Gewonde leeuw

Aan het eind van het toernooi in Las Palmas, december vorig jaar, zei Vasili Ivantsjoek dat hij overwoog om een aantal toernooien af te zeggen. Toen hij wegliep van de persconferentie vroeg ik hem of het betekende dat hij niet in het Hoogovenstoernooi zou spelen. “Ik weet het niet“, zei hij kortaf en hij liep door, maar even later draaide hij zich om en kwam hij weer terug. “Neem me niet kwalijk. Ik weet het echt niet. Het is onvoorstelbaar hoe zenuwslopend dit toernooi is geweest.“

Ik besefte wel dat hij in ware zielenood verkeerde, maar de weken daarna ergerde ik me toch aan zijn wispelturig gedrag, toezeggen, afzeggen, zich weer even over laten halen en ten slotte toch niet komen naar het Hoogovenstoernooi. Komaan, een beetje flink, de tanden op elkaar, dat kan toch wel? dacht ik. Misschien heeft Ivantsjoek dat ook gedacht toen hij zich liet overhalen om mee te doen in Linares. Het is zijn lievelingstoernooi, dat hij drie keer gewonnen heeft.

Maar de wonden waren nog niet geheeld. Na vier ronden had hij een half punt en zijn partij tegen Judit Polgar uit de vierde ronde was een van de slechtste die een topschaker ooit gespeeld heeft. Tegen de journalist Bjelica zei hij dat hij zich voelde als een gewonde leeuw waar iedereen jacht op maakte. Hij kon zich niet concentreren. Hoe deed Karpov dat toch? Die speelde twaalf toernooien per jaar, nu voerde hij weer campagne voor een zetel in het Russische parlement, wat was het geheim van zijn energie? Ivantsjoek bedacht dat zijn partij tegen Polgar de hele wereld over zou gaan. In alle schaakrubrieken zou dit korte en verschrikkelijke partijtje gepubliceerd worden, en niemand die het naspeelde zou weten hoe hij zich gevoeld had tijdens die partij.

Hij kondigde aan dat hij minstens een jaar niet zou schaken. Hij keek uit naar de match tussen Kasparov en Karpov, twee grote kampioenen. Hij hoopte dat Fischer nog eens zou spelen. Het was alsof hij zich al verheugde op een jaar niets doen.

In het verleden heeft men Ivantsjoek zien huppelen als een haasje na een overwinning en het hoofd tegen de muur zien slaan na een nederlaag. Hij heeft geen dempende laag om zijn ziel. Hij is als een demonstratiemodel van de topschaker, waarop nieuwsgierigen de schaakemoties in rauwe toestand kunnen zien.

Wit Ivantsjoek-zwart Polgar

1. d2-d4 Pg8-f6 2. c2-c4 g7-g6 3. Pg1-f3 Lf8-g7 4. g2-g3 0-0 5. Lf1-g2 d7-d5 6. 0-0 Pb8-c6 7. Pb1-c3 Misschien al de eerste stap op het verkeerde pad. 7...d5xc4 8. d4-d5 Pc6-b4 9. e2-e4 e7-e6 Het gambiet dat wit gespeeld heeft ziet er wel bijzonder slecht uit. Pion achter, en zwart heeft een mooi veld op d3. 10. Lc1-g5 h7-h6 11. Lg5-e3 Pb4-d3 12. d5xe6 Lc8xe6 13. h2-h3 Dd8-d7 14. Dd1-d2 Le6xh3 15. Le3xh6 Ta8-e8 16. Lh6xg7 Kg8xg7 17. Pf3-g5 Lh3xg2 18. Kg1xg2 Pf6-h5 19. Dd2-e3

19...Pd3-f4+ Wit gaf op. Na 20. gxf4 beslist 20...Dg4+ 21. Kh2 Th8 en na 20. Kg1 is 20...Dg4 ook beslissend. Het snelle einde van de partij moet voor Ivantsjoek als een verlossing zijn gekomen.

Jeroen Piket zal ook even geaarzeld hebben voor hij de uitnodiging voor Linares aannam, want het valt niet mee om twee dagen na een zwaar Hoogovenstoernooi tegen de sterkste spelers ter wereld aan te treden. Maar een uitnodiging voor Linares is niet iets om makkelijk af te zeggen. Piket pakte haastig zijn koffers, kwam niet meer op tijd voor de openingsceremonie, maar wel voor de eerste ronde, waarin hij Sjirov versloeg. Daarna ging het wat minder, maar al met al houdt hij zich goed staande tegen de elite en tegen Kasparov leverde hij een groots gevecht.

Wit Piket-zwart Kasparov

1. d2-d4 Pg8-f6 2. c2-c4 g7-g6 3. Pb1-c3 Lf8-g7 4. e2-e4 d7-d6 5. Pg1-f3 0-0 6. Lf1-e2 e7-e5 7. 0-0 Pb8-c6 8. d4-d5 Pc6-e7 9. Pf3-e1 Pf6-d7 10. Lc1-e3 De meest ambitieuze zet. Dapper, want in deze variant is Piket in het verleden verschrikkelijk verslagen door Kasparov. 10...f7-f5 11. f2-f3 f5-f4 12. Le3-f2 g6-g5 13. Ta1-c1 Pe7-g6 14. c4-c5 Een bekend pionoffer. 14...Pd7xc5 15. b2-b4 Pc5-a6 16. Pe1-d3 Dit systeem had Piket ingestudeerd samen met Kortchnoi, een andere liefhebber van de witte opstelling. 16...h7-h5 17. Pc3-b5 Lc8-d7 18. a2-a4 Lg7-h6 19. Tc1-c3 b7-b6 20. Lf2-e1 Tf8-f7 21. Pd3-f2 Multifunctioneel. Hij houdt zwarts g5-g4 tegen en opent de diagonaal van Le2 naar Pa6. 21...Pg6-h4 Natuurlijk is het niets voor Kasparov om zich met 21...Lc8 krampachtig aan zijn pion vast te klampen. 22. Pb5xd6 c7xd6 23. Le2xa6 Dd8-e8 24. Dd1-e2 Om na 24...Lxa4 de loper met 25. b5 te vangen. 24...g5-g4 25. f3xg4 Tf7-g7 Hier mist zwart een goede kans: 25...Pxg2! Na afloop analyseerden de spelers 26. g5? Pxe1 27. gxh6 Tg7+ 28. hxg7 Dg6+ en zwart wint en 26. Kxg2! hxg4 27. Dc2 Th7 28. Ph1 Dh5 29. Pg3 met ongeveer gelijk spel. De varianten (hier en ook in het vervolg) ontleen ik aan de schaakrubriek van Dirk Jan ten Geuzendam in Vrij Nederland 26. h2-h3 De8-g6 27. La6-b5 Ld7xb5 In dit soort stellingen is het altijd een opluchting voor wit als deze loper verdwijnt. 28. a4xb5 Ta8-f8 29. Pf2-d1 h5xg4 Zwart moet een twijfelachtig stukoffer brengen, anders is de zwarte aanval doodgelopen. 30. Le1xh4 f4-f3 31. De2-c2 g4xh3 Nu zou wit na het simpele 32. Tcxf3 winnend voordeel hebben. 32. g2-g3 Tf8-f4 33. Pd1-e3 Tf4xe4 34. Pe3-f5 Dg6xf5 35. Tc3xf3 Df5-g4

Wit zag tot zijn schrik dat alles wat hij de afgelopen zetten gedaan had op een misverstand berustte. De consequentie van zijn spel zou zijn 36. Tf8+ Kh7 37. Te1, maar na 37...Dxh4 38. Dxe4+ Dxe4 39. Txe4 Txg3+ 40. Kh2 Tb3 zou zwart ondanks het verlies van de kwaliteit groot voordeel hebben. 36. Kg1-h1 Het resultaat van wits dwaling is wel dat zwart gratis een sterke aanval heeft. 36...Te4-f4 37. Tf3-f2 Tf4xf2 38. Tf1xf2 e5-e4 39. Tf2-f6 e4-e3 40. Tf6-e6 Na 40. Txh6 beslist 40...e2 40...Dg4-f3+ Laatste zet voor de tijdcontrole. Met de vlag op vallen mist hij de winst die met 40...Tc7! 41. Tg6+ Lg7 binnen te halen viel. 41. Kh1-g1 Tg7-f7 42. Dc2-g6+ Lh6-g7 43. Te6-e8+ Tf7-f8 44. Te8xf8+ Kg8xf8 45. Lh4-e7+ Nu komt wit nog net met eeuwig schaak weg. 45...Kf8-g8 46. Dg6-e6+ Df3-f7 47. De6-c8+ Lg7-f8 48. Dc8-g4+ Lf8-g7 49. Dg4-c8+ Kg8-h7 50. Dc8xh3+ Lg7-h6 51. Le7-g5 Df7-f2+ Remise.