bangalter en De Homem-Christo, die nu tweeëntwintig zijn, zelf in een rockband. De muziek die de twee toen speelden werd door een recensent 'daft punk' ('dwaze punk') genoemd en zo ontstond de nieuwe bandnaam, al heeft de muziek weinig meer met punk te maken. Dat Bangalter en De Homem-Christo overstapten op elektronische muziek hing samen met het feit dat beide heren toentertijd achttien werden; de leeftijd waarop in Frankrijk een discotheek bezocht mag worden.

De Homem-Christo - die zich tijdens het interview uitsluitend bezig houdt met het oproken van de wiet-voorraad die niet mee naar huis mag - knikt instemmend als Bangalter vertelt dat daarmee een wereld voor ze open ging. “Het veranderde onze blik op muziek. Op dat moment was de rockscene in Frankrijk ingeslapen en wij hoorden ineens nieuwe, verrassende mogelijkheden. Elektronische dansmuziek was toen natuurlijk al jaren bezig, en dat hadden we allemaal gemist. Maar dat is juist wel goed, volgens mij, wij ontdekten house pas laat en daarom zijn wíj nog niet overvoerd. Dat is misschien wel anders als je al sinds 1988 in die hoek zit.”

Bangalter (en De Homem-Christo wellicht ook) heeft een heldere kijk op de techno van tegenwoordig. De flegmatische Bangalter windt zich zelfs even op als hij het heeft over de manier waarop veel techno gepresenteerd wordt. “Het is vreselijk. Omdat techno nu eenmaal met elektronica werkt te maken en minimaal klinkt, wordt het altijd geassocieerd met 'space', science fiction en computer-graphics. Het is zo'n stereotype geworden, artiesten gebruiken altijd weer die zelfde futuristische beelden voor hun presentatie. Dat vinden wij stom. Als de muziek minimaal is, dan hoeft de aankleding dat toch niet ook te zijn.

“Alles lijkt kil te moeten klinken en er ook kil uit te moeten zien. Wij willen het geheel 'warmer' maken. En daartoe hebben wij gekozen voor een ander cliché: dat van de Amerikaanse hiphop-graffiti van begin jaren tachtig. In die stijl hebben we ons logo gemaakt en zo zullen ook de beelden bij onze optredens er uit gaan zien. Wij kiezen voor kitsch en groteske dingen.”

In Franrijk staat Daft Punk in de hitparade. Het duo heeft er inmiddels een soort sterstatus bereikt: in de eerste week dat de cd uit was, werden er tienduizend exemplaren verkocht. Met veel vertoon van bescheidenheid noemt Bangalter house-pioniers die hem beïnvloed hebben, zoals Kevin Saunderson en Little Louis Vega. “En nu verdienen wij meer geld dan onze idolen ooit deden. Terwijl wij nog maar begin twintig zijn, en zij toch al eind twintig, begin dertig”, zegt hij. Om vervolgens te grijnzen: “Zoals je ziet, zelfs de godfathers van de house zijn eigenlijk nog jong.”

Hun eigen idolen-status bevalt Bangalter niet. Daarom dragen de twee tijdens tv-optredens en fotosessies altijd een masker, van een varken of een pop. Leek het de laatste jaren juist een trend dat house-muzikanten steeds vaker 'een gezicht' lieten zien, Daft Punk doet daar niet aan mee. “Het gaat alleen maar om de muziek, niet om ons.” Als de fotograaf even later komt, lopen de twee gedwee achter hem aan naar de gang, met ieder een masker van de feestwinkel in de aanslag.