Dateringen (2)

Het is niet alleen lollig om te weten hoe oud een woord is. Integendeel, soms kan een datering een wijd verbreide etymologie onderuit halen. Dat is bijvoorbeeld gebeurd bij de kleurnaam izabel. Izabel is een mengeling van bruinachtig geel en wit waarin geel de overhand heeft. Men spreekt ook van izabella of izabelgeel: allemaal keurige alternatieven voor 'piskleurig'.

Hoe komt deze kleur aan zijn naam? In de 19de eeuw dacht men dat dit te maken had met Isabella van Oostenrijk (1566-1633), dochter van Filips II en vorstin van de Zuidelijke Nederlanden. Toen Albert, haar man, vertrok om Oostende te veroveren, zou Isabella plechtig hebben gezworen pas weer een schoon onderhemd aan te trekken als de opstandige stad was gevallen. Maar Isabella onderschatte de taaiheid van de verdedigers van Oostende: het beleg duurde drie jaar, drie maanden en dertien dagen, van juli 1601 tot 22 september 1604. In zoveel tijd kan een kraakwit onderhemd - anderen spreken van een onderbroek - hartstikke izabelgeel worden, zo ondervond de Spaanse koningsdochter.

Een mooi verhaal, maar chronologisch onmogelijk. Dat ontdekten de samenstellers van de Oxford English Dictionary. Op een kledinglijst van koningin Elizabeth I kwamen zij 'one rounde gowne of Isabella-colour satten' tegen. De lijst dateert van juli 1600, dus van precies een jaar vóór het beleg van Oostende. Exit Isabella van Oostenrijk.

Er is nog geprobeerd izabelgeel in verband te brengen met Isabella de Katholieke, koningin van Castilië (1474-1504). Zij zou een vergelijkbare eed hebben afgelegd toen Granada in 1492 in handen viel van de Moren. Anderen noemen Gibraltar. Erg waarschijnlijk is dit niet, want izabelgeel is pas honderd jaar later voor het eerst aangetroffen. Toch meenden monniken van een klooster in Algeciras het oorspronkelijke onderhemd van de Spaanse vorstin te bezitten. Zij bewaarden het in een cederhouten doos met zilveren beslag. Een Nederlander die het daar in 1815 zag, schreef later: “Wij werden overtuigd, dat een Dames zoowel als een Heeren hemd er ongelukkig geel gaat uitzien na zulk een langdurig gebruik, al is dit ook herkomstig van eene Koningin.”

Hoewel de koninklijke pishemdtheorie bijna een eeuw geleden is ontmaskerd, staat zij nog steeds in bijvoorbeeld de Winkler Prins. Waar het woord izabel wel vandaan komt, is niet zeker. Sommigen leiden het af van het Arabische hizah, dat 'leeuwkleurig' betekent.

Ook een populaire etymologie van het woord tram is door een chronologische onmogelijkheid op de schroothoop terecht gekomen. Ook dat is nog niet voldoende doorgedrongen tot de Winkler Prins. Daarin wordt in de eerste plaats beweerd dat de naam tram afkomstig is van de Engelse ingenieur Benjamin Outram.In 1776 zou Outram in een kolenmijn in Sheffield als eerste ijzeren rails hebben toegepast voor het vervoer van kolen. Maar wie de biografie van Benjamin Outram erop naslaat, ziet dat dit onmogelijk kan kloppen. Outram is namelijk in 1764 geboren. Dat betekent dat hij in 1776 twaalf was. Niet echt een leeftijd om het transport in kolenmijnen te verbeteren!

Het is overigens wel juist dat Outram de houten rails in kolenmijnen door ijzeren liet vervangen, maar dat wil nog niet zeggen dat de tramway naar hem is genoemd. In de mijnen werd een vierwielig wagentje gebruikt dat tram werd genoemd. Nu kenden de Schotten dit woord al vóór 1500; het gaat uiteindelijk terug op het Nederduitse traam, dat 'balk' betekent. Maar in streken waar Outrams tramroads of tramways voor het eerst werden aangelegd, wist men dat natuurlijk niet. De mensen daar veronderstelden dat tramway een verkorting was van Outramway, naar de Britse ingenieur. In 1857 promoveerde S. Smiles deze zogeheten volksetymologie tot een waargebeurd verhaal. Vervolgens werd Outram in tientallen publicaties aangewezen als de vader van de tramway.

Al in 1882 toonde de grote Engelse etymoloog Walter Skeat aan dat het woord tram honderden jaren voor Benjamin Outram was aangetroffen. Maar onjuiste etymologieën zijn soms zeer resistent tegen wetenschappelijke bevindingen, vooral als ze anekdotisch van aard zijn. Daarom wijdde Outrams biograaf nog speciaal een alinea aan deze kwestie. “Vaak is verondersteld”, schreef hij, “dat Outram de uitvinder is van de tramways en dat het begrip 'tram' van zijn naam is afgeleid. Het is echter zeker dat dit woord al ruim voor zijn tijd werd gebruikt, zowel voor de rails in de mijnen als voor de wagentjes die erop reden.” Ook dat heeft niet geholpen.

De geschiedenis van het woord tram toont meteen aan dat je wat betreft het schatten van de ouderdom van woorden niet veel hebt aan je 'taalgevoel'. Toch blijken vrij veel mensen op basis van dit gevoel wel degelijk een mening te hebben over hoe oud bepaalde woorden en uitdrukkingen zijn. Vooral als zij een pregnante herinnering aan een bepaald woord hebben - bijvoorbeeld omdat zij dit in hun jeugd hebben leren kennen - kunnen zij zich bijna niet voorstellen dat het al bestond voordat zij het voor het eerst hoorden.

Dit is eenvoudig aan te tonen met een proefje. Hoe oud, denkt u, is het woord kopieermachine? Iedere generatie heeft daar zo z'n eigen mening over. Veertigers zullen geneigd zijn 'een jaar of twintig' te zeggen, zeventigers kunnen zich wellicht nog herinneren dat de firma Repetex voor de Tweede Wereldoorlog in speciale repeteerinrichtingen kopieermachines had staan. Maar het woord is nog veel ouder. Het overschrijven van teksten wordt al eeuwenlang kopieeren genoemd en aan het begin van de 19de eeuw zijn daar verschillende machines voor uitgevonden, onder andere in Engeland. “Ook hier te lande en elders zijn deze kopiëer-machines veel in gebruik”, schreef een naslagwerk in 1836. Het woord kopieermachine bestaat dus al zeker 161 jaar, we bedoelen er nu alleen een moderner apparaat mee.